Nu aan het lezen:

Cry baby, cry: De esthetisering van de huilende vrouw door de filmjaren heen

Cry baby, cry: De esthetisering van de huilende vrouw door de filmjaren heen

Huilende vrouwen op het (witte) doek:  een veelvoorkomend onderwerp in de gehele film- en kunstgeschiedenis. Zo schilderde Pablo Picasso zijn muze Dora Maar vrijwel altijd huilend. Ook de filmgeschiedenis zit er boordevol mee. Er is niets romantischer en hartverscheurender dan een mooie – want dat zijn ze bijna altijd – vrouw die smachtend op een telefoontje van haar minnaar wacht, terwijl er een dikke traan over haar wang rolt. Of een vrouw die achter het aanrecht uien staat te snijden, waarbij de kijker zich afvraagt of die uien nou echt de veroorzaker zijn van haar tranen. Ik geef toe dat dergelijke taferelen ook soms bij mij een gevoelige snaar raken. Maar waarom eigenlijk? Is het een stukje herkenbaarheid? Waarom worden huilende vrouwen vaak geësthetiseerd en daarmee ook geobjectiveerd in de film? Opvallend is het feit dat het vooral mannelijke kunstenaars en filmmakers zijn, die vrouwen afbeelden als kwetsbare, gevoelige wezens met oncontroleerbare emoties. Denk aan de vrouwen vastgelegd door de lens en male gaze van Rainer Werner Fassbinder, Stanley Kubrick en Lars von Trier. Een chronologisch overzicht van de hoogte- en dieptepunten omtrent huilende vrouwen in film.

De film noir is onlosmakelijk verbonden met de constructie van genderrollen en emoties als  melancholie, teleurstelling, somberheid en vervreemding, die in de jaren 40 hoogtij vierden in zowel het dagelijkse leven als op het witte doek. De huilende vrouw werd in de films uit dat tijdperk dan ook vaak centraal gesteld. De verhalen zijn meestal gebouwd rond een cynisch, hardvochtig en gedesillusioneerd mannelijk personage en een mooie, verleidelijke en promiscue femme fatale. Dit personage zet vaak haar vrouwelijke listen en seksualiteit in om het mannelijke personage te manipuleren, niet zelden met moord tot gevolg. Terwijl vrouwen gedurende de oorlogsperiode een nieuwe onafhankelijkheid en betere inkomens verworven in hun thuislanden, zouden ze op het witte doek blijven lijden.

Een onvergetelijke huilscène is die van Deanna Durbin in Christmas Holiday (1944), waarin zij zich realiseert dat de man met wie ze trouwde een onverbeterlijke mislukkeling is. Desondanks blijft ze van hem houden en voortleven in zijn genadeloze schaduw. Durbin werd geprezen in de pers om het uitbeelden van ‘dramatische glorie’. De filmslogan luidt ‘liefde was haar misdaad, liefde was haar straf.’ Dat zij emotioneel gestraft werd blijkt uit haar tranen met tuiten. Waarom zij in godsnaam gestraft moest worden voor haar liefde is mij echter een raadsel. Toegegeven moet worden dat het een prachtig plaatje oplevert: de close-up van haar uitgelichte gezicht tegen de wazige achtergrond, met de contouren van haar golvende haren uitgelicht en haar ogen en tranen glinsterend in het duister.

Deanna Durbin in Christmas Holiday (1944).

Natuurlijk mag de film noir-klassieker en tevens mijn favoriet Casablanca (1942) niet ontbreken, met maar liefst twee ijzersterke huilscènes. De kroon wordt gespannen door Madeleine de Beau, die ervan wordt beschuldigd te zijn overgelopen naar de vijand door met een Duitse soldaat te gaan. Echter, zodra het Franse volkslied luid klinkt met als doel de Duitse zingende soldaten te overstijgen, zingt zij luidkeels mee en schreeuwt huilend: ‘Vive la France!‘ De overgebrachte emoties zijn wellicht zo sterk en puur omdat deze scène is opgenomen tijdens de nazi-bezetting van Frankrijk. Er is ook wel beweerd dat deze tranen echt waren, omdat de figuranten veelal vluchtelingen van het Duitse regime waren. Die onmiskenbare rauwe emoties gaan door merg en been.   Het afscheid tussen Rick Blane (Humphrey Bogart) en Ilsa Lund (Ingrid Bergman) krijg je ook nooit meer van je netvlies.  Humphrey zegt dat hij voor altijd van Ingrid zal houden, maar dat zij echt op het vliegtuig zal moeten stappen om haar veiligheid te waarborgen. Als zij vraagt ‘What about us?‘ antwoordt hij: ‘We’ll always have Paris.‘ En terwijl de tranen over haar gezicht stromen zegt hij liefkozend: ‘Here’s looking at you, kid.‘ Deze ‘kid’ komt bijna ironisch over in een tijd waarin je gedwongen wordt de harde realiteit van het leven onder ogen te zien en er geen ruimte is voor kinderlijke onschuld.

 

Ingrid Bergman in Casablanca (1944).

Audrey Hepburn heeft ook heel wat afgehuild gedurende haar filmcarrière, bijvoorbeeld in Roman Holiday (1953). Zij speelt hierin de prinses Ann die gedwongen wordt haar relatie te beëindigen met de Amerikaanse journalist Joe Bradley (Gregory Peck). Het lukte haar echter maar niet om te huilen tijdens de opnames. Toen besloot de regisseur William Wyler zich er maar mee te bemoeien en Audrey compleet de grond in te trappen. ‘Hoe lang denk je dat we hier nog op gaan wachten? De hele nacht?’ Hij was zó kwaad op haar, dat ze vanzelf begon te huilen. Hij legde het vast, gaf haar een knuffel en liep weg. Het was Hepburns eerste hoofdrol, waarvoor ze een Oscar voor Beste Actrice zou winnen. Helaas wel tegen een hoge prijs. Een tekenend voorbeeld van hoe mannelijke filmmakers vaak inspelen op vrouwelijke emoties om iets voor elkaar te krijgen – zowel op artistiek als seksueel gebied.

 

Audrey Hepburn en Gregory Peck in Roman Holiday (1953).

Ook de nouvelle vague is niet vies van wenende vrouwelijke gestalten. Een van de meest iconische huilscènes van de nouvelle vague is die uit Vivre Sa Vie (1962) van grootmeester Jean-Luc Godard, waarin Anna Karina in een duister bioscoopzaaltje zit. Ze kijkt aandachtig en overpeinzend naar een scène uit Carl Theodors Dreyers The Passion of Joan of Arc (1928). Jean wacht op haar doodvonnis, terwijl de tranen over haar wangen stromen. Deze stomme film is hét toonbeeld van hoe emotie overgebracht kan worden zonder geluid, te danken aan de fenomenale acteerprestaties van Maria Falconetti. Daarna komt er een close-up van Anna Karina’s uitgelichte gezicht in de donkere cinema in beeld, waarin te zien is dat zij stilletjes doch overtuigend meehuilt.

 

Anna Karina in Vivre Sa Vie, 1962.

Jean-Luc Godard heeft Anna Karina veelvuldig ingezet als huilend personage in zijn films, zo ook in Une Femme Est Une Femme (1961). Eén scène is zelfs een pleidooi voor de huilende vrouw te noemen, waarin de exotische danseres Angéla ons leert dat ‘wij vrouwen’ niet bang hoeven te zijn om te huilen. ‘Er is niets mooiers dan een vrouw in tranen. We moeten vrouwen die niet huilen boycotten,’ roept ze als reactie op de verklaring van haar partner Émile dat vrouwen in tranen lelijk zijn. Angéla bewijst dat krachtige emoties geen zwakte zijn en dat eerlijkheid en openheid echte bronnen van schoonheid zijn, zelfs – of wellicht des te meer – als ze huilt. Een van de meest bepalende eigenschappen van Angéla is haar nieuwsgierige karakter; door de vragen die ze stelt maken we kennis met de bredere thema’s van de film rond identiteit, realiteit en waarheid. Ze bevraagt haar eigen leven en het leven an sich, door vragen te stellen als ‘En ik? Wat ben ik?’ en de ongelijkheden in het leven (‘Waarom lijden vrouwen altijd?’). Ze accepteert de woorden van anderen niet zomaar, tenzij ze ondersteund kunnen worden door acties. Het is een vrouw met grote overtuigingskracht en moed en een duidelijke eigen wil en visie. Vivre Sa Vie vormt een opmerkelijke studie van vrouwelijke onafhankelijkheid in het Frankrijk van de jaren zestig.

 

Anna Karina in Une Femme Est Une Femme, 1961.

Daarnaast valt de iconische huilscène van Laura Dern in het neo-noir mysterie Blue Velvet (1986) van David Lynch niet te vergeten. Dern mag wat mij betreft gekroond worden tot huilkoningin op het witte doek. Zij speelt Sandy, die compleet verscheurd is omdat ze net ontdekt heeft dat haar geliefde Jeffrey (Kyle MacLachlan) haar bedriegt met de bloedmooie en mysterieuze Dorothy Vallans (Isabella Rosselini). De oorzaak van haar tranen is wellicht clichématig, en ook zeker niet al te feministisch. Het is wel een iconische scène met ijzersterk acteerwerk van Dern. Zó iconisch zelfs, dat Laura Derns expressieve huilgezicht veelvuldig gebruikt is in memes en op merchandise als T-shirts. Vier jaar later, in Wild at Heart (1990), toont ze wederom haar uitmuntende vermogen om emoties over te brengen door middel van hartverscheurende huilscènes.

 

Laura Dern in Blue Velvet, 1986.

Laura Dern in Wild at Heart, 1990.

Die Lynch kan er wat van: ook in Twin Peaks (1990-2017) zijn talloze huilende vrouwen te bespeuren en in Mulholland Drive (2001) is een uitmuntend schone en iconische huilscène aan te treffen. Lynch is met name berucht om zijn  surrealistische beeldtaal en raadselachtige verhalen, maar soms neemt hij hierin een stapje terug en laat hij passie, verdriet en tranen de boventoon voeren. De scène speelt zich af in de mysterieuze Club Silencio, waar Rita (Laura Elena Herring), gehuld in een platinablonde pruik, en Betty (Naomi Watts) hun heil zoeken nadat zij een dode vrouw hebben aangetroffen. De gastheer verkondigt aan Rita en Betty, de enige toeschouwers in de zaal, dat ‘alles een illusie is.’ Dan verschijnt Rebekah Del Dio, met dieprode lippenstift op en een traan gemaakt van glitter, op het podium. Ze zingt ‘Llorando’, een Spaanse a capella versie van Roy Orbison’s ‘Crying’. Deze versie is emotioneel krachtig en beladen, haar stem doordrongen van meer passie en pathos dan het origineel, maar bombastischer dan Orbison zelf ooit had gewild. Zowel bij Rita als Betty stromen de tranen oncontroleerbaar over hun wangen, terwijl ze elkaar liefdevol troosten. Vervolgens stort Del Dio in elkaar op de grond, terwijl het nummer blijf doorspelen. Haar performance was slechts een opname. Niets is dat het lijkt. Alles is een illusie.

 

Naomi Watts in Mulholland Drive, 2001.

Huilscènes trekken nog steeds veel aandacht, met name in de media en op sociale mediakanalen. Vijf jaar geleden werd Claire Danes even medegedeeld het lelijkste huilgezicht uit de filmgeschiedenis te hebben, op een blog die compleet gewijd is aan het documenteren hiervan.

Dit talent heeft ze al haar hele carrière: van een van haar eerste rollen als Juliet in Romeo + Juliet (1996) tot recentere rollen in bijvoorbeeld Homeland (2011-). Haar lelijke gehuil is zelfs publiekelijk bekritiseerd en geridiculiseerd, onder andere bij Saturday Night Live en in vele memes. Dit suggereert dat vrouwen die huilen over het algemeen worden beschouwd als esthetisch, en dat als je daar als vrouwelijke actrice niet aan voldoet, je buiten de boot valt. Danes geeft er echter niets om of haar huilgezicht lelijk gevonden wordt of niet, omdat ze simpelweg een professional is. Dat is pas bad ass.

 


Claire Danes in Romeo + Juliet, 1996.

Claire Danes in Homeland, 2011.

Desondanks zie ik ook een verfrissende toename van huilende mannen op het witte doek. Zo vond ik bijvoorbeeld de scène uit Lady Bird (2017), waarbij Danny (Lucas Hedges) zich huilend in de armen van Lady Bird (Saoirse Ronan) stort, erg overtuigend. Call Me By Your Name (2017) eindigt met een allesverterende close-up van Elio (Timotheé Chalamet), zittend voor de open haard met een betraand gezicht en rooddoorlopen ogen, terwijl Sufjan Stevens zachtjes doch indringend op de achtergrond klinkt. Door het raam op de vervaagde achtergrond zie je nog net de eerste sneeuwvlokken dwarrelen. De winter is aangebroken, en daarmee is ook zijn zomerliefde doodgevroren. Dit waren echter in beide scènes tranen om andere mannen of uit frustratie om hun geaardheid.

De moraal van dit verhaal is, om in de woorden van Godard te spreken, ‘laten we huilende vrouwen niet boycotten.’ Maar ik voeg graag toe: ook zeker huilende mannen niet. Want emoties zijn menselijk en mogen er zijn, ongeacht gender, geaardheid, leeftijd of tijdsgeest. Zolang het er maar om gaat pure emoties te tonen, en niet om personages te esthetiseren of stereotyperen en daarmee te kleineren.

Lachen is gezond, maar er lucht niets méér op dan af en toe een stevig potje mee te janken met je favoriete filmpersonages. Dus kijk een van deze films en huil onbezorgd mee met een doos tissues in de aanslag, wie je ook bent. Veel kijk- en huilplezier.

Leuk? Deel het even!
Leuk? Deel het even!
Written by

Kunsthistorica van origine met een sterke focus op film en fotografie. Schrijft naast Cine voor onder andere voor EXPOSED. Voorliefde voor de nouvelle vague, hedendaagse arthouse en het documentaire genre. Ze beschouwt het stukje plastic van de Cineville-pas als haar gouden ticket naar een andere wereld.

Typ en klik enter om te zoeken