Nu aan het lezen:

Triple Threat

Triple Threat

Triple Threat is geen film die om diepgravende theoretische kaders vraagt, je tot voorheen onvoorstelbare inzichten zal laten komen of die hoogdravende opiniestukken tot gevolg zal hebben. Triple Threat komt het best tot zijn recht als hij gekeken wordt door een nostalgische bril: terwijl je terugdenkt aan het plezier dat je kon beleven aan straight-to-video actiefilms uit de jaren 80 en 90.

Voor lompe actie val je met Triple Threat al snel met je neus in het nepbloed: bij een aanval op een junglecomplex door een klein legertje schimmige huurlingen wordt iedereen afgeslacht, behalve Jaka (Iko Uwais). Jaka kan ook zijn vrouw niet redden, die voor zijn ogen neer wordt geschoten. Als Jaka op zoek gaat naar de twee gidsen die de groep door de jungle naar het complex hebben geleid, komt hij in een illegale vechtclub tegenover Long Fei (Tiger Chen) en Payu (Tony Jaa) te staan. Jaka verliest en zijn tegenstanders nemen hem mee om hem te verzorgen. Blijkbaar is bloedverlies namelijk prima op te lossen door een Thaise rijstmaaltijd naar binnen te werken. Long Fei en Payu vertellen Jaka dat ze er ook ingeluisd zijn door de huurlingen, die hen hadden ingehuurd voor een humanitaire missie. Het bleek echter een reddingsmissie te zijn om hun leider Collins (Scott Adkins) uit de bak te bevrijden: Long Fei en Payu werden daarna neergeslagen en in de cel gegooid met de andere gevangenen. De twee weten te ontsnappen en de arme gevangen dorpelingen te bevrijden voordat de gevangenis ontploft en zijn net als Jaka uit op wraak.

De huurlingen zitten ondertussen niet stil: de Chinese filantropisch ingestelde erfgenaam van een fortuin Xiao Xian (Celina Jade) wil met haar centen de criminaliteit en corruptie in de fictieve metropool Maha Jaya uitroeien en daar zit de plaatselijke onderwereld niet op te wachten. Dus Collins en zijn zwaar bewapende team, bestaande uit Joe (Michael Bisping), Mook (Jeeja Yanin), Michael Jai White (Devereaux), Steiner (Ron Smoorenburg) en Dom (Dominique Vandenberg) besluiten om hier met grof geschut een stokje voor te steken.

Het duurt niet lang voordat Long Pei en Payu zich ontfermen over Xiao Xian, terwijl Jaka op een ietwat verwarrende wijze probeert verschillende partijen tegen elkaar uit te spelen, waarbij hij zelfs zich op een bepaald moment bij de huurlingen aansluit (die er blijkbaar ook geen bijzonder kritisch screeningsproces op nahouden).

Dat Triple Threat zich afspeelt in een fictieve metropool die een soort melting pot is van verschillende Aziatische culturen is op zich een interessant gegeven: in plaats van een soort generiek Aziatisch land waarin iedereen min of meer vloeiend Engels spreekt (al dan niet nagesynchroniseerd door stonede Australische porno-acteurs, zoals de ervaring was met VHSjes uit de jaren 80), spreken de acteurs Mandarijn, Thais en Indonesisch. De personages worden door omstandigheden gedwongen om Engels met elkaar te praten, maar helaas maakt dat de dialogen een stuk minder vloeiend dan je zou willen. Wellicht waren ondertitels dan toch beter geweest, of desnoods wat nasynchronisatie. Vooral Jaa en Chen lijken moeite te hebben met de tekst en gooien dus hun clowneske trekjes en een straight-man routine in de strijd. Uwais heeft er minder problemen mee en Jade komt vloeiend uit haar woorden.

De huurlingen worden ook spraakzamer naarmate hun aantal afneemt. Waar Dom niet meer mag doen dat grommen en schreeuwen, krijgt ons aller Ron Smoorenburg nog een paar regels tekst en een puike vechtscène. Jeeja Yanin blinkt uit met het weinige materiaal dat ze krijgt en claimt de meest over-the-top killshot van de film. Bisping doet niet veel meer dan een gigantische berg spieren en testosteron te spelen, maar meer is ook niet nodig. Michael Jai White is naast gespierd ook één grote homp charisma en hij heeft overduidelijk veel plezier in zijn rol als amorele hufter. Adkins heeft nog niet door weten te breken naar een grote rol in een Hollywoodfilm: in Doctor Strange werd hij nog verslagen door een vliegende cape. Hij heeft dan wel niet het gigantische postuur van White of Bisping, maar hij doet wel zijn uiterste best om zoveel mogelijk decor te verorberen als klassieke, twee-dimensionale poepzak.

Het is jammer dat de film veel inzet op vuurwapengeweld terwijl de martial arts juist zijn wat je wil zien in een film als Triple Threat. En gelukkig, zodra de magazijnen leeg zijn en de squibs zijn ontploft, wordt er zeer verdienstelijk geknokt. Het is jammer dat het camerawerk af en toe het overzicht verliest, er wordt weleens ingezoomd of slow-motion gebruikt zonder dat het nodig is en de geluidsmix is ronduit slordig, maar vermakelijk blijft het wel. Als je echter verwend bent door titels als The Raid, Ong-Bak: Muay Thai Warrior, Chocolate en Headshot, dan valt het op dat er geen scène of stunt voorbij komt waar je kaak van op de vloer valt en je ogen uit je kassen gaan puilen.

Dat maakt Triple Threat geen slechte film, het blijft indrukwekkend om getrainde martial artists die allemaal met hun kleine teen de gemiddelde kijker kunnen reduceren tot een gelatineuze zak vol bloed, ingewanden en spijt, het tegen elkaar op te zien nemen. Maar ik hoop dat er een toekomstig project is waarin deze getalenteerde acteurs optimaal tot hun recht kunnen komen, met een minder verwarrend plot en minder onnodig gewauwel. Om Payu te citeren: ‘Less talk, just die.’

Leuk? Deel het even!
Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken