Love in the Time of Corona (2021) zoekt eerder naar samenleven dan de liefde an sich tijdens COVID-19. In de geest van een gesproken column bevraagt de film of de tijdens de wereldwijde pandemie ervaren vervreemding van elkaar er niet altijd al was. Regisseur Mark Rappaport verweeft in zijn vroegere dramatische werk humor, fictie en persoonlijkheid dusdanig dat de beleefde werkelijkheid als een droom aanvoelt. Het idee van een onaangetast ‘ik’ onder cultureel vernis blijkt er een illusie, verbeeld in bijvoorbeeld de hilarisch houterige dansscène in The Scenic Route (1978) of de spookachtige vampierfilm-in-de-film in Casual Relations (1973).

Het drama maakt in later werk plaats voor het filmessay, maar de droomachtige sfeer blijft. Het filosofische Love in the Time of Corona vermengt associatief gezichtsbedekkende mondneusmaskers en schilderijen van de surrealist René Magritte met filmfragmenten over bankrovers, whodunits of een gemaskerd bal. De pientere verwijzingen lopen naadloos in elkaar over met een lading humor, zoals in een uitstapje over mannelijk naakt als de verteller een verrassend vuig detail uit Carravaggio’s werk opvalt.

Verbergen mondkapjes het gezicht of verborg de mens zich altijd al achter maskers? Rappaport speelt op prangende wijze met die vraag met de pandemie beschouwd als een sociaal probleem (met uitzondering van een slim en beschaafd land waar het virus laten uitrazen geen enkel probleem is natuurlijk).