Nu aan het lezen:

IDFA – verslag 3

IDFA – verslag 3

Het woord ‘Europa’ werd het afgelopen jaar vaak in één adem genoemd met ‘crisis’ en ‘problemen’. Ook documentairemakers hebben zich op dit aktuele onderwerp gestort, getuige de flinke oogst aan films over het oude continent. Al hebben sommige makers duidelijk een veel optimistischer film gemaakt dan je na alle ellende zou verwachten.

De openingsfilm van het 29e IDFA is voor de derde keer op rij een Nederlandse documentaire. Maar na het persoonlijke A Family Affair van Tom Fassaert vorig jaar en een docu over het jubilerende Concertgebouworkest in 2014 (Om de wereld in 50 concerten van Heddy Honigmann) is het dit jaar de beurt aan een politiek essay. Stranger in Paradise gaat over de vluchtelingencrisis die Europa al geruime tijd in zijn greep houdt. Maar in deze film geen beelden van aangespoelde jongetjes, chaotische taferelen op stations in Oost-Europa of tentenkampen op Griekse eilanden. Nee, filmmaker Guido Hendrikx maakt er haast een klassiek toneelstuk van, met een proloog, drie aktes en een epiloog.

Het uitgangspunt is een klaslokaal met een groep vluchtelingen en asielzoekers uit Afrika en het Midden-Oosten. Aan het hoofd een blanke man die Europa vertegenwoordigt. In de eerste akte wordt de ‘gelukszoekers’ duidelijk gemaakt dat ze de samenleving vooral veel geld kosten, dat het krijgen van een baan een fata morgana is en dat ze vooral hun eigen land op orde moeten krijgen. In de tweede akte presenteert de blanke man zich als weldoener die alle grenzen wil opheffen, omdat er voor iedereen ruimte is.

En in de derde akte komt de ‘homo economicus’ aan het woord die de zaken vooral cijfermatig en pragmatisch  bekijkt. Deze structuur geeft de film een hoog abstractieniveau en juist daarom werkt Stranger in Paradise zo goed. Door het los te trekken van het nieuws van de dag zet de film pas echt aan tot denken. Fijn is ook dat in de epiloog de film ineens een scherpe meta-bocht maakt. Ook de filmmaker en de blanke man (een acteur) zijn niet vrij van belangen. De documentaire is ook een economisch product die de wereld rond zal gaan op festivals. Strange indeed.

Stranger in Paradise

Frans Timmermans is het cliché voorbeeld van de optimistische Europeaan. Onvermoeibaar verdedigt hij het ideaal van een vrij, democratisch en verenigd Europa. Filmmaker Dirk Jan Roeleven kreeg van hem toestemming om een jaar lang in zijn schaduw mee te lopen. Roeleven mocht bijna alles filmen, zowel de privé-momenten als vergaderingen op hoog niveau in Brussel en New York. De Europeaan – zoals de film toepasselijk heet – is een goed gemaakte documentaire die vooral een gedreven iemand laat zien, zowel in de Europese Commissie als in het stadion van ‘zijn club’ Roda JC. Timmermans – volgens eigen zeggen een geboren diplomaat – is eerlijk over zijn frustraties en open over zijn privéleven.

Toch blijft er veel aan de oppervlakte hangen. Als kijker kom je weinig te weten over het echte politieke onderhandelen, daar blijven veel deuren toch voor gesloten. En over zijn gezin merken we ook niet veel meer dan dat hij schoenen voor zijn dochter meeneemt en met zijn zoon naar voetbal gaat. Wel is De Europeaan een uitstekend portret van een bevlogen politicus. En Roeleven laat na de wielren-film Nieuwe Helden zien dat hij een documentairemaker is om goed in de gaten te houden.

De Europeaan wordt maandag 21 november ook uitgezonden op NPO 2 om 20.25.

Een groot contrast met het Euro-optimisme in De Europeaan is Coeuropa, een film van de Italiaanse kunstenaar Giovanni Troilo over de Belgische stad Charleroi waar hij nu woont. De betonnen grauwheid spat van het scherm, maar toch zou het te makkelijk zijn om een beeld uit de film van het metrostation Paradis alleen als ironie af te doen. Het is een visueel spannend gemaakt essay over de schoonheid van de menselijke overlevingsdrang. De stad is vervallen en haveloos, na de teloorgang van de kolenmijnen. Maar de mensen vormen nog steeds het kloppend hart van de stad. Coeuropa is vooral een ode aan hen.

Coeuropa

Op een hele andere plek in Europa, in een klein Bulgaars dorp vlakbij de grens met Turkije, heeft de vluchtelingencrisis een heel ander effect. In The Good Postman moet een nieuwe burgemeester worden gekozen, maar de stromen Syriërs die vlak langs het dorp trekken, hebben een flinke invloed op het verkiezingsproces. Postbode Ivan wil de vluchtelingen met open armen ontvangen. Voor hem is dit de enige mogelijkheid om het dorp nog wat nieuw leven in te blazen. Daar tegenover staat een andere kandidaat die het dorp wil houden zoals het was en geen vreemdelingen wil hebben. Met veel liefde voor de mensen en het landschap schetst Tonislav Hristov een beeld van een dorp dat ongewild wordt meegesleurd door de grote immigratiekrachten. Door de humor en empatische blik van de filmmaker levert het geen zwaar politieke film op, maar een geruststellend beeld op micro-niveau van de grote problemen uit bovenstaande films. En de behoudende kandidaat krijgt alleen de stem van zijn moeder. Alsof Hristov wil zeggen: het komt allemaal wel goed met Europa.

 

Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken