Nu aan het lezen:

Emoties in recensies

Emoties in recensies

Hoort emotie thuis in een recensie? Die vraag schiet de afgelopen weken steeds vaker door mijn hoofd als ik een film aanraad aan vrienden. Ze trekken zich weinig tot niets aan van recensies en willen puur weten hoe de film bij hen binnenkomt. Is het horror, hoe eng is het dan? Is het een thriller, hoe spannend? Is het een film waarbij je huilt, lacht, of dagen na blijft denken?

Ik voelde me verbonden na het zien van Cloud Atlas, ik gaf een verbroken liefde nog een kans na Eternal Sunshine of the Spotless Mind, maar twijfel of die informatie thuishoort in een artikel of recensie. Omdat ik me afvroeg hoe mijn collega’s hiertegenover stonden – de mensen wiens artikelen ik lees, de schrijvers wiens recensies ik waardeer – stelde ik ze twee vragen. Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek? En bij welke film heb je dit jaar gehuild?

Romy van Krieken (Veronica)

Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek?
‘Op zich vind ik emoties wel toepasselijk, maar niet als het te persoonlijk wordt. Dus om jouw voorbeelden te gebruiken: geef aan dat de kijker zich na het zien van Cloud Atlas meer verbonden zal voelen met de mensen om zich heen, maar niet dat jij toen naar jouw ex ging.’

Bij welke film heb je dit jaar gehuild?
‘Ik heb een paar traantjes weggepinkt bij I, Daniel Blake omdat hij [SPOILER] doodging nadat hij zo hard had gevochten en bijna bij zijn doel was. En zijn korte toespraak deed het ‘m ook wel.’

Dana Linssen (NRC/De Filmkrant)

Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek?
‘Je zou je kunnen afvragen “waar” emotie thuishoort in de filmjournalistiek, “wanneer” of “waarom”. Zelf denk ik dat emotie eerst thuishoort in de filmjournalist. Zonder hoofd, hart en onderbuik gaat het niet, maar de persoonlijke kijkervaring hoeft niet per se via de journalistiek uitgevent of uitgeleefd te worden. Je kunt heel goed een door emotie gevoede analyse schrijven zonder dat je het over je hoogstpersoonlijke emoties hoeft te hebben. Meestal wordt een stuk daar ook sterker door: de schrijver neemt immers de moeite om ook op het particuliere van zijn ervaring te reflecteren en tot de conclusie te komen hoe relevant die voor de lezer én de film is.

Om jouw eigen woorden te parafraseren: gaat Eternal Sunshine of the Spotless Mind er in z’n diepste wezen over hoe jij, Luuk Imhann het weer goed probeerde te maken met je vriendin? Waar is de grens tussen relevantie en koketterie? Of is dat het effect dat de film op jou heeft? Misschien is dat een mooi verhaal voor een van je romans. Maar misschien is er voor jou wel geen verschil tussen je recensies en je romans. Daarom kan ik ook niet echt antwoord geven op jouw vraag. Uiteindelijk houdt goede filmjournalistiek zich aan journalistieke regels en is een goed stuk een goed stuk. Dus als het doel helder, duidelijk en transparant is, dan kan alles. Maar misschien moet je dan niet alles filmjournalistiek willen noemen?’

Bij welke film heb je dit jaar gehuild?
Werckmeister Harmoniak, die ik 2 weken geleden terugzag.’

Ronald Rovers (Cinema.nl)

Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek?
‘Emoties horen natuurlijk thuis in de filmjournalistiek. Iedereen die zegt van niet, begrijpt niet hoe het werkt. Je kunt emoties als een kompas gebruiken, maar je moet je wel bewust zijn waar dat kompas heen wijst. Mochten emotionele omstandigheden je vatbaarder (lees: minder kritisch of juist kritischer) maken ten opzichte van bepaalde films – zo zei een collega ooit vanwege persoonlijke omstandigheden absoluut niet die ene film over een verbroken verhouding te willen doen – dan is het goed je af te vragen of je blik niet te zeer vertroebeld is.

Met “niet begrijpen” bedoel ik dat niemand een film ooit objectief kan beoordelen. Zelfs na jaren ervaring spelen emoties een rol. Het is wel goed een dag tussen zien en oordeel te laten zitten omdat al te extreme emoties na een dag wel verdwenen zijn. Daarom is het soms irritant dat een distributeur direct na de screening om een mening vraagt. Niet omdat ik verlegen zit om een mening, of geen negatief oordeel wil laten horen, maar omdat die eerste reactie bedrieglijk is.

Maar. Ik weet goed van mezelf voor welk soort films en welk soort narratieve mechanismes ik vatbaar ben, dus dat neem ik mee in het oordeel. Als je ervaring hebt, dat wil zeggen veel films hebt gezien en goed kunt nadenken, dan spelen emoties vanzelf een beperkte rol. Dat klinkt misschien tegenstrijdig maar dat is het niet. Dan voel je vanzelf – en ik gebruik dat woord bewust – hoe oorspronkelijk een film is.

(Wat ik wel misplaatst vind in de filmkritiek, zijn emoties van fanboys die denken dat ze filmkritiek bedrijven. Die dingen al snel te gek vinden omdat een zekere acteur er in speelt of omdat iets gehypt wordt. Dat soort geleuter beschouw ik niet als filmkritiek.)’

Bij welke film heb je dit jaar gehuild?
‘Gehuild bij: veel films. Van Fuoacammare en Hypernormalisation tot Pete’s Dragon.’

André Nientied (Popcorntijd.nl)

Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek?
‘Emoties horen zeker thuis in de filmjournalistiek, of het nu gaat om lachen, kwaad worden of een brok in je keel krijgen. Een hardnekkig misverstand is dat er bij een persvoorstelling nooit wordt gelachen – onzin, een goede komedie is zelfs op maandagochtend leuk. Emoties zijn alleen zo persoonlijk dat een recensent ze meestal niet deelt met zijn publiek want dat denkt dan al snel: dat maken we zelf wel uit. Dat zit ook niet te wachten op kwalificaties als “een knotsgekke komedie” of opmerkingen als “ik heb me suf gelachen” in een recensie. Ik ook niet.’

Bij welke film heb je dit jaar gehuild?
‘Ik kan wel een uitvlucht zoeken met het antwoord “om die en die film, omdat hij zo slecht was” maar dat is flauw. Maar ik kan me domweg niet herinneren dit jaar gehuild te hebben bij een film, hooguit van het lachen (bij Toni Erdmann). Sorry! En vooruit, misschien een brokje in mijn keel aan het eind van Finding Dory, maar dat overkomt me wel vaker bij Pixarfilms.’

Kees Driessen (Vrij Nederland/De Filmkrant)

Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek?
‘Uiteraard. De scheiding tussen ratio en emotie is niet alleen biologisch, maar ook inhoudelijk gezien onhoudbaar. Kale ratio (als zoiets überhaupt bestaat) kan nooit leiden tot keuzes of oordelen. Wiskunde zegt je niet wat mooi is – maar logica en analyse helpen je wel uitzoeken waarom. Ik begrijp dat je hier met ‘emoties’ iets specifiekers bedoelt: het persoonlijk maken van die emoties. Dus niet: een hartverscheurende film, maar: de film verscheurde mijn hart. En niet: een triest einde, maar: aan het einde zat ik te janken in mijn stoel. En niet: herkenbaar drama, maar: het was precies wat ik zelf had gevoeld, staande aan het graf van mijn grootvader.

De vraag is dus eigenlijk: moet je de emoties persoonlijk maken? Moet je je privégeschiedenis erbij betrekken? Wat mij betreft kan dat, wanneer het relevant is. Je gaat ook niet een alinea wijden aan een bijrolspeler die niet echt iets bijzonders doet, alleen maar omdat je die kennis toevallig bezit. Maar bij films waarbij de waarde voor jou, als criticus, vooral en overweldigend wordt bepaald of verduidelijkt door persoonlijke ervaringen en effecten: waarom niet? Bij een horrorfilm kun je melden dat je je zes keer het leplazarus schrok, bij een romantische film dat je juist verliefd werd op de best friend. Overspeel je je hand, dan wordt het egotrippen. Maar zulke risico’s heb je altijd: overspeel je je hand met achtergrondinformatie, dan wordt het pedant.

Ik doe het niet vaak, maar wel steeds vaker. Twee voorbeelden: Laurie Andersons Heart of a Dog die universele waarheden vindt via het extreem persoonlijke en daarmee uitnodigt als journalist hetzelfde te doen en Vi är bäst! van Lukas Moodysson, waarbij ik geen andere manier zag om te verklaren waarom ik de film zo veel beter leek te vinden dan mijn internationale collega’s dan door het persoonlijk te maken.’

Bij welke film heb je dit jaar gehuild?
‘Onder huilen versta je waarschijnlijk water dat uit je ogen en over je wangen loopt? Koude wind en allergenen willen daarop nog wel eens van invloed zijn. Waterlanders gaan ook vaker samen met sentimentaliteit dan met de meest intrieste, deprimerende films. Wel rillingen bij Anomalisa, vermoed ik. Klem om het hart bij Room. Misschien Laurie Anderson, maar die zag ik al in 2015. Wellicht een traantje bij As I Open My Eyes… maar zeker weten doe ik het niet.’

Elise van Dam (Cine.nl, Biosagenda.nl)

Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek?
‘Absoluut. Film kijken speelt zich niet af op het scherm, maar in jou. In je hoofd, in je lijf. Daarom kun je ook niets, of althans heel weinig, zeggen over dat scherm en moet je het juist hebben over wat er met jou gebeurt tijdens het kijken. Om Kant te parafraseren: je kunt het niet hebben over de film an sich, alleen over de film für mich.

Dat betekent overigens niet dat ik letterlijk hoef te lezen bij welke scène een filmcriticus gehuild of gelachen heeft, maar als ik voor mezelf spreek, vind ik een recensie geslaagd als de emoties die de film opriep erin voelbaar zijn. Ik probeer mezelf ook altijd terug te brengen in dat gevoel van de film terwijl ik schrijf en als je geluk hebt stroomt het gevoel dan bijna als vanzelf in je pen. De recensies waarbij dat gebeurt, zijn overigens ook vrijwel steevast de recensies waar ik het meest respons op krijg.’

Bij welke film heb je dit jaar gehuild?
‘Ik huil vrij makkelijk bij films, dus dat zijn er nogal wat. Op alfabetische volgorde: Creed, La Danseuse, I, Daniel Blake, Midnight Special, One More Time With Feeling, The Red Turtle, Strike a Pose, Toni Erdmann, The Wailing.

De redenen zijn divers. Ik kan huilen omdat ik iets simpelweg zo mooi of goed vind dat het me overvalt (de dansscènes in La Danseuse, die exorcismescène in The Wailing), uit euforie (Creed) of uit empathie (I, Daniel Blake, Strike a Pose), maar echt eenduidig is het meestal niet. Het diepst geraakt werd ik dit jaar door de omhelzing in Toni Erdmann. Waarom? Een combinatie van dingen. Omdat het een moment van totale ontwapening is, van de personages en de toeschouwer, omdat het raakte aan iets dat ik herkende, en misschien nog wel om meer, wat ik nu (nog) niet doorgrond.’

Berend Jan Bockting (de Volkskrant)

Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek?
‘In recensies is emotie heel welkom vind ik. Recensies zijn per definitie niet objectief, al is de suggestie soms van wel, dus van mij mag de recensent alles uit de kast trekken om zijn inzicht, standpunt en gevoel zo goed en volledig mogelijk te beargumenteren. Hoe een film “voelt” en wat een film met je “doet” zijn zinvolle vragen die ik in recensies vaak, als er genoeg ruimte is, zo goed mogelijk probeer te beantwoorden. En als een film doorwerkt buiten de bioscoop, in gedachten of tijdens situaties of in relaties, en je kan het mooi opschrijven, dan moet je dat altijd proberen te doen. Het komt alleen niet zo gek vaak voor dat films echt blijven hangen: de meeste films zijn gewoon niet zo goed, en schouderophalend over emoties schrijven is nog nooit iemand gelukt.’

Bij welke film heb je dit jaar gehuild?
‘Bij De kinderen van juf Kiet, als de kinderen in haar vluchtelingenklasje tijdens een uitvoering een voor een naar een spiegel worden gedirigeerd. De camera is heel precies naast de spiegel geplaatst. Ik ben geen pedagoog, maar denk dat het een oefening is om te leren van jezelf te houden. Het is een extreem eenvoudig beeld, de kindjes lopen een voor een richting spiegel en camera, maar je ziet tot in detail wat het met ze doet terwijl ze hun rug opnieuw leren rechten. Geknakte zielen worden weer gelijmd, zoiets zag ik erin. Het maakt je tegelijk extra boos op de harteloosheid op anti-vluchtelingenfacebookpagina’s, en niet alleen daar natuurlijk. Knip dit uit de film, zet het online en het gaat onmiddellijk viral, kan niet anders.’

Hedwig van Driel (Schokkend Nieuws)

Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek?
‘Emotie heeft absoluut een plek in de filmjournalistiek. Er is de laatste tijd soms een vreemde hang naar objectiviteit, maar die is een illusie. Wat wel belangrijk is, is dat je naderhand de emotie analyseert. Dát een film je raakte is belangrijk, maar hóe het dat deed ook. Ik huil heel makkelijk. Soms is dat door makkelijke manipulatie, en voel ik me achteraf opgelicht omdat ik de trucjes heus wel zie. Maar als het eens níet door die makkelijke trucjes is, maakt het des te meer indruk.’

Bij welke film heb je dit jaar gehuild?
‘Dit jaar heb ik onder andere gehuild om Vaiana (Moana): bij de scènes met de oma en beide scènes waarin teruggekeken wordt naar het verleden, The Force Awakens: bij de eerste keer kijken door de grote doodsscène, bij de tweede keer kijken op het moment dat Rey haar zwaard oppakt, Brooklyn: met tuiten, heel veel, in ieder geval de laatste tien minuten ofzo. Daarnaast waren er nog een aantal films die geen tranentrekkers zijn maar die me zeker ook geraakt hebben: vooral Cemetary of Splendor, Mountains May Depart, Anomalisa en Spotlight.’

Gawie Keyser (De Groene Amsterdammer)

Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek?
‘Dat hoort er absoluut in thuis. Grappig dat je die vraag net nu stelt, want ik heb gisteren I, Daniel Blake gezien. Ik zag die film dus met jouw vraag in mijn hoofd, en I, Daniel Blake is bij uitstek een film die je met je hart moet kijken, niet met je verstand is. Als je die man ziet lijden, eigenlijk alle personages zo ziet lijden, dan kan het bijna niet anders of je moet een gevoel daarbij hebben.’

Bij welke film heb je dit jaar gehuild?
‘Sowieso bij I, Daniel Blake. En bij Arrival, op het moment dat de clou van het verhaal duidelijk wordt.’

Basje Boer (De Groene Amsterdammer/We Are Public/Schokkend Nieuws)

Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek?
‘Emotie hoort zeker thuis in de filmjournalistiek, laat ik daarmee beginnen. Vervolgens kun je je afvragen: Op welke manier? En: welke vorm van filmjournalistiek bedoel je precies? In een recensie zal emotie op een andere manier behandeld worden dan in een persoonlijk essay. Ik herinner me recensies van The Light Between Oceans, een melodrama waarbij je niet anders kán dan de emoties benoemen die de film al dan niet oproept. Maakt de film je aan het huilen, ja of nee? Dat is ten slotte de inzet van de maker. Ook recensies van horrorfilms kunnen niet anders dan melden of de film spannend is, schrikmomenten heeft, gore effecten heeft, et cetera. Hierbij spreekt de recensent echter zelden van zijn of haar persóonlijke gevoelens; lachte of huilde hij of zij zélf bij deze film? In een recensie hoort zo’n soort persoonlijke benadering inderdaad niet thuis, vind ik. In een persoonlijk essay mogelijkerwijs wel; het kan dan zelfs de insteek zijn. Een zinnigere vraag zou zijn: heeft de filmjournalistiek behoefte aan meer persoonlijke essays?’

Bij welke film heb je dit jaar gehuild?
‘Vorig jaar heb ik hevig gehuild, in het damestoilet van Rialto. Ik huilde alsof er echt iets ergs gebeurd was, met horten en stoten en schokkende schouders. Onbedaarlijk. Een vrouw kwam geschrokken een toilethokje uit en vroeg of ze kon helpen. Ik had net Son of Saul gezien. In 2016 heb ik vast gehuild bij een of meerdere films; ik huil namelijk nogal makkelijk. Maar er was geen specifiek huilmoment dat me nu nog bijstaat. Maar als je het over “emotie” hebt, dan zou je het niet alleen over “huilen”, over ontroering, moeten hebben. Na het zien van Elle was ik overstuur op een manier die zich niet makkelijk laat duiden. Ik voelde me emotioneel met de hoofdpersoon verbonden, zozeer zelfs dat ik me bekeken voelde; naakt. Ik was boos en blij tegelijk, de adrenaline raasde door mijn lijf. In hoog tempo fietste ik de stad door, trillend op mijn benen en met mijn hoofd nog bij die film. Ik vind het nog steeds lastig om een vinger te krijgen achter wat de film me precies deed voelen, maar ik weet wel dat het iets heel persoonlijks was. Iets wat raakte aan wie ík ben. Een van de dingen die filmjournalistiek zou moeten doen, is dat persoonlijke groter maken. Niet alleen spreken over wat jóu raakt, maar ook over wat dat voor een ander kan betekenen.’

Emma Curvers (Cineville)

Hoort emotie thuis in de filmjournalistiek?
‘Ik denk dat emoties altijd een plek hebben in filmjournalistiek, of je ze daar wil hebben of niet. Omdat de beleving ervan nu eenmaal een emotionele aangelegenheid is, die ik niet weg kan poetsen in het eindoordeel. Of een film empathie (of antipathie, of alles ertussenin) opwekt hangt van mij af, van mijn leven, mijn geschiedenis, mijn bui. Natuurlijk zijn er allerlei neutralere aspecten aan het maken van film te bedenken: was de montage goed, de cameravoering, hoe waren dialogen uitgewerkt – maar toch is in elk daarvan ook mijn smaak van belang. Alles werkt samen, om mij te raken, en als het lukt is dat prachtig. Dat betekent ook dat ik over mijn huilpartij bij I, Daniel Blake kan schrijven, als ik over die film schrijf. Zou kunnen. Maar: je schrijft zo dat het de lezer duidelijk is wat die reactie opriep, zodat ‘ie kan plaatsen hoe deze film werkt, of het ook iets voor hem of haar is. Verhalen gaan over mensen, ze zijn voor mensen – waarom zou je daar ergens boven willen staan?’

Leuk? Deel het even!
Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken