Het universum van Arvo Pärt geeft een muzikaal landschap om in te verdwijnen. In de documentaire Het Pärt gevoel krijgen de etherische composities een podium om gehoord te worden onder het lof van musici. Veel kom je niet te weten over de Estlandse componist. Wel te voelen. Het grootste gedeelte van de film bestaat uit werk van Pärt, uitgevoerd door een breed scala aan artiesten en in samenwerking met verscheidene andere disciplines. Orkesten, koren, pianisten, DJ’s, choreografen, filmmakers; ze spreken allemaal van eenzelfde essentie waarmee zij resoneren. Het Pärt gevoel.

Pärts muziek heeft een spirituele eigenschap en hij vindt duidelijk zijn inspiratie vanbinnen. Hij brengt klanken voort die je verbeelding aanwakkeren. Ze beïnvloeden en begeleiden je, maar leggen je niets op. De musici die aan het woord komen spreken van een verbroedering en van leed en pijn. Zijn muziek is als lopen op dun ijs: een intense ervaring, maar met een zekere hoeveelheid gevaar. Wanneer zal het breken? De noten zijn ook troostend en confronterend. Vanaf het moment dat de stukken zijn gecomponeerd gaan ze hun eigen leven leiden en vormen ze een doorgang naar binnen voor eenieder die ervoor open staat.

De simpele akkoorden en langzame ritmes lijken in het eerste opzicht ongecompliceerd, maar juist in de uitvoering komt het erg nauw. Dit blijkt ook uit de aanwijzingen van Pärt zelf tijdens een repetitie van het Cello Octet Amsterdam. Hij wijst hier op het belang van de som van alle delen samen en niet alleen de kwaliteit van het individu. Het is een proces waar de uitvoerende muzikanten doorheen gaan om uiteindelijk de juiste klankkleuren te kunnen vinden. Tijdens de uitvoering focust de camera zich op de expressieve gezichtsuitdrukkingen van de componist. Je voelt zijn oprechtheid.

Van tijd tot tijd wordt door een aantal musici wat dieper ingegaan op de technische aspecten van het werk. Zo wordt in een workshop met pianist Ralph van Raat gedemonstreerd wat het effect is van het akkoord dat in het intro van Variationen zur Gesundung von Arinuschka geluidloos wordt aangeslagen. Deze techniek zorgt ervoor dat de snaren van de piano niet gedempt worden zodat ze kunnen resoneren met de noten die volgen voor een voller timbre. Tevens gaat de Canadese technoproducer Kara-Lis Coverdale in op een eenvoudige tweeklank en hoe de toevoeging van ‘maar’ een kwint het stuk een extra dimensie lijkt te geven. Het is ineens de subtiliteit die telt.

De documentaire wordt door de muziek gedragen en regisseur Paul Hegeman lijkt de insteek van Pärt te volgen: het laten voelen. De film struikelt soms wel als het gaat om de verbale toelichting. Voor Pärts muziek ga je zitten om hem de aandacht te geven die hij verdient, maar de dialoog haalt je te vaak uit het universum terug naar de werkelijkheid. Onnodig, want het zijn slechts verschillende versies van dezelfde opmerking: Pärts muziek moet je ervaren.

Hierdoor is het ook onduidelijk welk verhaal Hegeman precies wil vertellen. Dat Pärt een grote invloed heeft op een grote hoeveelheid artiesten is onbetwistbaar, maar verder dan die observatie lijkt de film niet te gaan. Interessante onthullingen over de technische aspecten van de muziek blijven slechts tijdelijke zijstapjes van een documentaire die vooral algemene informatie geeft en dat afwisselt met beelden van repetities en voorstellingen. Wat gelukkig wel overblijft is de muziek. De composities van Pärt zijn prachtig en dat komt ondanks de tekortkomingen van deze documentaire zeker naar voren.