‘You’re still the good guy, warding off the bad guys’, drukt zijn moeder hem op het hart. Maar zo simpel kijkt de wereld niet naar Richard Jewell. Op 27 juli 1996 spot hij een verdachte rugzak onder een bankje in een park in Atlanta waar op dat moment een concert bezig is ter viering van de Olympische Spelen. Zijn oplettendheid voorkomt dat de bom, die niet veel later afgaat, veel meer slachtoffers maakt dan de twee doden en vele gewonden die vielen.

Maar het duurt niet lang voordat de ijverige beveiliger van held naar verdachte gaat. Hij past immers in het profiel: woont nog bij zijn moeder, is hongerig naar gezag en heeft een discutabel dossier opgebouwd bij vorige werkgevers. Zoals op de universiteitscampus waar hij te pas en te onpas studentenkamers binnenviel voor een huiszoeking en op de openbare weg mensen staande hield voor alcoholcontroles.

Het is verleidelijk Richard Jewell te lezen als pro-Trump. De film schopt immers tegen instanties die Donald Trump met regelmaat aanvalt en ondermijnt: de media en de FBI. En regisseur Clint Eastwood was jarenlang uitgesproken supporter van Trump. Maar onlangs liet hij weten zich nu te scharen achter de Democratische kandidaat Michael Bloomberg. En Eastwoods politiek is in zijn films vaak diffuser gebleken dan in de realiteit. Omdat hij als regisseur vooral inzoomt op menselijk gedrag, specifiek onder stress en gedrag vaak een stuk grilliger is dan politieke overtuigingen.

Uiteindelijk is Richard Jewell vooral een karakterstudie en een film die past in de recente reeks van Eastwood; films gebaseerd op waargebeurde verhalen waarin (veelal Amerikaanse) helden centraal staan, zoals ook in Sully en American Sniper. Een film die de vraag stelt wat we eigenlijk verstaan onder heldendom. Richard Jewell is een sullige loser met overgewicht die met zijn vreemdheden en overijverig gedrag geregeld plaatsvervangende schaamte oproept. Iemand die niet past in het plaatje van de Amerikaanse held en dat moet bekopen. En ook de mensen rond hem passen niet in dat beeld. Zoals advocaat Watson Bryant (Sam Rockwell), met zijn falende carrière en afritsbroeken. Of Richards moeder Bobi (Kathy Bates), die zich zorgen maakt om haar bakjes tupperware die de FBI meeneemt bij een huiszoeking.

In de verbeelding van de instanties waar Richard in vermalen dreigt te worden, gaat de film helaas de mist in. En dan vooral in de portrettering van journaliste Kathy Scruggs, die in 2001 overleed, hier gespeeld door Olivia Wilde. In de film wordt weinig verhullend gesuggereerd dat ze seks heeft met een bron in ruil voor informatie. Een op zichzelf al discutabele scène die ook nog eens deel is van een patroon dat benadrukt dat Kathy eigenlijk nauwelijks journalistieke kwaliteiten heeft, maar al haar successen te danken heeft aan haar seksuele aantrekkelijkheid. Zo geeft ze toe dat ze niet kan schrijven, dat laat ze aan een mannelijke collega over. En later vraagt de advocaat van Jewell schertsend hoe ze haar baan heeft gekregen, met een ondertoon die weinig ruimte laat voor twijfel over wat hij bedoelt.

De ophef werd aangeslingerd door de Atlanta Journal-Constitution, waar Scruggs voor werkte, wat de reactie ontlokte dat zij daarmee willen afleiden van het feit dat het artikel dat ze plaatsten journalistiek niet deugde. En hoewel dat ongetwijfeld waar is, doet de film in zekere zin precies hetzelfde door van wat een kritische of satirische blik op sensatiebeluste journalistiek had kunnen zijn een ordinair potje slut shaming te maken. Een geforceerd moment van inkeer bij Scruggs helpt daar niets aan.  

Maar wanneer Richard Jewell dicht bij zijn titelpersonage blijft, is het een genietbare film, niet in de laatste plaats door de fenomenale hoofdrol van Paul Walter Hauser. In I, Tonya en BlacKkKlansman was hij al memorabel in bijrollen. Hier krijgt hij een rol waar hij verrassend veel diepte en kleur aan weet te geven. Richard is een man die misschien niet de slimste is, maar wel slim genoeg om door te hebben dat mensen hem niet voor vol aan zien. Die zich in zijn gretigheid om respect te krijgen van de autoriteiten door de FBI laat inpakken, maar toch steeds niet zo dom blijkt te zijn als zij denken dat hij is. Een man waarvan de goedbedoelenden rond hem steeds de neiging hebben hem tegen zichzelf in bescherming te nemen, maar hem daarmee ook de kans ontnemen voor zichzelf op te komen.