Hollywood wordt wel The Dream Factory genoemd. Dat wij in Nederland ook kunnen dromen bewijzen drie films die ik zag op het Nederlands Film Festival.

Een van mijn favoriete strips aller tijden is The Sandman van Neil Gaiman. In het eerste verhaal wordt Morpheus, de god van de dromen, gevangen genomen, waarna overal ter wereld mensen problemen krijgen met hun slaap. Ik moest eraan denken bij de documentaire In de armen van Morpheus van regisseur Marc Schmidt, waarin hij verschillende mensen met slaapproblemen interviewt: van iemand die op gevaarlijke wijze slaapwandelt en daarbij mensen aanvalt tot iemand die elke keer ontwaakt net op het punt dat ze in slaap lijkt te vallen. Ook worden mensen met narcolepsie, slaapverlamming en exploding head syndrome geinterviewd. 

Schmidt maakt dankbaar gebruik van de droomachtige kwaliteiten van het onderwerp. In cameravoering, editing en belichting vertaalt hij de ervaringen van zijn hoofdpersonen visueel. Zo is er een dromerige passage waarin een van de geïnterviewden toekijkt hoe ze zelf vertelt over een droom, waarbij Schmidt op subtiele wijze de achtergrond digitaal bewerkt om overeen te stemmen met haar beschrijving. 

De geïnterviewden, en dat is opvallend, blijken zelf ook bijna allemaal hun ervaringen te delen via kunst. De man met exploding head syndrome, waarbij hij bij het in slaap vallen schelle nare harde geluiden hoort en pijn voelt, maakt noiserock. De slaapwandelende vrouw met hevige nachtmerries maakt dromerige schilderijen en loopt letterlijk door het leven als clown, een artistieke expressie waar ze zich prettig bij voelt. Weer een ander schrijft gedichten. In de armen van Morpheus toont op effectieve wijze de manier waarop artistieke expressie en droomwerelden met elkaar samenhangen; slaap als schaduwzijde van het echte leven.

Ook Het leven is een droom deedThe Sandman opdoemen voor mijn geestesoog. In de comic wordt verteld over iemand die, nadat Morpheus gevangen is, niet meer wakker wordt en permanent droomt, onbereikbaar voor de buitenwereld. Hetzelfde beeld schetst Vanesa Abajo Pérez in Het leven is droom, waarin de twee eeuwig slapende dromers haar ouders zijn. De Spaans-Nederlandse Pérez heeft altijd het gevoel gehad op te moeten boksen tegen de verwachtingen van haar ouders, Spaanse migranten in Nederland, die hun dromen van een beter leven op haar projecteerden.

Pérez komt zelf amper in beeld. Wel filmt ze details van het huis waarin ze opgroeide: de telefoon waarop haar vader, voor de zoveelste keer, een bemanende boodschap inspreekt; de slapende kat in het zonlicht voor het raam. De lome, dromerige beelden sussen de kijker bijna in slaap, maar dat is positief. De beelden van Pérez’ slapende ouders, met een vlieg op de mond, hebben een morbide sfeer. Alsof ze dood zijn. Het surrealistische effect wordt versterkt door de voice-over, waarin Pérez constant schakelt tussen Spaans en Nederlands, alsof ze schippert tussen droom en werkelijkheid. 

De vorm is uiteindelijk té specifiek om echt overtuigend een droomstaat te creeëren, want dromen zijn immers niet zo rechtlijnig qua vorm. Maar Pérez schetst wel overtuigend haar persoonlijke verhaal en de druk die ze voelde: de film is hermetisch gesloten en benauwend. Het werkt voor wie ervoor openstaat.

When Forever Dies gaat niet expliciet over dromen, maar is wel de meest fantasmagorische film van de drie. Regisseur Peet Gelderblom vertelt het verhaal van De Eeuwige Man en de Eeuwige Vrouw (ook hier zijn gedachten aan The Sandman niet ver weg), waarbij de strijd tussen de seksen verbeeld wordt met een scala aan archiefbeelden uit de collectie van het Eye Filmmuseum. Daarin herkennen we klassiekers als Häxan en La Passion de Jeanne d’Arc, maar ook een heleboel nagenoeg vergeten films. 

Het is een weelde aan beelden, waaronder prachtige animaties en advertenties uit de animatiestudio van Joop Geesink. Gelderblom giet dit materiaal in een verfrissende vorm, met een opzwepende soundtrack, een overdaad aan split-screens en montagetruukjes, en een ietwat brutaal gevoel voor humor. Hij schuwt tevens de grote thema’s niet, van Liefde (met een hoofdletter) en het concept van eeuwigheid tot de manier waarop film ons wereldbeeld vormt. De werktitel van de film was Kaleidoscope, en die titel is treffend; net als bij een kaleidoscoop bekijken we één visie, die van Gelderblom, doormiddel van een enorme verzameling beelden. 

Maar toch, hoewel we hier duidelijk te maken hebben met de visie van één persoon die iets wil vertellen, is de film niet eenduidig. Er blijft ruimte voor interpretatie, al is het bijvoorbeeld maar in hoe Gelderblom de genderpatronen van zijn film bedoelt: bedient hij zich van aftandse stereotypes op satirische en ironische wijze, om aan te tonen hoe sleets en platgetreden deze ideëen over sekse-onderscheid zijn? Of probeert de film juist deze archetypes nogmaals stevig neer te zetten? Ik als non-binaire homoseksueel (die zich dus niet per direct zal herkennen in het aloude liefdesverhaal van de Eeuwige Man en de Eeuwige Vrouw) zal waarschijnlijk met een andere conclusie komen dan een conservatieve heteroseksuele cisman die dezelfde film kijkt. When Forever Dies is niet alleen een kaleidoscoop, maar ook een Rorschachtest.