Nu aan het lezen:

Cine op het Nederlands Film festival – Documentaires en korte films

Cine op het Nederlands Film festival – Documentaires en korte films

Utrecht staat zoals gebruikelijk op dit moment in het jaar in het teken van de Nederlandse film. Het Nederlands Filmfestival is een verzameling eilandjes, waartussen de bezoeker moeiteloos kan overvaren. Van masterclasses voor professionals tot interactieve exposities. Vaak is er ruimte om de makers in het zonnetje te zetten of hun gedachten over het vertoonde werk te horen. Waar Carice van Houten volle zalen trekt met het veelbesproken Instinct, lijkt het innemender werk te vinden in kleinere zaaltjes achteraf. Zo heeft de Nederlandse film wel degelijk wat te bieden voor degene die verder kijkt dan de neus lang is. Nederland staat bekend als een documentaire-land en dat blijkt dit jaar zeker uit het aanbod. 

Het officiële thema van deze editie is homo ludens, oftewel de spelende mens. Onverwachts is dat een Nederlands thema. Volgens historicus Johan Huizinga staat een spelelement aan de grondslag van de cultuur. En droomde Constant Nieuwenhuys met zijn project New Babylon hardop van een stad die de speeldriften zou bevorderen. En de Provobeweging maakte het speelse duidelijk met ludieke happenings. In het programma is echter weinig terug te vinden van dit thema. Eerder lijken de hier besproken films vooral te gaan over het vinden van een plek in een eenzame wereld. Of het nu de prestatiedrang is, of de ijzeren kooi van technologie, het individu lijkt er onder te lijden. Wellicht dat dit en passant toch wel thematisch relevant is. Johan Huizinga bekritiseerde in zijn boek Homo Ludens de moderne tijd al wegens de toenemende ernst, iets wat blijkt uit de films.

Het dichtst bij het thema blijven de sportdocumentaires. Turn! gaat expliciet over de prestatiedruk van tegenwoordig. Men ziet zichzelf als een project, waar het maximale uitgehaald moet worden. In dit geval zijn het kleine kinderen met een talent voor turnen. En zijn het de ouders die hen als project dreigen te zien. Zij willen samen met de coaches van de turnbond het maximale eruit halen. Dat levert hartverscheurende beelden op van onder druk bezwijkende jongetjes. Zo stelt regisseuse Esther Pardijs misstanden in de topsport aan de kaak, maar dit gebeurt wel op egocentrische wijze. De veelvuldige slow motion beelden van haar zoontje blijven hem profileren als uitermate bijzonder. En dat staat aan de basis van alle drammende ouders.

Ook Ring of Dreams toont een opgefokte wereld. In Nederland heeft het show-worstelen een niche populariteit, maar dat weerhoudt een boel dromers er niet van de zware opleiding te starten. Regisseur Willem Baptist brengt een opzwepende energie, maar schuwt de clichés over ontsnappen aan het echte leven en het volgen van je dromen niet. Toch sleept de film je mee deze wonderlijke wereld in. Zoals een van de trainers opmerkt, blijkt show-worstelen meer Griekse tragedie dan simplistisch vermaak. En dat gaat gepaard met hilarische hardheid. 

Ook hilarisch, maar dan met finesse is Mevrouw Faber. Regisseursduo Job Tichelman en Hjalmar Tim Ilmer volgen de transitie van vrachtwagenchauffeur Harm tot Henriëtte. Waar de hedendaagse obsessies met identiteit vaak leiden tot opgeklopte stellingname, blijft deze documentaire zo nuchter als het Friese dorpje waar Henriëtte woont. Henriëtte benadert haar komende operatie met een ontwapenende houding, die komisch werkt. Zoals haar vrouw ook opmerkt: “het is wat het is”. De omlijsting slaat soms door naar al te onschuldig optimisme, maar Mevrouw Faber vindt het hartverwarmende in een complexe situatie.

Via Teledoc Campus krijgen jonge filmmakers de kans samen een korte documentaire te maken. Huidhonger tracht het hedendaagse gebrek aan intimiteit onder handen te nemen. Het relaas van een vader over zijn zoontje is nog innemend met associatieve beelden. Maar de beschouwingen over het aanraken verzanden dikwijls in solipsistisch geweeklaag. Het portret van een moeizame vader-zoon relatie in Vader weet de moeilijke momenten op indringende wijze te brengen. Regisseuse Isabel Lamberti zoekt met geduld naar de parels en in de verstilde momenten breekt het smachten naar een nieuw begin door.

Weliswaar een speelfilm, lijkt de jeugdfilm Kapsalon Romy eerder een afgezaagde instructie over Alzheimer dan dat het de tragiek opzoekt. De jonge Romy moet nu haar moeder alleenstaand is rondhangen in de kapsalon van oma Stine. Dat is in het begin voor beiden vreselijk, tot Stine steeds meer steekjes laat vallen. Met de naarheid van de ziekte komen ook onverwacht mooie momenten en groeien de twee naar elkaar toe. Het scenario van Tamara Bos (die ook het kinderboek schreef) is een aaneenschakeling van voor de hand liggende momenten over de ontwikkeling van de ziekte. Dat staat werkelijk begrip in de weg ondanks de chemie van de speelsters.

Instinct is het regiedebuut van actrice Halina Reijn. De alleenstaande Nicoline (Carice van Houten) werkt in de TBS met patiënten en doet dit op doortastende wijze. De mysterieuze Idris (Marwan Kenzari) brengt haar echter van haar stuk. Ondanks dat ze weet dat hij manipulatief is, voelt ze zich aangetrokken tot hem. Wat volgt is een zinderend machtsspel tussen de twee waarbij Kenzari ijzingwekkend naturel overkomt. Als actrice-regisseuse laat Reijn als vanzelfsprekend het onderste uit de kan komen van de acteurs door hen enerverend te schaduwen. Toch blijkt Idris’ manipulatie gewoon dat en ontspoort de film in het laatste gedeelte. Instinct houdt zelf voor de gek, want alle fascinatie blijkt een trucje voor ordinaire spanning over een engerd en een slachtoffer.

Waar de Nederlandse film dit jaar indruk maakt is bij de korte film, waar abstractie hoogtij viert. Flow is een meditatieve droom die een doodgewone pendelreis met sierlijke animatie in een transcendentale ervaring verandert. Eveneens weet beeldend kunstenaar Michiel van Bakel met Hours of Glass het verstrijken van tijd op abstracte wijze invoelbaar te maken. De met ultraviolet en infrarood gevoelige camera opgenomen schotels zijn wereldvreemd, maar deze grijpen daarmee iets bekends. Intermission Expedition is in vergelijking met deze twee films een vrij normale surreële trip van toeristen in niemandsland. In tegenstelling tot alle abstractie is Pariba een indringend portret van een eindigende vriendschap tussen twee Arubaanse tienermeisjes wegens de verhuizing naar Nederland van een van hen. Regisseuse Aramis Garcia Gonzalez weet onbevangen de schoonheid van de laatste momenten samen te vangen. 

Schoonheid weet regisseur Bert van Lieshout niet te vinden in zijn contemplatieve schets van de Nederlandse snelweg. Snelweg NL weet wel het leven in de randen te vinden, wat verder woekert ondanks het asfalt. In de jaren 1920 was de stadssymphonie nog een genre wat uitblonk in duizelingwekkende geestdrift, zoals bij Berlin: Die Synfonie der Grossstadt. Van Lieshouts update is echter wars van cinematografische foefjes. Dat past bij deze tijd. Moderne technologie transformeert de wereld in een saaie dystopie, waar men over wat niet te berekenen valt niet meer spreekt. Snelweg NL doet dit dan ook niet, maar vindt het onuitspreekbare met kijken en luisteren zoals genoemd in de openingsquote van Henk Hofland. Het leven is niet altijd fraai, maar gaat dapper voort tussen de stukken opgebroken asfalt door. 

 

Leuk? Deel het even!
Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken