LvH: ‘Hiya peeps! Hoe is het met vous? Voel je je alweer wat beter, Theodoor? En zijn jullie al uitgeklust in de keuken, Eline? Ik beloof dat ik het niet alleen maar over Kaboom zal hebben, maar ik zal het niet kunnen laten om hier en daar wat tips te geven voor de lezers aan het thuisfront. Nog bedankt voor de fijne filmervaring met de Cinema of the Dam’d, Theodoor! Ik heb erg genoten van alles wat ik heb gezien en The Velocipastor was hilarisch! Wat heeft je nog meer bezig gehouden de afgelopen week?’

TS: ‘Ik ben nog steeds herstellende van Covid, dat een iets langere adem bij mij heeft dan ik aanvankelijk gehoopt had. Het zorgt er voor dat ik eigenlijk wel gedwongen moet ontspannen en ontstressen en ik ben daar niet heel goed in. Gelukkig heb ik weer een tweetal pareltjes ontdekt op de Switch die me al een tijdje zoet houden.

De eerste game die ik speel heet TOEM en is heerlijk ontspannen. Je speelt een fotograaf die allemaal kiekjes moet maken in opdracht van de vriendelijke plaatselijke bevolking. Denk dus aan de ‘fetch quests’ in Zelda, maar dan gecombineerd met de fotografie van bijvoorbeeld Pokemon Snap. TOEM heeft echter een heel eigen stijl en sfeertje, wat komt door de prachtige vormgeving in monochroom zwart-wit met lichte grijstinten. De animatiestijl is schattig, de vormgeving uniek, en de setting doet denken aan Scandinavië. Meer ontspannen krijg je games eigenlijk niet.

The Artful Escape is een aangenaam makkelijke platformer. Verwacht hier geen superuitdagende gameplay. Het moeilijkste zijn eigenlijk de boss battles, waarbij je muzikale en kleurgecodeerde riedeltjes moet naspelen volgens het Simon Says-principe. Oftewel, goed opletten en reeksen buttons onthouden, moeilijker wordt het niet. Maar dat is niet erg, want The Artful Escape is zelfs met de makkelijke gameplay behoorlijk overdonderend. Dat komt door de psychedelische en kleurrijke vormgeving, die geïnspireerd lijkt door de platenhoezen uit de jaren zeventig, de kaften van pulpy science fiction-romans en het werk van striptekenaar Jean ‘Moebius’ Giraud. De premisse van de game is simpel: een folkmuzikant die in de schaduw leeft van zijn wereldberoemde oom (die als twee druppels water lijkt op Bob Dylan) wordt gerekruteerd door een muzikale alien om mee te doen aan een grootschalige intergalactische tour, waardoor hij een nieuw interdimensionaal alter ego ontwikkelt die glamrock speelt. Oftewel, The Artful Escape stelt: wat als David Bowie écht door het universum mocht rondreizen? Kanttekening: de visuele pracht en praal is bij vlagen soms iets te zwaar voor de grafische kaart in de Switch, waardoor er soms wat ‘lag’ in beeld is en de framerate omlaag gaat. Het kan zijn dat dit probleem niet aanwezig is op Steam, dus misschien is dat een betere tip voor de lezer. 

Nu we het toch over games hebben: hoe staat het met het game-programma op Kaboom, Luuk en Eline?’ 

ES: ‘Klaar om te gaan! Voor zover ik weet wordt alles klaargezet op dinsdag en kunnen we op woensdag los. Ik ben echt heel benieuwd wat mensen van de games vinden en of ze ons überhaupt kunnen vinden in EYE! Dit is het eerste jaar dat het festival games presenteert dus ik ben heel benieuwd. We gaan op maandag en dinsdag in ieder geval buurten in Utrecht, daar heb ik ook veel zin in. Helaas is het VR-programma alleen in Utrecht te bezoeken, dus dan moeten we maar met de trein het land in, toch Luuk? 

Ik heb ondertussen mijn PS4 afgestoft omdat ik mijn HBO Max series graag op mijn tv kijk. Ik ben inmiddels volledig ondergedompeld in de originele Sex and the City serie. Ik weet nog heel goed dat die serie op Net5 te zien was vroeger, maar dat ik het niet helemaal begreep (of me dat in ieder geval niet kan herinneren). Nu is het best geinig om te zien hoe actueel die serie eigenlijk nog steeds is. Afgezien van het feit dat de meeste mensen in de serie nog vaste telefoons gebruiken en van social media geen sprake is, blijven de gênante situaties fris ogen. De eerste vijf minuten van de eerste aflevering is een uiteenzetting van wat we vandaag de dag een gevalletje ‘ghosten’  zouden noemen. Even los van alle modereferenties die ik niet begrijp (ik ben niet modieus genoeg, sorry) ben ik vooral enthousiast over de manier waarop de personages worden neergezet. Carrie, Miranda, Charlotte en Samantha vertegenwoordigen alle vier een versie van de moderne single vrouw in onze samenleving, met alle vooroordelen die daarbij horen. Het was toen relevant, en eigenlijk nu nog steeds. Ik moet eerlijk zeggen dat ik niet had verwacht dat ik zo van de serie zou genieten. Uiteraard zullen sommige mensen vooral terugdenken aan alle seks in de serie, maar die scènes zijn in vergelijking met sommige series vandaag de dag behoorlijk tam. De scènes moeten het voornamelijk hebben van de komische (en gelukkig vooralsnog niet herkenbare) ondertoon. Ik vermaak me voorlopig prima met de serie. Ik heb vooral zin gekregen om weer een trip naar NYC te maken. 

Misschien moet ik dat nog wel even uitstellen tot ik heb uitgevonden of ik naar Japan kan volgend jaar. Door alle bloeiende kersenbomen in Amsterdam werd ik weer even herinnerd aan een trip die gepland stond en niet kon plaatsvinden in verband met corona: een trip naar Japan! Drie weken rondreizen door een land wat al jaren bovenaan mijn lijst staat. Lekker eten, elke hoek van de straat nog fotogenieker dan de ander, anime en kersenbomen tot ze je de neus uitkomen. Ik hoop dat Japan binnenkort haar grenzen weer opent voor toeristen. Tot die tijd moet ik het maar doen met gezellig noedel-tentjes in Amsterdam en kersenbloesem in het Amsterdamse Bos. En klussen in de keuken, want dat is nog steeds niet klaar Luuk! We hebben van de week eindelijk alle ramen geschuurd en geschilderd, en dit weekend halen huisgenoten een nieuwe tafel en kast op. Dan nog de rest van de muren schilderen (en het plafond) en dan zijn we er wel. Hopelijk. Enfin, wat heb jij gedaan afgelopen week Luuk?’

LvH: ‘Gisteren was er een borrel waar zowel ik als Eline welkom waren en dat was erg gezellig. Eline was verstandig en ging op tijd weg, ik bleef nog plakken tot het tweede café maar ben niet meegegaan naar de after daarna. Het was erg fijn om met een drankje in je hand (en later een stuk pizza) met mensen te ouwehoeren en zodoende nieuwe mensen te leren kennen, iets dat ik echt nog veel meer heb gemist dan ik daadwerkelijk dacht. Het scheelt dat het allemaal leuke mensen waren en dat de kakkineuze corpsballen die ook in het pand zaten, op een neerbuigende manier kwamen vertellen dat ze ruimte nodig hadden voor het uitladen van een busje en zodoende verbroederde de collectieve afkeer tegen de kakkers ons gezelschap.

Daarvoor ben ik afgelopen maandag met mijn olijke naamgenoot Luuk Imhann naar The Card Counter gegaan, de nieuwe film van Paul Schrader met Oscar Isaac als een professionele gokker die in het reine probeert te komen met zijn ervaringen als folteraar in de Abu Ghraib-gevangenis tijdens de Tweede Golfoorlog. Isaac’s personage William Tell heeft acht jaar in de cel doorgebracht voor zijn misdaden en probeert een zo anoniem mogelijk bestaan te leven: hij wint kleine bedragen in casino’s zodat hij niet teveel opvalt en slaapt in motelkamers die hij om mysterieuze redenen zorgvuldig inpakt in doeken. Hij neemt een jonge knakker genaamd Cirk (Tye Sheridan) onder zijn hoede wiens vader ook betrokken was bij Abu Ghraib die Tell wil ronselen voor zijn plan om hun leidinggevende, een voormalige majoor Gordo (Willem Dafoe) te ontvoeren, te martelen en te vermoorden als wraak voor Gordo’s verantwoordelijkheid voor de gepleegde oorlogsmisdaden. Een positieve ontwikkeling is de opbloeiende romance tussen Tell en La Linda (Tiffany Haddish), een soort manager die getalenteerde pokeraars koppelt aan investeerders zodat de pokeraars aan grote toernooien mee kunnen doen waarvoor een fikse inschrijfprijs nodig is.

The Card Counter is zeker geen afrader en vooral Isaac is erg op dreef, maar het voelt toch aan alsof Schrader zich iets teveel gedeisd houdt en tenzij je ontzettend into casino’s en poker bent, is de film bij vlagen ietwat saai. Ik miste de intensiteit van een Taxi Driver of bijvoorbeeld Bringing out the Dead. Maar misschien wel een aanrader voor de echte Schraderheads. Jij hebt hem niet al te lang geleden nog geïnterviewd, nietwaar Theodoor?’

TS: ‘Oh, wat mis ik borrelen en cafés. Hopelijk durf ik dat over niet al te lang weer, want het is nu al geruime tijd geleden dat ik af toog naar het café. Ik houd me aanbevolen een keer met jullie een biertje te doen op het moment dat ik me daar weer klaar voor voel. 

Wat betreft Schrader, dat interview ligt al wel weer een tijdje achter ons, maar is nog steeds een van de hoogtepunten uit mijn carrière, al is het enkel om het verhaal er om heen. Dit was anno 2018, op het Internationaal Filmfestival Rotterdam, waar First Reformed in prèmiere ging. Ik probeerde al ruim een week daar een interview met Paul Schrader te ronselen, maar de boot werd afgehouden. Later begreep ik dat Schrader een voorkeur had uitgesproken voor internationale pers en televisiezenders, waardoor uiteindelijk enkel nog VPRO Cinema hem te spreken had gekregen, want die waren met een camerateam. We maakten met Schokkend Nieuws dus geen kans. 

Ik ging tóch naar First Reformed, samen met mijn goede vriend Gijs en we waren beiden overdonderd door de film. Tijdens de Q&A achteraf durfde ik geen vraag te stellen, maar Gijs was mij aan het overtuigen dat ik tóch naar Paul Schrader toe moest stappen, om hem te vertellen wat ik Gijs eerder had verteld. Namelijk dat mijn mentor op de middelbare school een achterneef was van Paul Schrader. En dat ik uit hetzelfde milieu kom als Schrader: gereformeerd vrijgemaakt (de titel First Reformed verwijst ook naar een vergelijkbare tak in de Amerikaanse protestantse kerk). Schraders vader was immers een Nederlandse migrant, die zijn gezin terroriseerde met verhalen over een boze en harde God. Het is nog steeds een van de onderwerpen waar Schrader terug naar blijft keren, de zoektocht naar zingeving en de immer afwezige, harde, kille God die deze zoektocht bemoeilijkt. 

Maar goed, ik was dus te bang om op Schrader af te stappen en Gijs en ik waren hem al kwijt door een filevorming in de rij de zaal uit. Ik raakte Gijs ook uit het oog. Toen ik Gijs weer terugvond begon hij te fluisteren tegen mij: “Daar staat Schrader. Doe het, anders krijg je spijt”. En Gijs begon me bij wijze van spreken in de richting van Schrader te duwen. Ik stap op Schrader af, complimenteer hem met de film, en vertel hem kort over mijn achtergrond. Zijn ogen lichten op, en hij begint dolenthousiast te ratelen over de Gereformeerde Kerk en zijn Nederlandse roots. Zegt hij opeens: “All the Dutch migrants in my class were almost as tall as you. You Dutch people can play a mean game of basketball.” Na een kort praatje trek ik de stoute schoenen aan. “Could I perhaps arrange an interview with you?” “Well, you need to send an email to this and this address, and my agent will get back to you”. Dat is over het algemeen een eufemisme voor “het gaat nooit gebeuren”. Tot ik twee dagen later een telefoontje krijg. Iemand van het Internationaal Film Festival Rotterdam: “He, kun je binnen 15 minuten in De Doelen zijn? Paul Schrader heeft een gaatje van een kwartier en vroeg speciaal naar jou”. Ik was toevallig op dat moment al in Rotterdam, stap gehaast op de fiets en kom buiten adem een kantoorzaaltje ergens in De Doelen binnen. Schrader begroet me hartelijk: “heeeey, Mr. Basketball!” Het werd een heel ontspannen interview, vol met Schraders typische sardonische kwinkslagen en met heel veel anekdotes over zijn religieuze achtergrond. En zo werd Schokkend Nieuws het enige Nederlandse geschreven medium dat een interview met Paul Schrader wist te strikken op het IFFR 2018.

Dat is misschien wel een van mijn mooiste festivalervaringen. Nu we het toch weer over festivals hebben: waar kijk jij nog naar uit bij Kaboom, Eline?’

ES: ‘Oké, het heeft misschien een hoog ‘Wij van WC-Eend’ gehalte maar dit is mijn top 3 van films/games die je gezien moet hebben/gespeeld niet moet hebben tijdens het festival:

  1. Flee. Een indrukwekkend film die ik tijdens het Animation Festival Fredrikstad al heb mogen zien. De film wordt in documentaire stijl vertelt, maar mede door de soms dromerige animatie krijgt het iets fantasierijks mee, ondanks het heftige verhaal. Het is geen makkelijke zit, maar wel een prachtige film. Hoe minder je erover weet hoe beter. https://www.kaboomfestival.nl/program/movie/?id=997
  2. Belle. Ik heb de film zelf ook nog niet gezien maar ga hem wel tippen en ik ga hem zeker tijdens het festival proberen mee te pakken. De trailer doet denken aan een soort Ready Player One meets Beauty and the Beast meets Youtube meets influencer lifestyle. Dit alles netjes in een snelkookpan gestopt om het hoge tempo van anime bij te kunnen benen. https://www.kaboomfestival.nl/program/movie/?id=995
  3. New Roots. Een game gemaakt door studenten van eigen bodem! Ik ben sowieso erg trots op het programma, maar al helemaal trots op de selectie games die gemaakt zijn door studenten. Voeg daar nog aan toe dat Nederlandse studenten deze game hebben gemaakt en ik ben totaal verkocht. Ik kan natuurlijk niet voor Luuk spreken, maar ik denk dat hij het met me eens zou zijn als ik zeg dat we bij Kaboom games door Nederlandse makers juist ontzettend aanmoedigen, want het zijn er nog niet zo ontzettend veel. New Roots is een game die zich afspeelt in een toekomstige versie van Nederland, waar de gemiddelde temperatuur op aarde net begint te dalen. In de game speel je Stick, een niet-binaire capibara, die inheemse planten probeert terug te brengen die zijn uitgestorven als gevolg van global warming. https://www.kaboomfestival.nl/program/movie/?id=1052

Heb jij misschien nog tips voor onze lezers Luuk?’

LvH: ‘Okay, even een palate cleanser voor het geval er iemand is onder onze lezers die geen liefhebber is van animatie (it’s your loss, bub): Ik heb met veel plezier de eerste acht afleveringen van de comedyserie Our Flag Means Death gekeken op HBO Max en ik kijk uit naar de laatste twee afleveringen. In Our Flag Means Death volgen we een 18e eeuwse Engelse aristocraat genaamd Stede Bonnet (Rhys Darby) die in een soort midlife crisis besluit om zijn gemoedelijke leven in te ruilen voor een bestaan als piraat. Hij verlaat in het holst van de nacht zijn gezin voor een schip en een wisselvallig effectieve bemanning en is een niet bijster succesvolle kaapvaarder totdat hij kennis maakt met de infameuze piratenkapitein Edward “Blackbeard” Teach (Taika Waititi). Blackbeard en Bonnet spreken af dat ze van elkaar zullen leren: Blackbeard zal Bonnet opleiden tot een gevreesde piraat en Bonnet zal Blackbeard de fijne kneepjes bijbrengen van het leven in high society. Hun vriendschap blijkt echter dieper te gaan dan verwacht en zonder al te veel te spoilen, kan ik zeggen dat de serie het label “historische romantische komedie” wel waar blijkt te maken. Ik ben sowieso een grote fan van het kliekje Nieuw-Zeelandse acteurs waar Darby, Waititi en Jemaine Clement deel van uitmaken en de bijbehorende humor doet het altijd goed, maar Our Flag Means Death heeft meer te bieden dan goede grappen. Darby speelt Bonnet met genoeg oprechte kwetsbaarheid en pathos dat zijn personage veel meer sympathie opwekt dan een vergelijkbaar personage zoals Steve Carell’s Michael Scott in The Office. Stede Bonnet is ook een incompetente manager en iemand die constant geen flauw idee heeft wat hij moet doen, maar Darby laat toe dat je ziet dat Bonnet in een existentiële crisis zit en dat zijn carrière als piraat een wanhopige poging is om eindelijk zijn eigen keuzes te kunnen maken in zijn leven. En Darby steelt de show, maar de cast is verder sowieso een genot om te zien en alhoewel de nadruk altijd ligt op de comedy, geeft de serie uiteindelijk een vrij realistisch beeld van de manier waarop piratenschepen een vrijplaats konden zijn voor een radicaal afwijkende vrijplaats waar ras, klasse, afkomst en seksuele oriëntatie allemaal fluïde factoren waren.

Okay, even aanhakend op onze “Wij van WC-Eend” schtick, tijd voor schaamteloze zelfpromotie! Er zijn zoveel programma’s die ik wil aanprijzen op Kaboom dat het lastig is om te kiezen, maar ik zal me inhouden en Eline’s voorbeeld volgen om een top 3 samen te stellen:

  1. Ik heb het genoegen om donderdag 31 maart een Q&A te doen met de Ierse regisseur Tomm Moore naar aanleiding van zijn beeldschone geanimeerde fantasyfilm Wolfwalkers in het Ketelhuis om 19:00 u. Moore is een ontzettend getalenteerde regisseur en daarnaast een bijzonder inspirerend persoon, dus ik heb hier erg veel zin in, gekoppeld aan een gezonder hoeveelheid stage fright aangezien de laatste keer dat ik een Q&A deed ook meer dan twee jaar geleden was. Ik heb me in ieder geval voorgenomen dat een beetje betere voorbereiding geen slecht idee is voor de verandering.
  2. Op vrijdag 1 april om 20:30 is EYE 2 de place to be, want dan gaan drie hilarische stand-up comedians gesteund door de inventieve animatoren hun sets opvoeren ondersteund door live geproduceerde animatie. Lara Ricote en Ronan Brosnan behoren tot de grappigste stand-up comedians die ik ken en ik vertrouw blind op de keuze van Patrick Collins, mijn partner in crime voor de Stand Up Comedy Showcase in de Vondelbunker voor de Italiaanse comedian Benedetto Zurlo. En ze worden gekoppeld aan animatoren van wereldklasse, dus dat belooft een memorabele avond te worden.
  3. Ik ben erg blij met de selectie aan games die we op het festival mogen presenteren en ik ben het eens met Eline dat het ontzettend belangrijk is dat we een platform bieden aan Nederlandse games, games gemaakt door studenten en beginnende makers en games gemaakt door vrouwelijke gamemakers. Mail Time is een game waar ik meteen van gecharmeerd was: het design is vertederend en de gameplay is rustgevend, maar ook lichtelijk verslavend en tegelijkertijd een prettig tegenwicht tegenover zenuwslopende actie-georiënteerde games. Ik kan heel erg genieten van zweterige handpalmen en gierende adrenaline, maar ik heb daar niet altijd zin in en het verkennen van een nieuwe wereld zonder dat je last krijgt van FOMO is heel plezierig.

Ik zal me even inhouden en het hierbij laten. Ik hoop dat je veel plezier gaat hebben van het festival Theodoor! Ik ben benieuwd wat je van de shorts gaat vinden, vooral Shorts 2 (hint, hint).’ 

TS: ‘Ik kijk er naar uit, Eline en Luuk! Ik zal helaas niet ter plaatse zijn op het festival zelf, vanwege andere verplichtingen, maar ik ga wél het online gedeelte verslaan voor Cine. Dus Shorts 2 gaat zeker bekeken worden.

Maar eerst is het tijd voor de Oscars. Ik ben zo’n mafklapper die elk jaar de uitreiking live heeft gekeken sinds zijn 14e. Ik zal jullie niet vermoeien met een uitgebreide analyse van elke categorie, al wil ik het wel even hebben over de tien genomineerde films voor de hoofdcategorie Beste Film. Het is zoals elk jaar een duidelijk wisselvallige zaak: mijn drie favorieten, West Side Story, Nightmare Alley en Drive My Car maken waarschijnlijk geen kans. Grote kanshebbers lijken The Power of the Dog en CODA. Beide films hebben te maken met representatie van minderheden. Ik ben zelf niet doof, dus ik kan niet zeggen of CODA volledig raak schiet, maar als volledige buitenstaander was ik wel enigszins gecharmeerd van het feel-good-verhaal. 

Ik heb als autistische homo zéker wel wat te zeggen over The Power of the Dog, een film met een autistisch én een homoseksueel personage, die beiden niet superpositief worden neergezet. Maar daar wringt de handschoen: mij maakte dat niet heel erg uit in het geval van het homoseksuele personage, maar wél wat het autistische personage betrof. Wat maakt dan het verschil? Nou, het homoseksuele personage, onmiskenbaar een schurk, krijgt het voordeel van de twijfel van mij.  Omdat er inmiddels genoeg homoseksuele representatie is dat makers zich kunnen veroorloven om een rijke variatie aan homoseksuele personages neer te zetten: goed, slecht, alles er tussen in. Want het is niet de enige representatie meer en het is mooi dat er complexe personages neergezet kunnen worden die niet perse heiligen zijn. Wat is dan het verschil met het autistische personage? Nou, het ligt niet zozeer aan The Power of the Dog zelf dat ik moeite er mee heb dat de autist geen lieverdje is. In de film werkt het wel. Het probleem is alleen dat er nog zo bar weinig gelaagde en geslaagde autistische representatie is. Dan is de zoveelste kille, empathieloze autist met een killer-instinct niet iets waar ik op zit te wachten. Ik schrijf een moratorium uit op alle empathieloze of kille autistische personages, tot er op zijn minst een lijst te maken is van tien goede films over autisme. Want dat is nu nog niet mogelijk (schaamteloos zelfplugje). Maar goed, ik dwaal af. Ik zou niet eens zo boos zijn over een winst voor The Power of the Dog, zolang het rampzalige Don’t Look Up maar niet wint.’’

LvH: ‘Ik sla de Oscars dit jaar even over: ik heb te weinig gezien en ik moet mijn energie even sparen voor het festival, maar ik ben blij dat jij voor ons de moeite neemt om het bij te houden. En de discussie over representatie blijft natuurlijk een work-in-progress: het is een belangrijke discussie om te blijven voeren, maar het is ook een discussie waarbij ik als we heel eerlijk zijn niet extreem veel te klagen heb als witte hetero man. Ik maak graag grappen over de stigmatisering van cyborgs in films, maar in werkelijkheid kan ik natuurlijk niet claimen dat ik gestigmatiseerd of onderdrukt ben in onze populaire cultuur. Laten we deze discussie dus warm houden voor een volgende keer en ik wens je heel veel plezier op Kaboom!’