Het is alweer november en dat betekent dat het Leiden International Film Festival is losgebarsten. In dit eerste festivalverslag een aantal films over mensen die vastzitten. In al dan niet gelukkige huwelijken, op een Schots eiland of in een gat in de grond.

Janet (Kerry Bishé) en Tom (Joel McHale) zijn al veertien jaar gelukkig getrouwd. Maar echt heel gelukkig getrouwd. Ruzie hebben ze zelden, seks daarentegen elke dag. Minstens één keer. Happily begint als een grappige ontleding van wat we eigenlijk verstaan onder een goed huwelijk. De vrienden van Janet en Tom ergeren zich aan hun perfecte huwelijk en wantrouwen het. ‘I guarantee it,’ fluisteren ze achter hun rug om, ‘those people are just as miserable as everybody else.’

Dat wantrouwen groeit ook bij de kijker wanneer een man met een koffertje op de stoep verschijnt bij het echtpaar. Hij biedt zijn verontschuldigingen aan, mompelt wat over “malfunctions” en biedt hen elk een spuitje aan waarmee ze “just like everybody else” kunnen worden. BenDavid Grabinski is goed in het op de rails zetten van het mysterie, maar weet er vervolgens niet goed richting aan te geven. Het laatste deel van de film, waarin het stel samen met een aantal bevriende koppels in een villa komt vast te zitten, stelt daardoor een tikje teleur door af te stevenen op een toch vrij conventionele en voorspelbare conclusie.

Ook in het leuke Werewolves Within van Josh Ruben komt een aantal mensen vast te zitten in een huis. In dit geval raken bewoners van een slaperig Amerikaans stadje ingesneeuwd in een afgelegen boshut. Ruben verfilmt hiermee de gelijknamige videogame, en net als daarin is al snel duidelijk dat zich een weerwolf in het gezelschap bevindt. In Cluedo-achtige stijl probeert het bijeengeworpen zooitje ongeregeld die weerwolf te ontmaskeren voordat er meer slachtoffers vallen.

Werewolves Within is een horrorkomedie met de nadruk op het tweede deel van die som. Echt eng wordt het nergens, maar grappig is de film wel geregeld. Hoewel uit een aantal personages meer gehaald had kunnen worden, vormen Sam Richardson en Milana Vayntrub een aanstekelijk duo als de nieuwbakken respectievelijk boswachter en postbode in Beavertown. Dat de film onder de humor ook nog iets wil zeggen over gemeenschapszin voelt een beetje geforceerd maar kan de pret niet drukken.

In Limbo zijn het heel andere omstandigheden die de personages vasthouden. Deze komedie met een droevig randje gaat over een groep vluchtelingen die op een Schots eiland de behandeling van hun asielaanvraag afwacht. Ze slijten hun dagen met dvd-kopietjes van Friends en integratielessen, die gegeven worden door een prettig absurdistisch spelende Sidse Babett Knudsen.

Met stilstaande kaders en een vierkant beeldformaat onderstreept regisseur Ben Sharrock de stasis waarin de personages zich bevinden. Hoofdpersoon is de Syrische Omar (Amir El-Masry), die in zijn thuisland een beroemde muzikant was maar nu gereduceerd waartoe al deze mannen zijn gereduceerd: een vluchteling. Subtiel laat Sharrock zien hoe die status als het ware hun identiteit heeft overschreven. Omar kan zich niet meer herinneren hoe hij muziek moet maken, alsof hij niet meer kan bij wie hij was voordat hij vluchtte.  En met het terugvinden van de muziek, vindt hij ook iets van zichzelf terug.

Ook in John and the Hole wordt een vierkant beeldformaat gebruikt om een situatie van vastzitten te benadrukken. Waarbij in deze film ook nog eens steeds kaders binnen kaders worden gecreëerd. Maar thematisch staat dit speelfilmdebuut van Pascual Sisto ver af van Limbo. De John uit de titel is een witte jongen uit een welgesteld gezin, wonend in een villa grenzend aan een bos. In dat bos ontdekt hij een nooit afgemaakte bunker. Op een avond drogeert hij zijn ouders en zus en sleept ze naar dat betonnen gat, waar hij ze vervolgens gevangen houdt.

Waarom John precies doet wat hij doet blijft diffuus en John and the Hole is het soort film dat menig filmkijker zal irriteren als te bedacht vaag en pretentieus. En er zitten ook zeker aspecten in de film die dat sentiment rechtvaardigen, zoals een tweede plotlijn waarvan nooit helemaal duidelijk is hoe die zich tot de eerste verhoudt en de titel die na een half uur in beeld verschijnt. Maar op de beste momenten heeft John and the Hole iets oprecht verontrustends en visueel is de film ijzersterk.

Tot slot is er de geflipte animatiefilm Cryptozoo van Dash Shaw, waarin niet mensen, maar zogeheten ‘cryptids’ gevangen zitten. Cryptids zijn wezens waarvan het bestaan niet vaststaat, maar die volgens sommigen misschien dus wel bestaan. Mythische wezens als eenhoorns en centaurs. Dierenarts Lauren Gray heeft het haar levenstaak gemaakt om deze wezens uit handen te redden en houden van stropers en handelaars. Vooral de zachtaardige Baku, een wezen uit Japanse folklore die zich voedt aan nachtmerries.

Ze brengen de geredde cryptids onder in een opvang vermomd als dierentuin. Of misschien is het andersom. Want is deze wezens in kooien zetten nu echt het beste voor hen? Of is het de enige manier om ze een veilig leven te bieden? De Jurassic Park-associaties zijn niet ver weg in deze Cyrptozoo, die op de vooravond van opening staat en dat wordt versterkt wanneer de wezens losbreken en chaos creëren. In dat deel kan Shaw heerlijk losgaan met zijn psychedelische en kleurrijke visuals in wat zonder twijfel een van de vreemdste films van het festival is.