Nu aan het lezen:

In Fabric

In Fabric

De knipogen van In Fabric pleiten dit ordinaire schouwspel niet vrij. Het is vooral onaneren voor een selectieve doelgroep, zonder relevantie voor de echte wereld.

Dat de film over een moordlustige jurk gaat blijkt na een Psycho-achtige twist, maar dan zonder de angstwekkende terreur. Tot dan toe was Marianne Jean-Baptiste het enige lichtpuntje als de innemende vijftiger Sheila, die voorzichtig weer het liefdesleven instapt na een echtscheiding. Ook het lulletje rozenwater Reg en zijn verloofde, de bazige Babs, krijgen het te verduren. Reg wordt eigenaar van de jurk dankzij een vrijgezellenfeest dat de vraag oproept hoe hij het in hemelsnaam volhoudt met al die horken.

Voor de rest is er een of ander mysterie rond de oorspronkelijke verkopers van de jurk, het buitenissige warenhuis Dentley & Soper. En net zoals bij de ergste excessen van inspirator David Lynch lopen ook hier een boel irrelevante figuren rond.

Die -Lynch-inspiratie uit zich vooral in de buitenaardse sfeer van de karikaturale Dentley & Soper medewerkers, terwijl Sheila’s bazen Stash en Clive eerder de humoristische kant opgaan. Maar in plaats van het unheimische van Lost Highway of de genegenheid van The Straight Story, komen de personages hier te gekunsteld over en daarmee de atmosfeer flets. In de kitscherige omgeving uit het draaiboek van de Italiaanse horrorfilms gebeuren de curiositeiten zonder resonantie.

Het is een aaneenschakeling van pover uitgewerkte sfeerstukjes, voor de goede orde afgewisseld met banaliteiten. De vulgaire erotiek van een menstruerende paspop en toekijkende onaneur is van eenzelfde schunnigheid als John Waters (Pink Flamingos), maar dan voorzien van de pretentie dat er meer gaande is door de overdreven plasticiteit van alles. In werkelijkheid is dit pronken en pralen middels het choqueren van goede zeden, alsof deze een berisping nodig hadden. Goedkope punten scoren over commercie of erotiek betekent niet ruim baan voor zulke goedkope trucjes om te imponeren.

Net als lege huls The Neon Demon grijpt In Fabric opzichtig terug naar een kunstmatige jaren 80-esthetiek om te gronden in specifieke genrefilms. Zonder kennis van dat stuk popcultuur gaan de knipogen op in rook. Volgens filosoof John Zerzan is kunst dankzij haar inherente symbolisering een vorm van vervreemding als gevolg van de scheiding tussen een individu en de wereld. Dat lijkt zeker het geval voor dit type films. De vet aangezette camp heeft buiten de wetende intimi om weinig van doen met het echte leven. Het is navelstaren binnen de popcultuur, een soort surrogaatactiviteit die weerhoudt van kritische reflectie.

In Fabric treedt als showman op voor eigen bühne. Dat dit op een intellectueel niveau gebeurt, betekent niet dat de film superieur is aan hetgeen regisseur Peter Strickland lamlendig in de blender gooit. Banaliteiten blijven banaal, goedkope trucs blijven goedkoop.

Leuk? Deel het even!
Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken