Alejandro Jodorowsky’s surrealistische The Holy Mountain (1973) geldt als een invloedrijke film, ook binnen de muziekwereld. Zo rekenen Empire of the Sun, Kasabian, The Mars Volta en Peter Gabriel Jodorowsky tot hun grootste inspiratiebronnen. Maar ook binnen videoclips reikt zijn invloed ver. In deze Cine Clip bespreek ik een aantal bekende videoclips die de mosterd bij Jodorowsky halen.

Het meest opzichtige voorbeeld is misschien Santigolds L.E.S. Artistes, waarvan bijna de hele clip bestaat uit een shot-voor-shot-remake van een scène uit The Holy Mountain, waarin lichamelijk geweld vervangen wordt door visuele metaforen, zoals worsten in plaats van darmen en verf in plaats van bloed.

Diezelfde scène, en met name de locatie, lijkt ook een inspiratiebron voor een kort fragment in Becks Sexx Laws, en met wat fantasie zou je zelfs kunnen stellen dat de vogeltjes die uit een menselijk orgaan vliegen in Becks Lost Cause tevens een verwijzingen zijn naar een vergelijkbare scène in The Holy Mountain.

Ook MGMTs Time To Pretend leent veel surrealistische beelden uit de film van Jodorowsky, waaronder de broeders op de rand van een tempelcomplex en het vernietigen van geld in een verbrandingsoven in het midden van een tafel.

Marilyn Mansons The Dope Show leent, naast het werk van Rebecca Horn, beelden uit de scène in The Holy Mountain waarin de profeet wakker wordt tussen gipsen afbeeldingen van zijn eigen lichaam. Manson geeft dat ook grif toe in interviews, en raakte naar aanleiding van deze hommage bevriend met Jodorowsky. De twee wilden samen ook films maken, waaronder een vervolg op El Topo, maar deze projecten kwamen nooit van de grond.

De verwijzingen worden nog opzichtiger in Mansons Born Villain, geregisseerd door Shia LaBeouf, waarin het meest iconische shot, van  een ritueel aan het begin, nagedaan wordt.

Wat al deze clips gemeen hebben is dat ze beelden uit The Holy Mountain gebruiken om het idee van protest op te roepen. Maar waartegen precies geprotesteerd wordt, wordt niet duidelijk. MGMT en Marilyn Manson delen misschien hun visie op kapitalisme, en Beck toetst misschien bepaalde ideeën over mannelijkheid (bij Santigold heb ik werkelijk geen idee), maar concreet wordt het nooit.

Dat is anders in Janelle Monáe’s Dirty Computer, waarin ze beelden uit The Holy Mountain emuleert om een statement te maken over onderdrukking. Het ritueel uit de oorspronkelijke film wordt in Dirty Computer expliciet een vrolijk vieren van panseksualiteit, genderqueer zijn en zwart zijn. Dat is extra krachtig omdat The Holy Mountain de surrealistische symboliek in dienst stelt van een verhaal dat een nogal heteroseksuele, cis-mannelijke, witte, validistische blik op protest en macht heeft.

Nou ja, verhaal. The Holy Mountain is een verzameling surrealistische vignettes, waarin de hoofdpersoon een spirituele reis maakt door de tarot, en daarbij ook te maken krijgt met personificaties van goddelijke en spirituele figuren. In de wereld van The Holy Mountain zijn de planeten mannelijk of vrouwelijk en worden ze gerepresenteerd door mensen. Jodorowsky reduceert deze mensen echter tot de stereotypes van hun gender: mannen zijn niet meer dan hun penis, en de grootste angst is castratie. Vrouwen zijn er om veroverd te worden door de penis, of deze te castreren, maar zijn geen individuen met een eigen wil of persoonlijkheid. Lichamelijk gehandicapte mensen zet Jodorowsky vooral in voor een shock-effect, geamputeerde ledematen als symbool voor castratie.

Als je Jodorowksy’s werk in deze tijd namelijk herkijkt wordt nogal duidelijk dat de beste man geobsedeerd is door zijn eigen penis en zijn werk in dienst stelt van zijn ego. Alle symboliek en boodschappen in The Holy Mountain zijn uiteindelijk terug te brengen op de solipsistische wereldvisie van Jodorowsky, die een god is in zijn eigen universum. Nu is hij daar natuurlijk geen uitzondering mee in de filmwereld, zeker destijds niet, maar een deel van de transgressie in zijn werk zitten erin dat hij niet alleen grif toegeeft dat zijn werk in dienst staat van zijn ego, maar dat hij erin zwelgt. Zelfs in Jodorowsky’s meest recente autobiografische films, zoals La Danza de la Realidad (2014), die vriendelijker, warmer en kwetsbaarder zijn, zien we bijvoorbeeld scènes waarin zijn moeder niet praat, maar zingt. Haar stem is niets meer dan een geïdealiseerde nabootsing van de werkelijkheid waarin de herinnering van Jodorowsky de overhand neemt. En dat is tekenend voor zijn werk in het algemeen: Jodorowsky is het centrum van zijn eigen universum, en de rest van de wereld, personages bevinden zich in een loopbaan om zijn zon. En The Holy Mountain is daarvan het summum.

Monáe breekt daarmee in Dirty Computer: haar visie op Jodorowsky’s surrealisme is genderqueer, divers, intersectioneel en bovenal: bestaat uit verschillende stemmen. De albumfilm is opgebouwd uit verscheidene videoclips, door een groot scala aan filmmakers gemaakt, die elk hun bijdrage doen. De beelden in die clips worden niet alleen ontleend aan het werk van Jodorowsky, maar bij een groot aantal andere filmmakers en kunstenaars. Tevens werkte Monáe nauw samen met beginnende en opkomende mode-ontwerpers en vormgevers. Monáe herkent dat protest en de zoektocht naar het goddelijke allebei onmogelijk zijn zonder te bouwen op en vertrouwen in andere mensen, in al hun rijkdom en diversiteit.

Hoe anders is dat bij Kanye West, wiens Yeezus-tour veelvuldig leentjebuur speelde bij The Holy Mountain. West (die naar verluidt ook veel keek naar The Holy Mountain bij het maken van My Beautiful Dark Twisted Fantasy), spreekt in die tour, net als Janelle Monáe, over hoe het is om zwart te zijn in Amerika en protestbewegingen, maar hij heeft het vooral over zichzelf. Zo gebruikt hij beelden uit The Holy Mountain om te praten over zijn eigen verslavingen en problemen in plaats van nummers ten gehore te brengen. Er zijn vele beelden van de inmiddels beruchte Kanye-rants waarin hij, in een decor ontleend aan Jodorowsky, een half uur lang met stemvervorming staat te ranten. Kanye ziet in Jodorowsky een gelijkgestemde, waarschijnlijk omdat beide mannen er een nogal zelfingenomen en door het ego gedreven wereldbeeld op na houden. Dat West The Holy Mountain als springplank gebruikte voor een ode aan kapitalisme en mannelijk machismo is óf een totaal verkeerd begrijpen van het werk van Jodorowsky, dat duidelijk antikapitalistisch is, of juist een onderstreping dat West Jodorowsky beter begrijpt dan sommige andere fans, want het ego regeert.

West gebruikt de beelden uit The Holy Mountain vooral losgekoppeld van hun context, meer vanwege hun esthetiek dan om hun vermeende betekenis. Datzelfde geldt voor veel artiesten die de film gebruiken als inspiratiebron.

Lady Gaga gebruikt in 911 de beroemde hoeden van de hogepriester, naast een scala verwijzingen naar andere grootmeesters uit de cinema, waaronder Parajanovs The Color of Pomegranates, Ken Russels segment in Aria en Federico Fellini’s Otto e Mezzo. Dat Lady Gaga fan is van Jodorowsky is alom bekend: haar beroemde vleesjurk was een verwijzing naar een van de toneelstukken van Jodorowsky, en het zou me niet verbazen als haar single Alejandro de naam ontleent aan de regisseur.

In wezen hebben we het hier echter over een vorm van memeficatie, waarbij de beelden ingezet worden om hun visuele kracht en Instagramwaardigheid, niet om hun betekenis. Een voorbeeld daarvan vinden we in Aldous Hardings The Barrel, waarin ook de beroemde hoed opduikt. Harding geeft in een interview aan dat ze, hoewel ze de film meermaals had gezien, vergeten was dat hoeden zo’n grote rol speelden. De inspiratie was een Instagramfoto, die vermoedelijk wél was afgeleid van The Holy Mountain. Hardings latere video voor Fixture Pixture was wel een bewuste verwijzing naar The Holy Mountain, waarschijnlijk vanwege de ontvangst van The Barrel.

In Doggiewoggiez Poochiewoochiez, een compilatiefilm van videocollectief Everything Is Terrible!, wordtThe Holy Mountain nauwkeurig naverteld met fragmenten uit krakkemikkige familiefilms met pratende honden. Voor de liefhebber niet te versmaden. Hieronder de trailerwailer.

Het summum van egogedreven kapitalisme, satirisch protest én memeficatie vinden we echter in Travis Scotts Franchise (geregisseerd door Scott zelf), waarin het ritueel uit The Holy Mountain wederom voortkomt, maar waarbij de tegels ditmaal bestempeld zijn met logo’s van grote merken. Het is de culminatie van een aantal conventies die hiervoor besproken zijn: de consumentistische cultuur die we zagen bij West en de van de oorspronkelijke betekenis losgezongen beelden die we zagen bij Gaga en Harding. Maar Scotts clip springt meer in het oog door de film zo opzichtig te verbinden aan kapitalistische merkcultuur. Het resultaat is óf een messcherpe kritiek op diezelfde merkcultuur in hiphop óf een ode daaraan. Scotts oog voor surrealistische vignettes en filmverwijzingen in zijn eerdere clips kennende, is het laatste waarschijnlijk. The Holy Mountain leent zich als antikapitalistische film goed voor zulke kritiek, en het emuleren van het ritueel uit die film laat zien waar Scott vandaan komt. Hij gaat echter verder dan Jodorowsky, voert het beeld tot zijn uiterste door en geeft daarmee écht een nieuwe impuls aan het bestaande beeld.

The Holy Mountain leent zich goed leent voor imitaties, daar de film is opgebouwd uit visuele vignettes, maar videoclips kunnen met hun korte duur nooit alle kanten van de film belichten. Dat zorgt ervoor dat de symboliek vaak holler is dan bij het origineel, en leidt tot een reductie van de beelden tot enkel een mooi, pakkend plaatje. Je moet de leegte vullen met iets anders. Degene die dat het best begrepen lijken te hebben zijn Scott, die volledig de satirische kant op gaat; Monáe, die de politieke potentie van het werk ziet door het te verqueeren; en West, die de ware aard van Jodorowsky begrijpt door te focussen op het ego. Het probleem is namelijk dat als je deze beelden loskoppelt van hun bron, en die bron ís volledig Jodorowksy, enkel lege esthetiek overblijft. Goede makers geven een nieuwe impuls en betekenis aan die beelden, zoals Scott en Monaé doen, of vervangen het egogedreven centrum van het Jodorowsky-universum met een ander, even groot ego, zoals West. De rest faalt jammerlijk in hun poging de onstuimige kracht van de film te evenaren.

Jodorowsky is namelijk wél een krachtig filmmaker en ik wou dat ik hem evenzeer kon bewonderen als hij zelf. The Holy Mountain blijft een inspiratiebron voor me, hoewel ik de kern van de film nu herken als een gedateerd en solipsistisch wereldbeeld, dat voor een groot deel haaks staat op het mijne. Maar wat deze clips mij leren, is dat je inspiratie kunt halen uit de rauwe energie van een film als deze en kunt bouwen op de beelden die je raken. Zoals soms gezegd wordt: ‘steel van de besten’. Meer nog zou ik zeggen: ‘steel van het werk waar je potentie in ziet.’ Jodorowsky is het summum van surrealisme en symboliek, daar valt niet veel te verbeteren. Maar wat die symboliek behelst, wat hij ermee wil vertellen, daar valt wél winst te behalen. Monáe en Scott begrijpen dat. Hopelijk laat een nieuwe generatie videoclipmakers zich nog steeds inspireren door Jodorowsky en weten ze de ruwe materie van zijn beeldtaal op steeds scherpere wijze in te zetten.