Nu aan het lezen:

Flashback: White Dog

Flashback: White Dog

Op een avond rijdt de jonge actrice Julie Sawyer (Kristy McNichol) in de heuvels een witte herdershond aan. Terwijl zij probeert de rechtmatige eigenaar van het dier te achterhalen, ontfermt ze zich over de hond. Al snel blijkt het dier een gevaarlijke eigenschap te bezitten: hij is namelijk specifiek afgericht om zwarte mensen aan te vallen en te doden.

Julie is onthutst, maar beseft desondanks dat het dier slachtoffer is van een wrede, racistische conditionering. De agressie van de hond tegenover mensen met een zwarte huidskleur is het resultaat van langdurige, systematische mishandelingen, uitgevoerd door een zwart persoon, maar hiertoe aangezet door een blanke racist. Hierdoor heeft de hond geleerd iedereen met een donkere huidskleur als een bedreiging te zien, die dient te worden aangevallen en uitgeschakeld. Zo is de hond veranderd in een dodelijk wapen – zoals Julie’s vriend Roland (Jameson Parker) het verwoordt: ‘A four-legged time bomb.’

De zwarte dierentrainer Keys (Paul Winfield) wil Julie helpen de gevaarlijke hersenspoeling van de hond ongedaan te maken. In zijn overtuiging is racisme aangeleerd gedrag, en kan als zodanig dus ook weer worden afgeleerd. Maar wil dit risicovolle en tijdrovende proces slagen, dan zal de hond eerst moeten leren de zwarte trainer te vertrouwen. Dit vormt het begin van een uitputtingsslag tussen de trainer en de hond, waarbij deze laatste uiteindelijk zal inzien dat zijn voortdurende aanvallen op Keys niet alleen zinloos zijn, maar ook onnodig daar de trainer hem geen kwaad wil doen. De naam ‘Keys’ dient in dit opzicht dan ook metaforisch te worden begrepen: Keys tracht het onderbewustzijn van de hond te ontsleutelen, en de daarin geplante racistische boodschap onschadelijk te maken.

Gebaseerd op Romain Gary’s roman Chien Blanc (1970), aan wie de film tevens is opgedragen, richt Fuller zich in White Dog op het sluimerende racisme dat schuil gaat onder het oppervlak van de Amerikaanse samenleving. Vandaar dat Bruce Surtees’ camerawerk visuele contrasten benadrukt, vooral tussen licht en donker, en zwart en wit. Al in de begintitels, waarin een subtiel spel gespeeld wordt met de tinten wit, zwart en grijs wordt het plotpunt onderstreept dat aan (huids)kleur sociale waarde wordt toegekend. Daarnaast geeft het ook de manier weer waarop honden de wereld visueel waarnemen. Zoals Keys Julie toevertrouwt: ‘Dogs live in a black and white world. Unlike ours, they live in it visually, not racially.’

Uiteindelijk weet de hond uit zijn kooi op Keys’ omheinde terrein te ontsnappen, en valt kort daarop een zwarte voorbijganger aan. De doodsbange man vlucht een kerk binnen – tevergeefs. De hond volgt hem en doodt hem uiteindelijk onder een gebrandschilderd raam waarop St. Franciscus van Assisi staat afgebeeld. Dat deze heilige wordt gezien als de beschermheilige van de dieren, waar hij naar verluidt mee zou hebben gecommuniceerd, geeft de scène een wrange ondertoon. Als Keys niet lang daarna de hond vindt en ziet wat hij heeft aangericht, wil hij het dier in eerste instantie doden. Nu de hond een dodelijk slachtoffer heeft gemaakt heeft hij immers een belangrijke grens overschreden – een die bewijst dat zijn conditionering onomkeerbaar is. Toch zet de trainer zijn werk met de hond voort: opgeven zou niet alleen een nederlaag betekenen, maar tevens zwichten voor het feit dat racisme een onoplosbaar probleem vormt.

In White Dog laat Fuller zien dat racisme, ook onopgemerkt, altijd dichtbij is. Dit blijkt onder andere uit de liefdevolle manier waarop Julie en haar viervoetige beschermeling met elkaar omgaan, en het vriendelijke karakter van het dier zolang zijn conditionering niet opspeelt. Het duidelijkst komt dit sinistere feit naar voren wanneer Julie geconfronteerd wordt met de eigenaar van de hond: een vriendelijke, goedlachse grootvader die samen met zijn twee kleindochters zijn huisdier komt ophalen. Dat deze man verantwoordelijk is voor de pervertering van het dier en zodoende een moordwapen heeft gecreëerd, werkt ijzingwekkend omdat het een onschuldig gezicht geeft aan een groot, sluimerend kwaad. Tevens maakt het duidelijk dat haat van generatie op generatie wordt overgedragen: de twee kleine meisjes in het gezelschap van de oude man zullen, blootgesteld aan zijn giftige overtuiging, er waarschijnlijk dezelfde racistische denkbeelden op na gaan houden.

Het ambivalente einde van de film, waarin duidelijk wordt dat racisme misschien kan worden afgeleerd, maar dat de haat, onwetendheid en xenofobie die aan racisme ten grondslag liggen een bijna onuitroeibaar sociaal gif vormen, stemt uiteindelijk somber. Fuller stelt daar het besef tegenover dat het enige werkbare tegengif tegen racisme het wegnemen is van onwetendheid en vooringenomenheid, en het streven naar menselijke, gelijkwaardige verhoudingen. Een hoopvolle boodschap die muzikaal wordt onderstreept door een opvallend bescheiden soundtrack van grootmeester Ennio Morricone, die laveert tussen hoop en dreiging.

In zijn leven heeft Samuel Fuller de menselijke natuur in al zijn verschijningen gezien, zowel persoonlijk en als filmmaker. Hierdoor groeide hij in ervaring, en werd hij tevens gesterkt in zijn niet-aflatende strijd tegen onrecht en onbegrip, en voor menswaardigheid. Dat hij hierbij, ondanks teleurstellingen, altijd de gemakkelijke valkuilen van bitterheid en cynisme wist te omzeilen, geeft blijk van de grootsheid en onbuigzaamheid van zowel Fullers karakter als zijn artistieke overtuiging. White Dog, rauw, direct en provocerend als de film is, vormt een even indrukwekkende als blijvende getuigenis van dit feit.

Leuk? Deel het even!
Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken