Nu het meest bizarre jaar in jaren achter de rug is,  wordt het tijd voor de redacteuren van Cine om terug te blikken op de films van 2020. De top 5 van onze redacteuren:

Claire Hoogakker

Rocks (Sarah Gavron)

Sweet Thing (Alexandre Rockwell)

Babyteeth (Shannon Murphy)

Kajillionaire (Miranda July)

The Mole Agent (Maite Alberdi)

Het jaar 2020 staat voor mij in het teken van het herwaarderen van de dingen in het leven die we voorheen soms meer voor lief namen. Samenzijn met familie en vrienden, gezondheid, geborgenheid, en je je dagelijkse brood kunnen veroorloven. En zo bleken ook de kleinere (film)verhalen, veelal over kleine, (gebroken) families en gezinnen of het uit balans raken van onvoorwaardelijke familiebanden door externe factoren, mij het meeste te raken dit jaar. In alle films uit mijn top 5 van 2020 is een bepaalde terugkerende thematiek te bespeuren; het opvullen van een bepaalde leegte en de zoektocht naar het gevoel ergens thuis te horen. Soms boordevol surrealistische taferelen (Kajillionaire), soms ingebed in de realiteit (The Mole Agent) én vol ontroerende momenten van eenzaamheid, verdriet en pijn (Babyteeth, Rocks, Sweet Thing), altijd spot on betreft overtuigend acteerwerk en meeslepende verhaallijnen. Stuk voor stuk hebben deze films mij weten te roeren – te laten lachen, of juist (bijna) te laten huilen – en mee op reis genomen tot in de diepe krochten van mijn ziel. Ik kijk uit naar meer mooie, kleine filmverhalen als deze in 2021.

Elise van Dam

City Hall (Frederick Wiseman)

Ik kan geen andere filmmaker dan Frederick Wiseman bedenken die me vrijwillig 4,5 uur kan laten kijken naar vergaderende ambtenaren. En me daarmee ook nog weet te ontroeren. Overigens een goede companion piece voor het eveneens sterke Mayor, over de burgemeester van Ramallah.

The Assistant (Kitty Green)

Minimalistische film over een timide kantoorassistente die tussen het kopiëren en telefoneren in verontrustende signalen oppikt rond haar baas. Een vlek op een bank, een schunnige grap. Het is razend knap hoe ingehouden Green met haar informatie omgaat, en hoe subtiel ze de verhoudingen schetst.  

A Hidden Life (Terrence Malick)

Alleen Terrence Malick kan een film die feitelijk gaat over een man die een morele afweging maakt zo loszingen van het rationele en wortelen in het zintuiglijke. A Hidden Life is een transcendentale film over liefde, kunst en natuur. Over wat het betekent een goed mens te zijn. 

Beanpole (Kantemir Balagov)

Nog zo’n zintuiglijke film. Het schrapen van lepels over pannenbodems, het rinkelen van trams, felle kleuren die van muren afspatten; Balagov toont het leven met een oorlogstrauma niet in grauwe tinten, maar in overprikkeling. Gewonde zielen in een wereld vol scherpe randen.  

I’m Thinking of Ending Things (Charlie Kaufman)

Ik zag deze film twee keer in twee dagen, nadat ik ‘m eerst maanden voor me uitschoof. Weinig films wisten me emotioneel zo te vloeren als Synecdoche, New York, vandaar. Maar Kaufmans nieuwste is eerder alsof de hele vloer onder je verdwijnt. Geen film dit jaar wist me zo op te slokken, om me daarna compleet verward achter te laten.

Ruud Vos

The Last Black Man in San Francisco (Joe Talbot)

Deze film had me, toen de twee zwarte personages samen op een skateboard door de straten van San Francisco zoefden. Wat een opening. En wat een mooi portret van vriendschap, zowel in stijl als acteren.

The Vast of Night (Andrew Patterson)

Soms zijn de films die per ongeluk op je radar komen de meest indrukwekkende. Dit is een showcase van filmtalent, gemaakt voor een minibudget. Wat regisseur Andrew Patterson hierna ook gaat maken, ik ben helemaal aan boord.

Never Rarely Sometimes Always (Eliza Hittman)

Geen enkele film liet me zo dicht op de huid van een hoofdpersonage zitten als deze film. Weet ik nu hoe het is om een ongewenst zwangere tienermeid te zijn? Natuurlijk niet, maar ik ben dichterbij dan ooit.

Mank (David Fincher)

Saai, zeg je? Dan geef mij maar deze trage zwart-witwereld, waarin ik rondhang met mijn nieuwe sardonische drinkebroer Mankiewicz. Hoofdpersonen die nergens meer iets om geven zijn de beste. En props voor Amanda Seyfried. Geef haar een Oscar!

Uncut Gems (Josh & Bennie Safdie)

Een oefening in gecontroleerde chaos die zijn weerga niet kent. Dit en The Lighthouse waren de grootste filmbelevenissen van het jaar. Waarom dan toch Uncut Gems? Die heeft net wat meer te zeggen. 

Eervolle vermeldingen: Da 5 Bloods, Jojo Rabbit en Palm Springs.

Theodoor Steen

Da 5 Bloods (Spike Lee)

Lee is volledig terug in vorm in een film waarvan de rafelrandjes eindelijk iets toevoegen aan de film, in plaats van deze in de weg te zitten, zoals de laatste jaren bij Lee te vaak het geval was.

Kala Azar (Janis Rafa)

Een ongrijpbare film, door Janis Rafa van een geheel eigen stijl voorzien. Met niets vergelijkbaar, en mede daarom onvergetelijk.

Ghost Tropic (Bas Devos)

Een prachtig warme ode aan de stad bij nacht en de kracht van menselijke verbinding. Was ik tijdens het IFFR al onder de indruk, bij een herkijk tijdens de pandemie werkte deze film als een zachte balsem.

Capone (Josh Trank)

Onbegrijpelijk dat de film hier geruisloos op iTunes verdween, na in de VS volledig de grond in geboord te zijn. Dit is origineel, gedurfd filmmaken, en over tien jaar hopelijk een cult classic.

The Day of Destruction (Toshiaki Toyoda)

Ik was mede-verantwoordelijk voor het programmeren van deze film bij Camera Japan, en dit was met stip mijn favoriete film die ik zag als programmeur. De film is gemaakt tijdens de pandemie en maakt deze het hoofdonderwerp, waardoor deze monsterfilm in een lange traditie staat van Japanse monsterfilms die metaforisch zijn voor nationale trauma’s. 

Tim Bouwhuis

Wat moet je nog met films in een jaar dat op zichzelf al de vorm aannam van een worst case scenario, ergens tussen body horror en dystopie? Het voelt wat dubbel: de wereld en het filmlandschap veranderden ingrijpend – en een eenduidig kenterpunt valt nog niet te benoemen – maar wij doen als vanouds aan eindejaarslijstjes. 

Persoonlijk ben ik tóch een groot voorstander. Enerzijds voelde ik me het afgelopen jaar extra aangemoedigd om juist naar films te kijken. Ze boden me troost en ontsnapping, maar tegelijkertijd ook extra scherpte en bezinning. Ik zag dus meer dan genoeg, nieuwe releases inbegrepen. Anderzijds is het juist in deze tijd interessant te kijken wat voor soort titels in aanmerking komen voor een topnotering, en met wat voor films collegae allemaal aankomen. Noodgedwongen werden streamingdiensten, al jaren in opmars, de nieuwe kijkstandaard. Het Nederlandse releaseschema bleek een gatenkaas met telkens weer op maat geïmproviseerde vullingen. Het is een uitdaging om in dergelijke omstandigheden door de bomen het bos nog te blijven zien. Vandaar dat ik in de onderstaande top-5 telkens even heb aangegeven in welke context ik de film in kwestie heb kunnen zien.

A Hidden Life (Terrence Malick)

Lees hier de recensie die ik begin Februari schreef voor Cine.

Beanpole (Kantemir Balagov)

Hoofdrolspeelster Iya (Viktoria Miroshnichenko) draagt een oorlogstrauma met zich mee, en regisseur Kantemir Balagov (Tesnota) kiest ervoor haar mimiek te laten spreken. Makkelijke flashbacks blijven achterwege en het samenspel met Masha (Vasilisa Perelygina) tilt de film naar een nóg hoger niveau.

Dwelling in the Fuchun Mountains (Xiaogang Gu) & Moving On (Dan-Bi Yoon)

Deze twee prachtige drama’s uit (respectievelijk) China en Zuid-Korea doen terugdenken aan het voor mij laatste festival dat nog op legale wijze bomvolle zalen trok. Beide films bieden een kalme, rijke registratie van familierelaties met oog voor culturele context. Is met Dan-Bi Yoon een vrouwelijke filmmaker van het kaliber Hirokazu Koreeda opgestaan?

Malmkrog (Cristi Puiu)

Laat je niet bedriegen door de prachtige buitenplaatjes in de trailer: deze marathonfilm van Roemeense makelij speelt zich zo’n beetje in het geheel binnen af, en er wordt vooral veel gesproken. In een essay legde ik afgelopen herfstseizoen uit waarom dat anno 2020 juist zo’n meeslepende en treffende kijkervaring opleverde.

A Sun (Chung Mong-Hong)

Onder het mom ‘’het is zoeken naar de echte, meer onbekende pareltjes op Netflix’’ bij deze een Taiwanese productie die in 2019 nog draaide in Toronto en vervolgens na de jaarwisseling pardoes op Netflix landde. Mijn aanbeveling: zonder voorkennis goed voor gaan zitten – A Sun duurt ongeveer tweeënhalf uur.

Julius Koetsier

Ik vind: nieuwe films kijk je in de bioscoop. De korte fietstocht naar de bios maakte ik voor de crisis meerdere malen per week, maar om de een of andere reden heb ik het altijd moeilijk gevonden me er thuis toe te zetten een nieuwe film te kijken. Dat verklaart dat ik dit jaar bijzonder weinig nieuwe films gezien heb. Desalniettemin genoeg voor een lijstje.

Uncut Gems (Josh & Bennie Safdie)

Nooit eerder voelde ik zoveel spanning bij een sportwedstrijd.

Da 5 Bloods (Spike Lee)

Misschien wel de beste Amerikaanse Vietnam-film die er is.

I’m Thinking of Ending Things (Charlie Kaufman)

Zo melancholisch en geestig als we van Charlie Kaufman gewend zijn, en ditmaal lijkt hij ook het terrein van de zelfparodie te betreden. Jessie Buckley’s imitatie van Pauline Kael is in elk geval de scène van het jaar.

The Invisible Man (Leigh Whannell)

Elizabeth Moss schittert met een intense rol in de beste crowdpleaser-horrorfilm sinds Get Out. Een film die een zaal dan weer doodstil, dan weer aan het juichen krijgt.

Bacurau (Juliano Dornelles & Kleber Mendoça Filho)

Hartverwarmend om te zien hoe een gemeenschap samenkomt om te strijden tegen kolonisatie. Een sociaal drama ontpopt zich tot het beste soort actiewestern.

Eline Soumeru

The Mandalorian (Jon Favreau)

Zo teleurgesteld als ik ben in de laatste vijf Star Wars-films (met Solo als dieptepunt), zo ontzettend blij ben ik met The Mandalorian. In seizoen twee zijn we een beetje over de Baby Yoda-hype heen en kunnen we vooral genieten van het verhaal.

 Hades (Supergiant Games)

 Je speelt als Zagreus, zoon van Hades, terwijl hij probeert te ontsnappen uit de onderwereld In elke run vecht je je een weg door kamers vol. Je maakt gebruik van een combinatie tussen een wapen naar keuze en een arsenaal aan magische spreuken en upgrades. Het spel blijft een flinke uitdaging, maar doordat je upgrades kunt kopen kom je elke keer een stukje verder en blijft het daardoor leuk.

 Atlantique (Mati Diop)

 Een van de laatste films die ik in een filmtheater heb gezien. Een betoverende en bedwelmende film met een waanzinnige soundtrack. Met prachtige shots wordt heel langzaam het surrealistische verhaal uiteengezet als een modern sprookje over geliefden in de buitenwijken van Dakar.

For Sama (Waad Al-Kateab & Edward Watts)

Deze documentaire laat ons de Syrische revolutie zien door de ogen van een jonge moeder die haar jonge dochter toespreekt. De documentaire laat de kleine momenten van een normaal leven te midden van een gruwelijke oorlog zien, waardoor de momenten van geweld en conflict nog harder binnenkomen.

 Joe Pera Talks With You (Joe Pera)

 In de serie speelt komiek Joe Pera een fictieve versie van zichzelf. Joe Pera woont in het Upper Peninsula van Michigan en geeft koorlessen op een plaatselijke middelbare school. Hij is een beetje onhandig en spreekt heel langzaam, maar als je eenmaal toegeeft aan het tempo wordt duidelijk hoe goed deze serie is. Geen Verenigde Staten van gebroken harten en manische Trump supporters maar een serie over een rustig leven met kleine wonderen.

Luuk van Huët

Sweet Zombie Jesus, wat een gribusjaar hebben we gehad. En daardoor ben ik een stuk minder in de bioscoop te vinden geweest dan normaal. Daardoor bestaat mijn top 5 noodgedwongen niet alleen uit bioscoopreleases. Als je dat als blasfemie beschouwt, dan verwijs ik je naar mijn aanhef. 

YouTube-kookkanalen

Dit jaar omarmde ik YouTube als platform om het nieuws bij te houden (voornamelijk in de vorm van clips van late night shows als Last Week Tonight with John Oliver, The Late Show with Stephen ColbertLate Night with Seth Meyers en The Amber Ruffin Show. Om bij te komen van de intens van de pot gerukte nieuwscycli uit de andere kant van de wereld, ontdekte ik de vele YouTube-kanalen waarin kalmerend gekokkereld wordt: Van Binging with Babish, de opkomst, ondergang en mogelijke rehabilitatie van Bon Appétit, de olijke lads van Sorted Food tot de aanstekelijke chaos van Mythical Kitchen, in de tijd waarin het koken voor anderen en geven van etentjes geen optie is, fungeerden ze als een placebo voor echt gezelschap.

Lovecraft Country (Misha Green)

H.P. Lovecraft was voor zijn tijd een behoorlijk racistisch stuk vreten, maar zijn oeuvre is immens invloedwekkend op horror. Lovecraft Country laat zien wat er gebeurt als een aantal bevlogen fans van Lovecraft’s werk het gebruikt om een serie te maken waarin ze Lovecraft naar hun eigen hand zetten met geweldig resultaat. De serie is niet geheel zonder fouten, maar leverde wel een zinnenprikkelende kijkervaring op die je niet in je koude kleren ging zitten.

Wolfwalkers  (Tomm Moore & Ross Stewart)

Ik was onlangs al lyrisch over Wolfwalkers, de beeldschone animatiefilm van de Ierse Cartoon Saloon studio en dat ben ik gelukkig nog steeds. De film maakt inmiddels serieuze Oscar-buzz los en terecht!

The Mandalorian (Jon Favreau)

Waar de recente Star Wars-films niet allemaal bevredigend zijn geweest, om het voorzichtig uit te drukken, wist The Mandalorian wel te scoren bij zowel publiek als bij de critici. De serie is toegankelijk genoeg voor Star Wars-newbies, maar zit tevens tjokvol verwijzingen naar de originele films en favoriete personages uit de geschiedenis van de franchise. De finale herstelde grotendeels mijn vertrouwen in de toekomst van het dit universum dat nog steeds ver weg is, maar waar we voorlopig nog geen genoeg van krijgen.

Parasite (Bong Joon-ho)

Sure, de film kwam in 2019 uit, maar ik zag hem pas dit jaar. En aangezien de competitie bestaat uit twee andere films die ik in de bioscoop zag dit jaar, wist Parasite alle competitie compleet omver te blazen.