Now Reading:

Cine Clip: de videoclips van Paul Thomas Anderson

Cine Clip: de videoclips van Paul Thomas Anderson

Paul Thomas Anderson kennen we natuurlijk van films als Magnolia, There Will Be Blood en The Master, maar minder bekend is dat de man een aardige staat van dienst heeft als regisseur van videoclips.

Hij maakt voornamelijk clips voor mensen met wie hij eerder samenwerkte (Jonny Greenwood, Michael Penn, Aimee Mann), of die zich in zijn vriendenkring bevinden (de zusjes Haim uit de gelijknamige band, Joanna Newsom, zijn voormalig partner Fiona Apple). Het interessante aan die videoclips is dat hij deze gebruikt als schetsen voor zijn films. We zien dit al in zijn allereerste clip, die voor Michael Penns Try. Michael Penn was de componist van de soundtrack van Hard Eight en Boogie Nights en de echtgenoot van Aimee Mann, die de liedjes schreef voor Magnolia.

Voor Try filmde Paul Thomas Anderson een clip in de langste gang ter wereld. Het ingewikkelde tracking shot deed dienst als een cameratest voor Magnolia, waarin Anderson een vergelijkbaar shot wilde. We herkennen ook het pop-art zwart-wit-portret van Michael Penn zelf, waarvan een portret van Philip Baker Hall in dezelfde stijl in Magnolia te zien is. Verder zien we in de clip Melora Walters, Philip Seymour Hoffman en Thomas Jane, die allen te zien zijn in Boogie Nights en Magnolia. De lange gang bleek een inspiratie voor een vergelijkbare scène in het latere Punch Drunk Love, waarin Adam Sandlers personage door een gangencomplex doolt op zoek naar het appartement van zijn geliefde.

Op eenzelfde wijze zijn Fiona Apple’s Fast As You Can, Limp en Hot Knife experimenten met montage en camera-technieken voor respectievelijk Magnolia, Punch Drunk Love en Inherent Vice. De hele reeks live-performance-clips die Anderson recent maakte voor HAIM (Little of Your Love, Right Now, Night So Long) en Radiohead (Present Tense, The Numbers) waren bedoeld als licht- en camera-testen voor Phantom Thread. De belichting en textuur in met name Night So Long en Present Tense liggen niet ver af van de warme, soms onheilspellende gloed die we zien in dat kostuumdrama.

Gevallen apart zijn Here We Go van Jon Brion en Save Me van Aimee Mann, die afkomstig zijn van de soundtracks van Punch Drunk Love en Magnolia en waar de beelden expliciet verbonden zijn aan de film. Here We Go is een montage van filmbeelden en deleted scenes. Save Me plaatst Aimee Mann op de sets van Magnolia, als een soort geest of engel die over de schouders van de personages meekijkt, wat niet zo veel verschilt van de rol die haar liedjes in die film spelen.

Toch zien we ook invloeden van andere regisseurs in het oude videoclipwerk van Anderson. Hij krijgt sowieso vaak het verwijt dat zijn eerste handvol films wel erg schatplichtig zijn aan Scorsese, Altman en nog wat andere grote inspiratiebronnen, en dat geldt ook voor de clips in deze periode. Limp van Fiona Apple leent beelden van Videodrome en Paper Bag, eveneens van Fiona Apple, is een ode aan Bugsy Malone, een van Andersons favoriete films. Het meest frappant is Across the Universe, van de soundtrack van Gary Ross’ Pleasantville. Anderson plaatst de clip expliciet in het universum van die film, maar steekt Ross naar de kroon met zwierig en opvallend camerawerk dat in de film zelf grotendeels achterwege blijft.

Kevin B. Lee onderzocht in een video-essay hoe het camerawerk van Anderson door de jaren heen subtieler en minder dwingend wordt. Omdat de videoclips van Anderson schetsen zijn voor zijn films zie je de videoclips ook veranderen naarmate zijn filmstijl transformeert. Ook hier wordt het camerawerk subtieler en de montage minder opzichtig, zonder de kernwaarden van zijn werk te verliezen: lange shots en focus op performance.

Kijk bijvoorbeeld ook naar de clip van Joanna Newsoms Sapokanikan (voor wie hij ook de clip van Divers maakte). Net als bij Try volgen we de performer in een aantal lange tracking shots, maar Try maakt gebruik van opzichtige gimmicks (een gigantische cast, spotlights, weer-effecten, nepkogels) en dwingend camerawerk: whip pans galore. Sapokanikan toont Newsom die door New York loopt, nee, dartelt en de camera danst en zwiert met haar mee: dat is alles wat er narratief gebeurt. Het emotionele effect is er niet minder om. Het shot waarin het licht van een brandweerwagen over het gezicht van Newsom strijkt is prachtig en lyrisch. Je vraagt je af of dit geënsceneerd is of niet, maar gezien de nietsvermoedende voorbijgangers lijkt dit shot een prachtige toevalligheid.

Ook de clip van HAIM’s Night So Long heeft weinig nodig om te imponeren: één perfect getimede cut van dag naar nacht, o zo prachtig. Vergelijk deze video’s met Fast As You Can en Limp: waar Anderson vroeger wilde verrassen, laat hij zich nu verrassen.

In dat opzicht kan muziekdocumentaire Junun niet onvermeld blijven. De behind-the-scenes-docu volgt Jonny Greenwood en een groep Indiase muzikanten bij het maken van een gelijknamig album. De camera zoekt en laat zich leiden door de actie, in plaats van andersom. Dat Anderson gebruik maakt van geïmproviseerde zooms, radiografisch bestuurde go-pro’s en schuddende drones is voor fans van zijn oudere werk bijna niet voor te stellen, want het oogt slordig en losjes. Maar hier zie je een regisseur die niet meer bang is de teugels een beetje te laten vieren en zich te laten inspireren door de mensen met wie hij werkt. De camera volgt de mensen, in plaats van andersom. Net zoals films als The Master en Inherent Vice steeds meer vertrouwen op de acteurs en deze vrij laat, betaalt ook hier de nauwe samenwerking met zijn muzikantenvrienden zich uit.

Opvallend genoeg worden veel van de muziekprojecten van Anderson, hoewel ze subtieler en speelser zijn, neergezet als events. Daydreaming, de videoclip voor Radiohead draaide op 70mm in veel Amerikaanse bioscopen, alsmede in een handvol Europese theaters. Een drietal videoclips voor HAIM werd gebundeld als een ‘short’ genaamd Valentine. Junun werd uitgebreid gelanceerd via MUBI. En Anima, zijn nieuwste project, een korte film die drie nummers van Thom Yorke’s nieuwste album bundelt werd als een ‘one reeler‘ uitgebracht via Netflix.

Het staat soms haaks op de inhoud van de ‘films’ zelf, zoals bij Junun en Valentine, waarbij Anderson vooral een observerende rol speelt en de inhoud zich het beste laat beschrijven als ‘aankloten achter de schermen bij het maken van een album.’ In het geval van Anima is het begrijpelijker, omdat het verreweg het meest verhalende videoclip-werk is dat Paul Thomas Anderson ooit heeft gemaakt.

Anima omschrijven als een one-reeler past wel, want dat is een term die vroeger voornamelijk gebruikt werd voor korte slapstickshorts en animatiefilms. Anima ligt niet zo ver af van het werk van Buster Keaton en Charlie Chaplin: een simpel liefdesverhaal, een hectische omgeving die de geliefden uit elkaar houdt en een focus op (komische) beweging en performance. Het is geen wonder dat een filmmaker die in zijn (videoclip-)werk laveert tussen berekend en speels uiteindelijk belandt bij de slapstick.

Anima is dan ook dé videoclip van Paul Thomas Anderson waarin alle elementen uit zijn vorige clips bij elkaar komen: er is het spel met licht, maar ook subtiliteit van bijvoorbeeld het laatste shot met de vogels. Er is de focus op performance, waarbij de bewegende lichamen de camera leiden en vice versa, de wisselwerking tussen de twee sterker dan ooit tevoren. Anima verenigt de oude technieken en interesses van Anderson met zijn nieuwe. De vraag is of dit weer een schets is voor een film, maar ik betwijfel het, want in tegenstelling tot veel vorige werken voelt Anima als een af project. Een eigen film. Een one-reeler.

Written by

Theodoor Steen is een 29-jarige Utrechtse filmprogrammeur (voor onder andere Camera Japan) en filmjournalist (voor Cine en Schokkend Nieuws) voor wie het woord ‘bombast’ werkt als een rode lap op een stier, of een vlam op een mot. Film is voor hem voornamelijk een visueel medium, en plot, hoewel belangrijk, acht hij van ondergeschikt belang voor een interessante kijkervaring. Hij vindt Canada één van de meest ondergewaardeerde film-industrieën. Vrienden vragen hem om in godsnaam op te houden over Southland Tales, de Wachowskis, Ken Russell, religieuze symboliek, The Leftovers, LGBTQIA-cinema, en ‘waarom Nederlandse film wél geweldig is’. Begin niet tegen hem over Zack Snyder, Ruben Ostlund of Jagten, want het gejeremieer dat je dan te horen krijgt is niet van de lucht.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Input your search keywords and press Enter.