Nu aan het lezen:

Cinematties: Once Upon a Time… in Hollywood

Cinematties: Once Upon a Time… in Hollywood

Cinematties Luuk van Huët, Julius Koetsier, Sjoerd van Wijk, Ruud Vos, Thierry Verhoeven en Hedwig van Driel zagen de nieuwe Tarantino. Een spoilerrijke discussie over nostalgie, geweld en andere problematische thema’s.

Luuk van Huët: Once Upon a Time… in Hollywood voert ons terug naar Hollywood in 1969, waar de hippies welig tierden, het oude studiosysteem belaagd wordt door rebelse filmmakers als Dennis Hopper en andere easy riders en aanstormende acteurs verslingerd waren geraakt aan method acting. Quentin Tarantino’s nieuwe film speelt zich af in die hoogtijdagen van Hollywood, maar over de film hangt ook een duistere schaduw: op 9 augustus 1969 werden de hoogzwangere jonge actrice Sharon Tate en vier vrienden gruwelijk afgeslacht in het huis dat Tate deelde met haar echtgenoot, regisseur Roman Polanski. De drie daders waren leden van de sekte van Charles Manson, ook wel The Family genoemd. Zonder die kennis is de film lastig te duiden.

Julius Koetsier: Zoals altijd verwijst Tarantino veelvuldig naar de filmgeschiedenis, maar ik zag ditmaal nauwelijks zijn gebruikelijke reflectie op die geschiedenis. Ik zag eigenlijk alleen adoratie en onversneden nostalgie.

Sjoerd van Wijk: Tarantino mixt altijd naar hartelust genres door elkaar waar hij fan van is, dat is in Once Upon a Time niet anders. Dat het hier doorslaat richting onversneden nostalgie is echter wel een valide punt. Interessant genoeg is dat de reden dat dit Tarantino’s beste (en enige goede) film is. In plaats van zich te verschuilen achter het valse credo van vermaak om personages geweldorgies te laten beleven, zit er dankzij de nostalgische schwung een emotionele resonantie aan de belevenissen van acteur Rick Dalton en stuntman Cliff Booth. Dalton die opbreekt in het bijzijn van een kindactrice heeft een lading die zelfs in Jackie Brown niet te vinden is. Samen met die film is dit de enige keer dat Tarantino oprecht overkomt.

JK: Ik zie een veel oprechtere Tarantino in zijn andere films: het alternatieve hergebruik van Sette Note in Nero in Kill Bill, of Cat People in Inglourious Basterds; het magische moment dat Stuntman Mike de vierde muur breekt in Death Proof; de plotselinge overgang van zwart-wit naar kleur in die film. In die instinctieve maar zorgvuldige beheersing van het medium zie ik een oprechtere filmmaker dan hier.

SVW: Het verschil is dat ditmaal de film niet zelf een popcultuurfantasie is, maar dat de personages erin een leven. Het dwingt Tarantino om popcultuuradoratie onder de loep te houden, in plaats van louter goochelen.

JK: Ik zie die kritische benadering ook veel meer in zijn eerdere films.

Ruud Vos: Vergeet niet dat Tarantino dit zijn ‘memory piece’ noemt. Dit is zijn versie van een zeer persoonlijke film. Ik zag voor het eerst sinds tijden een terughoudende Tarantino. Dat vond ik niet alleen prettig, maar ook passend en ik heb heel veel plezier beleefd aan Once Upon A Time… in Hollywood. Ook al kwam hij me verder inderdaad vrij oppervlakkig over.

Thierry Verhoeven: Ik vond het eigenlijk wel meevallen met de bewieroking van de filmwereld. In tegenstelling tot andere Tarantino-films gaat deze nu eens niet over de beleving of impact van cinema, maar over de creatie ervan. En die is niet bijster magisch. Voor de hoofdpersonages is het werk in de filmindustrie gewoon een baan, niet meer of minder. Er wordt geregeld naar gehint dat stuntman Booth de echte held is, terwijl acteur Dalton constant met de eer mag strijken. Helaas wordt dat nogal ondergraven door van Dalton een tamelijk sympathiek figuur te maken (hij kijkt totaal niet neer op zijn stuntman en probeert hem zo lang mogelijk aan te houden) en Booth constant neer te zetten als iemand met behoorlijk duistere randjes. We sympathiseren weliswaar met hem omdat hij minder klaagt dan Dalton en gespeeld wordt door Brad Pitt, maar zijn morele kompas wijst niet altijd noordwaarts. Wanneer hij een veel jongere lifter oppikt en zij hem een blowjob aanbiedt, zegt Booth niet gewoon ‘nee, dank je,’ maar wil hij direct weten hoe oud ze is. Dat lijkt toch te suggereren dat als ze oud genoeg was geweest, hij geen bezwaar zou hebben tegen haar mondelinge diensten.

Hedwig van Driel: Zou deze scène wellicht ook een manier zijn geweest voor Tarantino om zijdelings te refereren aan de latere daden van Polanski? Hij heeft hem in het verleden verdedigd, dus wie weet probeert hij zo te zeggen dat de fout van Polanski niet een morele was maar een puur praktische: had die (dertienjarige) meid nou gewoon even om haar papieren gevraagd, dan had je jezelf al dit gedoe kunnen besparen. ‘What would Cliff Booth Do?’

JK: Nou ja, Polanski had Samantha Geimer gedrogeerd, en Tarantino is door het stof gegaan voor zijn verdediging. Maar dat hij in zijn film naar Hollywood-gerelateerde misdaad verwijst is duidelijk. Ook de geruchten dat Booth zijn vrouw vermoord heeft, die Rick Dalton weigert te geloven, verwijzen naar pijnlijke realiteit. Is dit hoe Tarantino omgaat met zijn Harvey Weinstein-verleden (‘Ik had iets kunnen doen’)?

RV: I don’t wanna piss on your strawberries, maar ik vraag me af in hoeverre hij verwijst naar iets anders dan de tijd die hij afbeeldt. Dat weigeren van de pijpbeurt is in eerste instantie een verwijzing naar hoe vrouwelijke leden van de Manson Family in het echt jonge mannen rekruteerden om naar Spahn’s Ranch te komen en zich eventueel bij de sekte aan te sluiten. Wat Tarantino er misschien mee wil zeggen over Polanski? Geen idee, daar brand ik liever mijn vingers niet aan.

LvH: Het is een van de indicatoren dat Booth neergezet wordt als een van de white hats, net zoals we het morele karakter van een personage mogen afmeten door te zien hoe ze met dieren en kinderen omgaan. Cliff is een toegewijde baas voor zijn trouwe pittbull terrier Brandy. De katerige Dalton krijgt een connectie met kindactrice Trudi (Julia Butters), wat hem inspireert tot een doorbraak als acteur. Maar Tarantino speelt standaard met dit soort verwachtingen. Zoals de schattige doggo Brandy zich indien nodig ontpopt tot een pluizige kettingzaag, zijn Booth en Dalton in staat tot oud-testamentisch bloedvergieten.

TV: Die conversatie tussen Dalton en die kindactrice leverde me aanvankelijk gekrulde tenen op. Dalton vertelt over het pulpboekje dat hij leest, waarvan het verhaal overduidelijk dat van hemzelf reflecteert. Echt zo’n holle scène die je na de eerste twee zinnen al helemaal kunt uittekenen, leek me. Maar tot mijn verrassing maken Tarantino en vooral DiCaprio er toch iets emotioneel sterks van. Dit moment krijgt een mooie terugkoppeling wanneer Dalton later door het meisje wordt gecomplimenteerd met het beste acteerwerk dat ze ooit heeft gezien. Een mooie opsteker voor hem, maar uiteindelijk betekent dit niets voor de lange termijn.

RV: Een mogelijke interpretatie: voor de ogen van nieuw, jong Hollywood – waar dat meisje, Trudi, onmiskenbaar deel van uitmaakt – heeft hij daar een oprecht moment waarop hij om zijn carrière rouwt. Althans, zijn carrière zoals die was. Daarna heb je eerst nog wel een opname waarbij hij nog wat door de scène stuntelt, maar later weet hij zich aan te passen aan zijn nieuwe situatie. Hij geeft in die tweede scène – met Trudi! – een enorme zwiep aan de rol van de heavy, de schurk van de week. Het is een moment van acceptatie en van hernieuwd zelfvertrouwen, zonder welke hij niet de Italiaanse filmwereld ingedoken was. Maar misschien praat ik nu alleen maar een tweetal scènes goed die ik persoonlijk gewoon mooi vond. En lief. Kwetsbare Rick Dalton is best wel ontzettend lief.

TV: Zoals eigenlijk elke Tarantino-film na Reservoir Dogs is Once Upon a Time te lang. Ik kan echter zo een-twee-drie geen scène noemen die ik zou hebben geschrapt, al zijn er misschien wel stukjes die hadden kunnen worden bijgeschaafd. Zo is er de lange scène waarin Cliff Booth op terechtkomt de ranch van de Manson Family en snel doorkrijgt dat niet alles in de haak is. Als hij genoeg heeft gezien en er vandoor wil, blijkt dat iemand zijn band heeft lek gestoken. Aldus geeft hij de verantwoordelijke een paar stevige meppen en dwingt hem het wiel te vervangen. Maar in de tussentijd gaat een van de meisjes er met een paard in volle galop vandoor om een mannelijk sektelid erbij te halen. Maar wanneer hij arriveert, is Booth net weg. Niet met gierende banden, maar gewoon goed op tijd; je ziet hem nog net in de verte wegrijden. Al die set-up zonder pay-off;  alle opgebouwde spanning is gelijk vervlogen. Had dan gewoon die scène vijf minuten eerder beëindigd!

JK: ‘Te lang’ vind ik een onzinkritiek; geen enkele goede film is te lang. Hooguit te traag, of te vol met overbodige scènes. Ik zag er een paar die eruit hadden gemogen. Die waarin Sharon Tate een boek koopt voor Roman Polanski, bijvoorbeeld. De verkoper is Clu Gulager (onder meer bekend van de jaren-60-westernserie The Tall Man) en het boek is Tess of the d’Urbervilles, in 1979 door Polanski verfilmd. Los van die twee knipogen gaat die scène volgens mij nergens over.

HvD: Vier knipogen, volgens mij: er staat een beeldje van The Maltese Falcon en in The Big Sleep zit een scène in net zo’n boekhandel. Maar inderdaad: liever die scène eruit dan die bij de ranch, want volgens mij is dat een van de belangrijkste in de hele film! Niet alleen maakt het deel uit van de (twijfelachtige) afbeelding van de Manson-family als een soort matriarchaat van manipulatieve vrouwen, maar het is gefilmd en gemonteerd als een klassieke western. Inclusief:
De eenzame zwerver die in een verlaten plaatsje belandt;
Iemand die te paard rijdt door een landschap dat niet écht western-landschap is maar wel in talloze films als western-landschap gepresenteerd werd;
Lage shots met iemand voeten op de voorgrond die zo van Leone gejat zijn.
Kortom: wat Tarantino hier doet is het publiek eraan herinneren dat dit niet de werkelijkheid is, maar een filmfantasie — en bij die fantasie hoort dat je net op het nippertje ontsnapt.

TV: Ik ben niet bekend met televisiewesterns van die tijd, maar ik had altijd de indruk dat ze vrij simpel en goedkoop werden gedraaid. Daar is hier weinig van te merken. De sets zijn behoorlijk indrukwekkend en de belichting en het camerawerk beter dan menige bioscoopwaardige western uit die tijd.

JK: Het is nostalgische film, niet per se over hoe het was, maar over hoe je je het herinnert, en hoe het eigenlijk had moeten zijn. Kleine Quentin zal heel wat van die westernseries op tv gezien hebben, en door zijn kinderogen leken ze waarschijnlijk veel grootser en spectaculairder. Dat is de wereld waarin hij ons meeneemt.

HvD: Precies, het is — net als bij die scène bij de ranch — de filmfantasieversie! Daarom zie je de camera’s en crew ook niet. Ik vind dit eerlijk gezegd juist een van de meest geslaagde elementen van de film, die ook ervoor zorgen dat het einde eigenlijk het enige mogelijke einde is. De hele tijd geeft Tarantino ons hints dat we ons in een alternatief universum bevinden, niet de wereld hoe hij was maar hoe hij zou moeten zijn… en dat is tegelijkertijd ook weer een van de gevaarlijke kanten. Want in die wereld zoals hij (volgens Tarantino) zou moeten zijn, zijn witte mannen de helden. Zelfs (of misschien in het bijzonder) witte mannen die wel eens hun (bloedirritante) vrouw zouden kunnen hebben vermoord. Geen wonder dat een website als Quilette de film fantastisch vindt — en duidt als ‘a-politiek’, waarmee ze eigenlijk bedoelen ‘zonder politieke implicaties die ik confronterend vind’.

SvW: Margot Robbie lijkt juist het emotionele ijkpunt van deze film. Stiekem de ware heldin van Once Upon a Time. Haar zelfverheerlijking in de bioscoop bevat een aanstekelijke onschuld. Juist door de weinige dialogen komt er alle ruimte voor Robbie om te spreken. Gelukkig maar, want Death Proof liet zien dat Tarantino’s personages vaak als hemzelf praten.

JK: Ik zie Once Upon a Time toch vooral als ode aan ouderwetse filmcowboys. Conservatieve gasten die niks op hebben met nieuwerwetse zaken als hippiecultuur, Europese westerns en Aziatische actiehelden. Tarantino lijkt te zeggen (en dit is mijn minst gulle interpretatie): waren er maar twee van zulke mannen geweest, échte mannen, die hadden Sharon Tate kunnen redden en dan waren de jaren 60 niet geëindigd en had alles mooi en onschuldig kunnen blijven. Witte macho’s, bewaak de Amerikaanse cultuur! Ik weet dat Tarantino dat niet wíl zeggen, want hij is een fan van spaghettiwesterns en Bruce Lee, en hij heeft meermaals gewezen op ‘white supremacy‘ in de westerns van John Ford.

LvH: Speaking of Bruce Lee, er is de nodige kritiek geweest op de wijze waarop Tarantino hem neerzet als een pompeuze, smack talkin’ hork die door Booth een lesje geleerd moet worden. In een flashback zien we hoe Booth en Lee met elkaar knokken, waarbij Booth Lee op een bepaald moment oppakt en met dusdanige kracht tegen een autodeur gooit, dat er een fikse deuk in verschijnt. Wellicht overanalyseer ik de scene, maar het kwam op mij over als een soort dagdroom van Booth, die niet de meest betrouwbare verteller is. Een ‘yeah, I could’ve kicked his ass’-wensdroom.

RV: Een problematisch aspect aan de eindscène is wat mij betreft het stuk vooraf in de auto, waar de vier leden van de Manson Family besluiten om niet het huis van Polanski, maar dat van Dalton aan te vallen. En ik ga nu lekker op een detail vitten. Hun motivatie: films zitten boordevol geweld, dus laten we eens zo’n acteur uit zulke films en series laten zien hoe erg geweld is. Tarantino legt hier kritiek die hijzelf krijgt – dat zijn films te veel geweld verheerlijken –  in de mond van de slechteriken. Daar zitten wat vervelende connotaties aan. Zo stelt hij zijn critici gelijk aan jonge beïnvloedbare mensen, die onder invloed van de verkeerde persoon gruwelijke daden begaan. En dan gooit hij als het ware zijn eigen criticasters in het orgastische filmgeweld dat ze bekritiseren.

HvD: Ik snap wel dat vrouwelijke recensenten erg verdeeld zijn over de film — ik ben het ook! Ik heb genoten, maar Tarantino heeft blinde vlekken. Hij heeft duidelijk heel goed nagedacht over neon-letters en welke films er getoond zouden worden in februari 1968 in de Bruin-bioscoop in Westwood en wat Dalton voor een carrière zou hebben gehad… maar iets minder goed over het gevolg van het zo klein maken van de rol van Manson en zich vooral te richten op de vrouwen die zijn opdracht uitvoeren.

JK: Ik denk dat hij niet wilde dat Manson de film over zou nemen. Waar hij Hollywood mythologiseert, wil hij de mythe van Manson juist ontkrachten. Hij was maar een zielig klein figuurtje. Ik weet niet of de film sterker zou zijn als Manson getoond werd als manipulatieve leider van de sekte. Dan loop je het gevaar dat die vrouwen naïef overkomen.

HvD: Het is niet zozeer dat ik de vrouwen wil vrijpleiten — het feit dat Linda Kasabian (in de film gespeeld door Maya Hawke, dochter van Tarantino’s muse Uma Thurman) op het laatste moment twijfelde toont dat de leden van de Manson-familie altijd nog een keuze hadden. Maar er is een reden dat Manson ook veroordeeld werd, in het echt. Tarantino daarentegen richt zijn bloedigste wraak op de twee vrouwen die Tate en haar vrienden komen vermoorden. In mijn zaal werd hardop gelachen. Dat is niet toevallig: dat Tarantino heel goed weet hoe je gruwelijk geweld en cathartisch geweld van elkaar onderscheidt toonde hij onder meer in Django Unchained.

TV: Deze wijze waarop de indringers worden bevochten, sterkt mij in het idee dat we Booth en (in mindere mate) Dalton niet per se als rechtschapen helden moeten beschouwen. De Manson-aanhangers worden namelijk niet gewoon uitgeschakeld, maar volkomen vernietigd. Het zou mij niet verbazen als we Booth mogen beschouwen zoals Ryan Goslings personage in Drive: iemand die al zijn agressie maar net in toom kan houden, maar volledig in zijn element is als die agressie mag worden aangeboord.

HvD: De Manson-familie verdient op zich ook niet minder fantasiewraak dan de nazi’s uit Inglourious Basterds of slavenhouders uit Django Unchained… maar daar werd de wraak grotendeels uitgevoerd door hun slachtoffers. In Basterds was het Shoshanna die alles in de hens zette; in Django is het Django die losgaat nadat Dr. King Schultz het startschot geeft. Waarom kan het hier dan niet de hoogzwangere Tate zijn die de trippende Booth redt, of op z’n minst een handje helpt? Waarom zijn het twee verongelijkte witte mannen die in deze fantasie de wereld redden van die vieze vuile hippie-vrouwen?

JK: Ik had ook verwacht dat Tate wat meer te doen zou krijgen. Maar goed, nu hebben we het vooral over een hypothetische film. In de film die we zagen, krijgt Sharon Tate niets mee van de Manson Family, waarmee haar onschuldige Hollywooddroom bewaard blijft.

SvW: Once Upon a Time is lang een zwoele droom waarin subtiel de schaduwzijde van het hippietijdperk rondspookt. Waar Cliffs uitbarsting na de spanning op Spahn Ranch nog een zorgvuldige opleving is, kan Tarantino het helaas aan het einde niet laten weer net als de voorgaande paar films te vervallen in een onnozele wraakfantasie. Deze simplistische oog om oog, tand om tand mentaliteit gaat voorbij aan de historische complexiteit van de wraak. Een smet op deze film.

RV: Maar daar zit ook mogelijk een probleem in: het is binnen de context van de film niet eens echt wraak. Het is slechts zelfverdediging tegen een drietal invallers. Ze hebben nog niets gedaan wat wraak verdient. Tarantino doet er in heel Once Upon A Time namelijk weinig aan om de algehele historische context weer te geven. Ja, hij stopt er vakkundig veel werkelijke details over de Manson Family in, maar ze hebben in de film nog geen moord gepleegd. Dat klopt voor mij niet helemaal, zelfs al weet ik vooraf verdomde goed hoe gruwelijk de moord op Tate en haar vier huisgenoten in het echt was, en welke schokgolven die heeft achtergelaten. Maar als ik het er met anderen over heb, lijk ik wel altijd de enige die er last van heeft.

JK: Dat maakt die finale voor mij juist interessant. Wij weten hoe het gegaan zou zijn, dus kunnen we mee met Tarantino’s fantasiecowboys die wraak nemen alsof zij het ook weten. En ergens weten ze het ook. Ze zijn immers tijdloos. Wat me wel dwars zit, is wat Sjoerd hierboven zegt — in eerste plaats omdat dit volgens mij juist de eerste keer is, dat Tarantino zo simplistisch met wraak omgaat. In Kill Bill lopen alle wraakpogingen na O-Ren Ishii anders dan verwacht (je zou zelfs van een mislukking kunnen spreken). In Inglourious Basterds is het de grootste schurk van de film die verantwoordelijk is voor het happy end.

SvW: Maar het komt toch puntje bij paaltje neer op een extravagante vergelding van een (historisch) kwaad. Ook Hans Landa krijgt uiteindelijk zijn litteken. Ongeacht de weg er naartoe, eindigen de ontvangers volgens de oog om oog, tand om tand-moraal.

JK: Maar nooit zonder dat de helden zich medeplichtig hebben moeten maken aan hetgeen waarvoor ze zich wreken, door binnen het gruwelijke systeem van hun onderdrukkers een rol te spelen (het meest expliciet in Death Proof en Django Unchained).

LvH: Zullen we deze Cinematties afsluiten door het feit te omarmen dat Once Upon a Time een film is die deze rijke discussies oproept? Je kan Tarantino’s gedeelde universum afdoen als een goedkope gimmick, maar ik zie zijn werk als een gedachtenexperiment waarin hij zijn evoluerende visies op ras, klasse, gender, fictie, taal en specifiek de rol van fictief en daadwerkelijk geweld ontvouwt. Doordat zijn films allemaal met elkaar verweven zijn, is hij daarmee een al 27-jaar durende dialoog aangegaan met het publiek, andere filmmakers en de filmcritici. En waar vandaag de dag, misschien meer dan ooit we aan filmmakers vragen om morele duiding, zoekt Tarantino juist consequent morele ambiguïteit op. Niet uit luiheid, lafheid of alleen om te choqueren, maar omdat hij het niet kan laten om zijn vingers op zere plekken te leggen.

Leuk? Deel het even!
Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken