Wat een jaar was 1995. Clinton was president van de VS, Irene Moors en de Smurfen stonden zes weken op 1 in de top 40 en elke maandag was het bang afwachten hoe ver Sydney zou ontsporen in Melrose Place. En in de bioscoop kon je gaan kijken naar The Net, waarin Sandra Bullock demonstreerde hoe je pizza kon bestellen via dat wonderlijke nieuwe medium: het internet. Oké, oké, daarna werd haar identiteit gestolen en probeerde iedereen haar te vermoorden, maar toch… Een pizza! Sinds toen is er veel veranderd, niet in het minst het internet zelf.

Films over het internet hebben twee nadelen. Ze dateren sneller dan de personeelslijst van het Witte Huis én iemand een hele tijd achter een computerschermpje zien zitten is nu eenmaal minder cinematisch dan iemand de bergen van Mordor zien beklimmen. De makers van Ralph Breaks the Internet wagen niettemin een moedige poging, en ze zijn niet en de enigen. Hier volgen enkele films met het internet als sterspeler!

Deep Web (Alex Winter, 2015)

Ergens, diep onder al de kattenfilmpjes en dessertfoto’s die samen het wereldwijde web uitmaken, ligt er nog een tweede internet: the dark web. Een schimmige plek, niet toegankelijk via de gebruikelijke zoekmachines, waar u bijvoorbeeld huurmoordenaars of illegale wapens op de kop kan tikken. Een van de pleisterplaatsen op dat donkere web was Silk Road, een soort eBay waar alle mogelijke soorten drugs werden verhandeld. De site werd opgestart door een mysterieuze figuur, die zich Dread Pirate Roberts liet noemen (nu ja, iemand die zijn alias uit het geweldige The Princess Bride haalt, kan niet helemaal slecht zijn, toch?) en in 2013 ontmaskerd werd als Ross Ulbricht. Een keurige student die er wat libertijnse ideeën op nahield en die, door via Silk Road op relatief eenvoudige manier drugs aan te bieden, het drugsgeweld wilde indijken. Maar was Ulbricht wel de echte Dread Pirate Roberst of werd hij erin geluisd? Dat is de hamvraag die de documentaire Deep Web van Alex Winter zich stelt. Winter laat de twee kanten van het verhaal aan bod komen, maar laat er geen twijfel over bestaan dat zijn sympathie ligt bij Ulbricht. Trouwens, voor de liefhebbers van stoner komedies uit de vroege jaren 90: ja dit is dezelfde Alex Winter die in de Bill & Ted-films samen met Keanu Reeves een aantal excellente avonturen beleefde. Reeves is hier trouwens de verteller van dienst. Laat u niet vangen door de titel, wie meer wil weten over het dark web, zal bedrogen uitkomen. Dit is eerder een true crime docu over de speurtocht en het uiteindelijke proces tegen Ulbricht. Moest zijn leven ooit verfilmd worden, stel ik Robert Pattinson voor als hoofdrolspeler. Griezelig hoe die twee op elkaar lijken!

Nerve (Henry Joost, Ariel Shulman, 2016)

Bent u een speler of een kijker? Dat is de vraag die de poster van Nerve u in grote letters stelt. Nerve is een online game waarvan je je afvraagt hoe het komt dat hij nog niet in de echte wereld bestaat. Spelers moeten uitdagingen van de kijkers uitvoeren. Bij elke geslaagde dare verdienen ze meer geld en klimmen ze verder op in het spel. Falen ze, dan moeten ze het spel verlaten. In eerste instantie lijkt het een onschuldig, zij het vrij studentikoos tijdverdrijf. Zo moeten spelers een serenade brengen aan een wildvreemde of in ondergoed door een chic warenhuis rennen. Vrijdagavond noemen ze dat bij ons thuis. Gaandeweg worden de uitdagingen grimmiger zodat onze twee helden (gespeeld door Emma Roberts en Dave Franco) na een tijdje geblinddoekt over Times Square racen of met één hand aan een bouwkraan bungelen. Filmmakers Joost en Schulman zijn duidelijk gefascineerd door de donkere kantjes van het web, zij maakten eerder de uitstekende documentaire Catfish. In Nerve houden ze het tempo strak, de look flitsend en de soundtrack pompend. Tussen de regels door stellen ze zich vragen bij deze door selfies geobsedeerde generatie, die over lijken gaat voor een like. Het is allemaal vederlicht en iedereen die meer dan vijf films in zijn leven heeft gezien zal snel kunnen voorspellen hoe het allemaal afloopt. Toch is Nerve al bij al een film die beter is dan hij hoeft te zijn. Dat is tegenwoordig al heel wat.

Unfriended (Leo Gabriadze, 2014)

Sommige ideeën zijn zo van de pot gerukt dat enkel een genie of een complete idioot ze zou kunnen bedenken. Stap naar voren, Nelson Greaves, schrijver van Unfriended, een film die zich volledig afspeelt op het bureaublad van een van de personages. Dat is minder saai dan het klinkt, want dankzij verschillende Skype-vensters en online berichtjes die voortdurend oppoppen, gebeurt er altijd wel iets. Terwijl ze in een chatgroep aan het praten zijn, krijgen zes tieners plotseling een berichtje van Laura Barns, een vriendin van hen die precies een jaar eerder zelfmoord heeft gepleegd. Eerst denken ze aan een zieke grap, maar dan begint de vreemdeling hen tegen elkaar op te zetten door hun diepste geheimen te onthullen. Nog voor je ‘wat een origineel slasher concept!’ kan zeggen, begint het aantal leden in de chatroom drastisch te dalen. De opnames waren een huzarenstukje: alles werd gefilmd in één shot, in real time. Alle personages zaten in één huis achter hun computer voor takes die tot tachtig minuten konden duren. Het verbazingwekkendste van alles: het werkt nog ook! Gabriadze haalt behoorlijk veel suspense uit onze dagelijkse online irritaties: downloadbalkjes die tergend traag vooruit gaan, draaischijfjes die blijven doordraaien, gesprekspartners die veel te lang wachten met hun antwoord. Door het bureaubladperspectief aan te nemen, worden we één met de personages, die eveneens urenlang naar hun scherm zitten te turen. Dat die personages allemaal een moreel kompas hebben dat dringend een beetje beter moet worden afgesteld, draagt eveneens bij tot de spanning. Unfriended kreeg dit jaar een onvermijdelijke sequel, die ik nog niet bekeken heb, maar die zich ook in het dark web zou afspelen. Misschien een leuk idee voor straks tussen de kalkoen en de ijstaart…

Men, Women & Children (Jason Reitman, 2014)

Wat zou er aan de hand zijn met Jason Reitman? In de eerste jaren van dit millennium was hij een van de interessantste nieuwe stemmen van zijn generatie, met hits als Juno en Thank You for Smoking, tegenwoordig moet hij vechten om zijn films bij ons in de bioscoop uitgebracht te krijgen. Men, Women & Children bracht in de VS nauwelijks 1 miljoen dollar op, ondanks de aanwezigheid van sterren als Emma Thompson en Jennifer Garner, klasbakken als Judy Greer en Dean Norris en hippe nieuwkomers als Ansel Elgort en Hij Wiens Naam Klatert Als Een Fris Alpenbeekje (Timothée Chalamet). O ja, Adam Sandler doet ook mee, al weet ik niet zeker in welke categorie we hem moeten zetten. Men, Women & Children is een uitstekende mozaïekvertelling over de verschillende manieren waarop het internet de levens van enkele gezinnen overhoop haalt. Je hebt het koppel waarvan het huwelijk in het slop zit en die via het net op zoek gaan naar nieuwe potentiële partners, hun zoon kampt ondertussen met een pornoverslaving. Je hebt het meisje met de eetstoornis, opgewekt door al de griezelig perfecte foto’s die haar kennissen posten. Je hebt de moeder die per se wil dat haar dochter een celebrity wordt en daarvoor zelfs zo ver gaat om compromitterende foto’s van haar online te zetten. En dan heb je nog het personage van Jennifer Garner, die haar dochter ten alle koste wil beschermen tegen al die technologieën en haar met een GPS tracker overal volgt. Rode draad door de film heen is de pale blue dot theory van wetenschapper Carl Sagan. Toen Sagan een foto vanuit het heelal zag van onze kleine planeet, helemaal alleen in een onmetelijk universum, bedacht hij dat we er effectief helemaal alleen voor staan. We kunnen op niemand rekenen buiten onszelf. Voor hem was het een wake-up call om op een vriendelijkere manier met elkaar om te gaan. Sagan stierf in 1996, toen het internet nog wonderlijk was. Je vraagt je af wat hij er nu van zou vinden.

Cam (Daniel Goldhaber, 2018)

Tegenwoordig zijn we allemaal een beetje Bruce Wayne of Clark Kent. Niet dat we allemaal met een onderbroek over een maillot over straat rennen, al doet u in uw vrije tijd natuurlijk wat u wilt, maar wel omdat we allemaal twee identiteiten hebben. Onze gewone en onze online persona. Typisch is dat onze digitale ik, altijd dat tikkeltje glamoureuzer en interessanter is dan onze analoge ik. We posten enthousiast foto’s van etentjes en reizen, maar maken slechts zelden melding van de kater achteraf of het eindeloze wachten op de luchthaven. Daar gaat de Netflix-film Cam over. We volgen Alice, die online een tweede leven leidt als Lola, een camgirl. Ze zit op een site waar meisjes cammen in de hoop een zo hoog mogelijke ranking te halen. Iedereen probeert zo origineel mogelijk uit de hoek te komen, Lola verrast ons in de openingsscène door opeens haar keel door te snijden en even later eet ze op prehistorische wijze een steak op. Alles voor de kijkcijfers, weet u wel. Groot is haar verbazing wanneer ze op een dag niet meer op de site kan inloggen. Ze ontdekt dat een dubbelgangster haar plaats heeft ingenomen en nu onder haar naam camt en daarbij (en dat steekt) nog meer likes en waarderingscijfers scoort. Haar analoge persoon wordt jaloers op haar digitale zelf. Of gaat het toch om twee verschillende personen? Alice gaat op zoek naar de waarheid. Veel kijkers klagen dat Cam enkel een interessant uitgangspunt heeft (het zou zonder meer een Twilight Zone of Black Mirror-aflevering kunnen zijn) maar nergens een verklaring geeft voor de vreemde gebeurtenissen. Zij dwalen. De aandachtige kijker krijgt meer dan genoeg info om uit te kunnen knobbelen wat er echt aan de hand was. Dit is een intrigerende film, bij momenten zelfs een beetje Lynchiaans, die tevens een inkijk geeft in de wereld van het online cammen. Madeline Brewer is meer dan prima in haar dubbelrol!

Trust (David Schwimmer, 2010)

Laten we beginnen met de olifant in de kamer: Trust werd geregisseerd door Ross uit Friends. Zo, nu we dat uit de weg hebben, kunnen we ons concentreren op het meer dan uitstekende werkstuk dat Trust in feite is. We maken kennis met een alleraardigst gezinnetje: Will (Clive Owen), Lynn (Catherine Keener) en hun veertienjarige dochter Annie (een puike Liana Liberato). Net zoals al haar leeftijdsgenoten spendeert Annie een groot gedeelte van haar tijd online, alwaar ze de zestienjarige Charlie leert kennen. Ze raken aan de praat, en Annie voelt voor de eerste keer in haar jonge leven vlinders in de buik. Charlie Begrijpt Haar. Wanneer hij na een tijd vertelt dat hij eigenlijk twintig jaar is, ziet ze dit door de vingers. Charlie is een mooiprater. Wanneer ze elkaar eindelijk zien, blijkt Charlie een flink eind in de dertig te zijn. Hij verkracht haar en verdwijnt met de noorderzon.

Schwimmer bracht heel wat tijd door met slachtoffers van seksueel geweld en weet dat de verkrachting zelf maar het begin is. De psychologische kwellingen die volgen (het politieonderzoek, het geroddel op school en online, de eenzaamheid na het bedrog) zijn vaak minstens zo erg. Catherine Keener speelt een begripvolle moeder die haar uiterste best doet om haar dochter door de nachtmerrie heen te helpen, maar de door Owen gespeelde vader zint op wraak en gaat zelf op onderzoek uit, niet beseffend dat hij de put voor zijn dochter daarmee alleen maar dieper maakt. De hele Clive Owen-verhaallijn slorpt uiteindelijk iets te veel tijd op, we hebben dit Charles Bronson allemaal al eerder zien doen, en ook toen was het al niet zo interessant. Alle andere aspecten van deze film zijn echter wel waarachtig en zeer integer gebracht. Schwimmer heeft sindsdien niet meer geregisseerd en concentreert zich nu terug op het acteren. Dat is twee keer slecht nieuws.

Lo & Behold: Reveries of the Connected World (Werner Herzog, 2016)

Werner Herzog die een documentaire over het internet maakt: het is een beetje alsof Woody Allen zou aankondigen dat hij de volgende Transformers zal regisseren. De Duitser is bewust low-tech, hij bezit zelfs geen smartphone, en voelt zich beter thuis in de vrije natuur dan achter een computerscherm. Toch is het die onbevangenheid, in sommige gevallen onwetendheid, die zorgt voor de leukste momenten in Lo & Behold. Sommige van de talking heads die hij opvoert hebben we al eerder gezien (hallo Elon Musk) maar door de Herzogiaanse vraagstelling (‘Denkt u dat het internet ’s nachts van zichzelf droomt?’) worden ze uit hun comfortzone gerukt en krijgen we iets anders te horen dan de obligate praatjes.

In tien hoofdstukken onderzoekt Herzog de digitale wereld in zijn ruimste vormen. Deze structuur zorgt ervoor de film steeds boeiend blijft (als één onderwerp je niet zo interesseert weet je dat het volgende er snel aankomt), maar zorgt ook onvermijdelijk voor oppervlakkigheid. We krijgen een beetje info over de vroege dagen van het net, gevolgd door wat mumbo-jumbo over internet op Mars, en dan weer een stukje human interest over de donkere kant van het internet. Herzog wil vele paden bewandelen en komt daardoor uiteindelijk nergens uit. Maar zijn humoristische voice-overs zorgen hoe dan ook voor een entertainende kijkervaring. Tip om de komende familiefeesten door te komen: voorzie in je hoofd een lopend commentaar over de festiviteiten met een Herzogiaans accent. Je familie zal nog nooit zo geestig zijn geweest!