De nieuwste documentaire  over de iconische Duitse modefotograaf Helmut Newton (Berlijn, 1920 – 2004, Los Angeles) is gemaakt door de Duitse regisseur Gero von Boehm naar aanleiding van Newtons honderdste geboortedag. Helmut Newton: The Bad and the Beautiful opent met een fragment van meneer Newton zelf die stelt dat alle documentaires over fotografen die hij heeft gezien ‘dóódsaai zijn’. Gelukkig heeft dit eerbetoon aan Newton hem enigszins recht aangedaan. Ik verwacht in ieder geval niet dat hij zich zal omdraaien in zijn graf bij het zien van deze documentaire, die voornamelijk bestaat uit smeuïge anekdotes van bevriende modellen, actrices, moderedacteuren, andere beroemdheden en zijn vrouw, trouwe metgezel en muze June Newton, die een prominente plek inneemt in zowel zijn persoonlijke als professionele leven, alsook in deze documentaire. 

Helmut Newton: The Bad and the Beautiful biedt allesbehalve een saaie kijkervaring; het is smullen op het puntje van je velours stoel van het begin tot het bittere eind (waarbij Helmut Newton blijkt te zijn overleden in een auto-ongeluk in Los Angeles in 2004, tegenover het Chateau Marmont). Net als trouwens het geval is bij het kijken naar Newtons oeuvre; dat grotendeels bestaat uit zeer seksueel getinte en sensuele foto’s van krachtige, ontblote vrouwenlichamen op stilettohakken. Newton heeft niet voor niets talloze bijnamen mogen ontvangen; naughty boy (iets dat hij zelf gezegd ‘altijd zal blijven’), ‘The King of Kink’, een vrouwenhater, een provocateur, een voyeur… Maar welke ware karaktereigenschappen en gevoelens schuilen er achter deze alterego’s?

Tegelijk wordt diepgang niet geschuwd. Er wordt gesproken over Newtons jeugd, die hij beleefde in de Weimarrepubliek onder nazibewind; iets dat hem, zeker als joodse jongen, niet in de koude kleren is gaan zitten. Deze levenservaringen zijn zo significant en tekenend geweest dat hij deze de rest van zijn (zowel persoonlijke als professionele) leven met zich mee heeft gedragen. Zo heeft Newton veelvuldig gefotografeerd bij en in publieke zwembaden: één van de plekken die tijdens de oorlog niet publiekelijk toegankelijk waren voor joden, en voor Newton al helemaal niet meer toen hij betrapt werd tijdens het uitkleden van een meisje onder water. Hij heeft in zijn werk altijd gespeeld met het idee van sterke, lange, veelal blonde personages; iets dat sterk doet denken aan het Arische ras en de etnische zuivering van Hitler. Leni Riefenstahl, de Duitse regisseur die werd ingehuurd om zeer gestileerde nazi-propaganda te creëren die blanke, blonde, atletische Duitse lichamen idealiseerde, is wel een grote inspiratiebron gebleken voor Newton, zo geeft hij toe in de documentaire.

Het is Newton vaak verweten en hij staat erom bekend dat hij vrouwen zou afbeelden op misogyne, vrouwonvriendelijke manieren. Uit de documentaire blijkt echter dat zijn subjecten dit zelf nooit zo ervaren hebben, maar dat ‘hij ze nooit met een vinger heeft aangeraakt’ en dat ‘hij de maatschappij juist een spiegel voorhield’ aldus een van zijn favoriete Duitse modellen Nadja Auermann. Je ziet een fragment uit een interview met Susan Sontag, die hem terechtwijst en tegen hem zegt: ‘Iedere misogyne man zegt dat hij van vrouwen houdt. Iedere gijzelaar zegt dat ze van hun slachtoffer houden.’ Zij is de enige in de documentaire die iets van een kritische noot uit; een gegeven dat de geloofwaardigheid en veelzijdigheid van perspectieven soms in twijfel trekt. Alle andere geïnterviewden stellen dat Newton vrouwen afbeeldt als ijzersterke, zelfverzekerde en machtige wezens die hun eigen koers varen en geen tegenspraak dulden. Zo heeft hij een iconische serie gemaakt van tweeluiken waarbij op het ene beeld de vrouwen in exclusieve haute couture gehesen zijn, en op het andere poedelnaakt met niets meer dan een paar hakken aan te zien zijn. 

Ook had hij ontzettend veel humor, deze Helmut, zo blijkt uit deze documentaire. Zo bedacht hij ooit een gebraden kip een paar minihakjes aan te doen en vervolgens te fotograferen.  Maar zijn provocerende karakter trok hem ook vaak over ethische en morele grenzen heen. Zijn werk zou nu, ten tijde van de #MeToo- en BLM-bewegingen absoluut niet meer getolereerd worden; en fair enough. Het meest tenenkrommende voorbeeld is die van een vastgeketende Grace Jones die notabene op een voorpagina belandde. Hoewel zij in de documentaire lacherig toegeeft er destijds mee ingestemd te hebben en dat ze ‘gewoon wat lol wilden hebben’ en dat zij ‘zelf ook mannen heeft vastgebonden – grote, witte mannen!’, en dat ‘hij gewoon een beetje een viezerik was, maar ik ook’,  valt dit beeld op geen enkele ethische en morele manier te verantwoorden. Ook de serie van vrouwen op hakken in rolstoelen en krukken is zeer discutabel. Newton ontving hier dan ook de nodige kritiek op. Maar als een ware provocateur smulde hij van alle reacties; het deed hem niets dan grijnzen. Dat hij een enfant terrible van de modefotografie is, moge duidelijk zijn. Maar dat er meer onder dit masker en deels aangenomen personage zit dan een cynische, lompe, gevoelloze maar vaak humoristische man wordt ook steeds duidelijker naarmate de documentaire vordert.

Zo wordt er gesproken over zijn angst voor de dood. Iets dat vreemd of misplaatst aanvoelt nu hij er zelf daadwerkelijk niet meer is om hierover mee te praten. Er is archiefmateriaal en oude interviews met Newton ingezet om zijn eigen stem hieraan toe te voegen. ‘De dood, waarom zou ik daarover nadenken? Ik denk liever aan iets positievers. Ik vind de dood niets positiefs hebben.’ Maar zijn schuwheid rondom dit thema geeft blijk van een diepgewortelde angst. Later leer je dat Newton meerdere hartaanvallen heeft gehad, en dat zijn werk daarna steeds persoonlijker van aard werd. Ook heeft hij meermaals belangrijke personen verloren zijn leven. Zo stierf Yda – de vrouw van wie hij fotografie leerde op zijn zestiende, en die van enorme betekenis is geweest voor zijn carrière – in een kamp tijdens de Tweede Wereldoorlog. 

Ondanks zijn grove grappen, seksistische opmerkingen en cynisme, blijkt er een gevoeligere en kwetsbare kant in deze man te hebben geschuild. Zo laat deze documentaire de menselijke, zachte kant van Newton (ook) zien, en geeft dit document een persoonlijk inkijkje in zijn binnenwezen. Je ziet de man achter de camera. De man achter de cynische harde grappen en voyeuristische blik. En dat is verfrissend en beslist geen makkelijke opgave. Zijn provocerende en shockerende werk levert nog steeds regelmatig vragen op, waarvan er enkele hier worden beantwoord, en waarvan er enkele waarschijnlijk voor altijd onbeantwoord zullen blijven. Voor liefhebbers van Helmut Newtons werk die benieuwd zijn naar de vele, gelaagde karaktereigenschappen van deze man, de meningen en visies van menig ster waarmee hij gewerkt heeft en een persoonlijk inkijkje in zijn uitzonderlijke leven, is deze documentaire in ieder geval een allesbehalve doodsaaie, maar zeer vermakelijke must-see.