Dit keer in Cine Clip aandacht voor het project Outsider van Philippe Cohen Solal en Mike Lindsay, gebaseerd op het werk van Henry Darger (1892-1973).

Henry Darger was een zonderlinge man. Zijn buren kenden hem niet echt, hij had weinig vrienden en familie, en leefde als een kluizenaar. Toen hij ziek werd en in het ziekenhuis belandde betraden mensen voor het eerst in lange tijd zijn huis: daar troffen ze een goudmijn aan kunstwerken aan. Autodidact Darger, die in het ziekenhuis stierf, liet een erfenis na van honderden tekeningen en waterverfschilderijen, maar bovenal een boekwerk genaamd The Story of the Vivian Girls, in What Is Known as the Realms of the Unreal, of the Glandeco-Angelinian War Storm, Caused by the Child Slave Rebellion. Het boekwerk bestond uit meer dan 15.000 pagina’s waarin Darger op obsessieve wijze een oorlog verslaat tussen volwassenen en kinderen in een ander universum, en waarin hij zelf optreedt als de beschermer van kinderen. Dargers kunst is hier en daar schurend en ontluisterend: waarom beeldt hij in de schilderijen de kinderen grotendeels naakt (en tweeslachtelijk) af, soms in groteske marteltaferelen? Veel is er over Darger geschreven en gepsychologiseerd: was hij pervers of zelf zijn kindertijd niet ontgroeid, was hij een devoot religieuze moralist, had hij psychische aandoeningen? Er zijn velen documentaires over hem gemaakt, waarvan met name In The Realms of the Unreal van Jessica Yu enorm aan te raden valt.

Een aspect dat echter vrijwel onbelicht blijft in het schrijven over Darger is dat The Story of the Vivian Girls, naast een episch fantasy-verhaal, ook een aantal liedteksten bevat. Darger was een creatieve duizendpoot, en hoewel zijn proza, schilderijen en liedteksten soms wat naïef en houterig aandoen, geldt hij inmiddels als een van de belangrijkste voorbeelden van “outsider art”. Outsider is dan ook de naam van een album dat begin dit jaar uitkwam, gemaakt door muzikanten Philippe Cohen Solal, bekend van de Gotan Project, en Mike Lindsay, bekend van Tunng, die alle negen liedteksten van Darger uit The Story of the Vivian Girls op muziek zetten, met als tiende track een instrumentaal nummer genoemd naar het woonadres van Darger. Soms is het metrum van de teksten dermate ingewikkeld en houterig en ongeschikt voor muziek, dat er gekozen wordt voor handvatten, als spoken word coupletten. De muzikale begeleiding doet nog het meest denken aan de muziek van Ennio Morricone, en de barokke orkestrale pop uit de sixties. Het album voelt tijdloos aan, bij vlagen onverwacht ook, en dat komt mede door de unieke teksten van Darger.

In deze Cine Clip wil ik het echter hebben over een ander aspect van dit project: de videoclips. Helaas ging de release van het album vrijwel geruisloos voorbij aan veel muziekcritici en popbladen, maar dit geldt nog meer voor de videoclips. Outsider heeft namelijk niet alleen een heuse albumfilm, waarin zes van de tien nummers opgenomen zijn, men is nu nog steeds bezig met de release van videoclips van de overige nummers van het album.

De albumfilm start met een korte introductie van andere aspecten van het crossmediale project van Philippe Cohen Solal en Mike Linsday: zo is in samenwerking met een museum tijdelijk de woning van Darger nagebouwd in de museumzaal; is er een interactieve website en was er een Franstalige en Engelstalige podcast over Darger en het project Outsider.

Na de introductie volgt de eerste videoclip: Onwards In the Fight is een van de handvol clips die probeert een van de werken van Darger tot leven te brengen doormiddel van animatie. We zien een van de Vivian Girls te paard, in ietwat houterige animatie, wat doorsneden wordt met beelden van wolken die allerhande vormen aannemen. De kinderlijke fantasie van afbeeldingen zoeken in wolken, wordt daarmee afgewisseld met wat later de opmaat voor een bloedig strijdtoneel blijkt waarbij de meisjes te paard de aanval openen op een leger van volwassenen. Het is een sterke clip, die eindigt met het schilderij van Darger dat de videoclip inspireerde.

Na een kort intermezzo volgt de videoclip voor Bring Them In, mijn favoriete track op het album. De animatie is hier zo mogelijk nog knulliger, waarbij de refreinen worden begeleid met vrij simpele ‘walking loops’, een van de eerste technieken die je leert als animator. De coupletten zijn ambitieuzer, en de afbeeldingen zijn ontluisterend genoeg: dit nummer gaat immers over de bloedige dood van kindsoldaten en hun mogelijke redding. Een ander aspect dat duidelijk naar voren komt uit het werk van Darger is zijn devoot christelijke achtergrond: het grote bloedende hart van Jezus vormt een achtergrond, en in de coupletten zien we overleden kinderen als engelen. Op het moment dat we aan het einde een animatieloop zien van een ontploffend huis en een wegrennend meisje kan je niet ontkomen aan het idee dat dit een van de smaakvollere verbeeldingen is van het geïmpliceerde geweld.

Na nog een kort intermezzo volgt de clip van Can a Boy Forget His Mother, waarbij voor het eerst gebroken wordt met de animatiestijl. De animatiesegmenten zijn geregisseerd door Gabriel Jacquel, maar de live-action fragmenten door Philippe Cohen Solal zelf, in samenwerking met Pascal Gary. Ze zijn beduidend minder subtiel en succesvol. De beelden van een huilend jochie en flarden van beelden van een vrouw met een viool neigen naar edelkitsch. Het is nog net geen schilderij van een huilend zigeunerjochie, maar de relatieve eenvoud en ingehoudenheid van de animaties worden gemist. Er wordt in dit segment wel gehint naar Dargers dagelijks leven waarin hij werkte als conciërge in een ziekenhuis. De setting van Dargers dagelijkse leven wordt ook opgezocht in de videoclip van 851 Webster Avenue, het enige instrumentale nummer op het album. Deze clip is ook geregisseerd door Solal en Gary, waarin een compilatie van beelden van Chicago in de jaren 70 een tijdsbeeld schetsen van de wereld waarin Darger leefde. Een wereld waarvan hij zich afzonderde.

We’ll Never Say Goodbye is co-geregisseerd door Solal, Gary en Jacquel: we zien een uitsnede waarin we live-action archiefmateriaal zien van soldaten in de opmaat naar de strijd. Links en rechts van de uitsnede zien we een tekeningen die langzaam uitgewerkt wordt in animatie, en in de marges zien we handgeschreven tekst van Darger zelf. Op het laatst schakelen we over naar de oorspronkelijk tekening van Darger: alle beelden die we voorheen zagen waren de opmaat naar de uitwerking van de tekening. Wederom een vrij minimalistische aanpak, maar het werkt, zeker als stilte voor de storm.

De laatste videoclip in de albumfilm is namelijk voor Scattering the Fierce Foeman, en hier wordt flink voor uitgepakt. Het is verreweg de succesvolste videoclip in de albumfilm, een explosie van kleuren en vormen. De muziek is uitbundig, de animatie ook. De beelden zijn afwisselend een idyllisch landschap waarin Dargers typische naakte kinderen rondlopen, en impressionistische kleurenexplosies in knallend geel en rood, waarvan we later beseffen dat het close-ups zijn van een vrolijk monsterlijk fabelwezen met een kinderhoofd en drakenlichaam. Op het laatst zien we beelden van Shirley Temple, die voor het oog van de kijker transformeert, doormiddel van rotoscope technieken, in de draak. Darger maakte in zijn waterverfschilderijen vaak gebruik van collagetechnieken, en was een fan van Shirley Temple. Het slot is dus toepasselijk: terug naar de roots van Dargers kunst, die zich liet inspireren door film, en wiens werk nu film is geworden.

Daar bleef het echter niet bij: na de albumfilm volgden tot nu toe nog twee losstaande clips, van We Sigh for the Child Slaves en Hark Hark, My Friend, Cannon Thunders Are Swelling. De kwaliteit van de animatie is in beide clips behoorlijk omhoog gegaan. We Sigh For the Child Slaves is een clip waarin een van de Vivian Girls naakt op haar rug ligt in het gras van een idyllisch fantasielandschap. De sfeer is gemoedelijk en fantasievol, en de animatie is een stuk gedetailleerder, ook qua inkleuring en belichting. Het is een prachtige clip, die  qua verhaal voelt als de voorloper van Scattering the Fierce Foeman, omdat bepaalde elementen (de draken, de paddenstoelen) terugkeren. Het is Darger op zijn meest hoopvol en hemels.

Datzelfde geldt niet voor Hark, Hark, My Friend, Cannon Thunders are Swelling, dat wederom een dreigend verhaal is over de opmaat naar een strijd. Ook hier is de animatie en belichting een stap vooruit gegaan, waarbij vooral de bliksemschichten op de klanken van de muziek echt wat toevoegen aan de sfeer. Gabriel Jacquel lijkt beter door te hebben hoe hij het gelimiteerde budget en de beperkingen van animatie in zijn voordeel kan gebruiken. Het minimalisme werkt hier goed, want Jacquel kiest voor slimme close-ups, hult zijn personages deels in nevelen en schaduwen, en maakt gebruik van verstilde en stilstaande beelden voor extra impact. Je zou bijna hopen dat ze na het voltooien van videoclips voor de laatste twee nummers (Who Will Follow Angelina en Blessed Assurance), ook nog een poging doen voor een geanimeerde videoclip voor Can A Boy Forget His Mother, want die clip kan beter.

Sowieso is de vraag of het project, ondanks dat de videoclips steeds sterker worden, in haar opzet geslaagd is. Begrijp me niet verkeerd: Philippe Cohen Solals en Mike Lindsays Outsider is mijn favoriete album van 2021, en een van de videoclips gaat ook de Cine Clip eindejaarslijst halen. Maar het bereik van de albumfilm en videoclips is miniem. De albumfilm heeft nog geen vierduizend views op YouTube, en ik moest actief zoeken in zoekmachine van YouTube om hem tevoorschijn te krijgen, in plaats van dat hij goed te vinden is op de pagina van het project zelf. De videoclips gaan geruisloos in première, zonder al te veel bombarie en bombast, en ook op sociale media is het grotendeels stil rond het project. Het verbaast me, want het is een bijzonder project, met een frisse invalshoek: het werk van Darger tot leven brengen in muziek en bewegend beeld. Dat er niet beter gepromoot is, is zonde: in een ideale wereld zouden meer mensen weten van dit multimediale kunstproject. Zie deze Cine Clip als een poging meer mensen op het pad van Outsider te brengen. Ondanks de soms technische mankementen, de bij vlagen kitscherige inhoud en het totale gebrek aan aandacht is dit namelijk een prachtig project. Misschien wel toepasselijk, ergens, voor een videoclipproject rondom Henry Darger: een schilder en schrijver met een soms wat gemankeerde techniek, die werk maakte met bij vlagen kitscherige inhoud en (voor zijn dood) een totaal gebrek aan aandacht, maar wiens werk, vind ik, toch ook prachtig is.