Het zat Mulan op allerlei fronten niet mee, voordat er ook maar een seconde van de film te zien was. Eerst was er de controverse over het whitewashen van personages omdat in een eerdere versie van het script een belangrijk personage niet Aziatisch maar wit was. Vervolgens kwam hoofdrolspeler Yifei Liu in opspraak omdat ze steun leek te betuigen aan de politie in Hongkong. Als kers op de taart sloeg de coronacrisis in net voordat de film in bioscopen te zien zou zijn. Nu is hij alleen te bekijken via Disney+ en moet je er nog  22 euro extra voor neerleggen ook.

Dat terwijl de film een bioscoopscherm verdient: elk shot is prachtig. De landschappen, kleuren, de wapperende haren van Mulan, de martial arts-actiescènes. Voor het verhaal kun je echter beter de versie uit 1998 bekijken. De nieuwe versie is chaotischer, de thema’s minder goed uitgewerkt en sommige scènes duren te lang terwijl andere zo snel voorbij zijn dat je niet snapt waarom een personage bepaalde keuzes maakt. Dat komt omdat de scenaristen (Rick Jaffa, Amanda Silver, Elizabeth Martin, Lauren Hynek) en regisseur Niki Caro (allen overigens wit) op meerdere vlakken afwijken van het oorspronkelijke verhaal, wat helaas niet altijd goed heeft uitgepakt.

Zo bevat deze nieuwe Mulan veel meer Disneymomenten dan het origineel. Van die momenten waarop een personage op gewichtige toon tegen een ander zegt: ‘She’s the best warrior amongst us.’ of momenten waarop Mulan haar haren in slowmotion losgooit en haar ware identiteit toont. Het zijn scènes die emotionele snaren weten te raken door hoe muziek en beeld samenkomen. De kans is groot dat je er waterige ogen door krijgt, maar de portee van die momenten is er zo dik bovenop gelegd dat je tegelijkertijd ook met je ogen wil rollen. In de beste Disneyfilms ontroeren zulke scènes zonder dat ze sarcasme oproepen, omdat je de ontwikkeling van de personages gelooft en achter ze staat. Muziek dient dan alleen ter ondersteuning.

Behalve de juiste dosis emotie is ook humor ver te zoeken in deze film. Wie hoopte op het draakje Mushu moet het doen met een af en toe rondvliegende feniks, die weinig meer dan esthetiek brengt – geen bondgenoot die Mulan de moeilijke momenten doorhelpt, geen sarcastische grappen, geen personificatie van de diepe connectie met haar voorouders.

Met de ‘heks’ Xianniang (Li Gong), die de handlanger is van slechterik Böri Khan (Jason Scott Lee), is er een vrouwelijk personage bijgekomen dat als enige doorheeft dat Mulan zich vermomt als man om mee te kunnen vechten met het leger. De twee vrouwen lijken op elkaar omdat ze allebei iets anders willen dan de traditionele vrouwenrol vervullen, maar daarbij botsen ze op tegen onbegrip van hun omgeving. Xianniang kiest voor het slechte pad en gebruikt haar magie om acceptatie af te dwingen, terwijl Mulan door nobel te zijn hoopt op een plek voor een vrouw als zij binnen de bestaande samenleving.

Waar Mulan in het nummer Reflection uit de oorspronkelijke film zingt over haar zoektocht naar haar ware zelf en over hoe ze zichzelf niet herkent in haar spiegelbeeld, krijgt ze in deze nieuwe versie dus een levende evenknie. Dat is een interessante verschuiving, waarmee het thema authenticiteit uitgediept zou kunnen worden. Het was nog mooier geweest als Mulan meer had getwijfeld over of ze niet ook dat andere pad moet bewandelen, of ze niet bozer moet zijn op de samenleving die haar liever wil zien als een gedienstige vrouw die trouwen als enige ambitie heeft. Nu is Xiannang, die levende reflectie, weinig meer dan een leuke toevoeging die esthetisch goed werkt, maar thematisch gezien minder. Daarmee is het personage een accurate metafoor voor hoe deze film zich verhoudt tot het origineel uit 1998: een gestileerd spiegelbeeld dat gebaat zou zijn bij iets meer diepgang.