Hij is er weer, ditmaal in de vorm van een top 20! De Cine Clip eindejaarlijst met de allerbeste clips van het jaar. Dit jaar onder andere twerkhorror, kroegverlangen en eierenvangende rodeoclowns. 

Eervolle vermelding: Moses Sumney – Blackalachia (Moses Sumney)

Eigenlijk neem ik nooit albumfilms mee in mijn eindejaarslijst maar voor Moses Sumney’s Blackalachia maak ik een uitzondering. Sumney filmde dit concert in de Appalachen, waar hij woont. De wonderschone omgeving wordt sterk in beeld gebracht, maar het zijn de andere visuele ideeën, zoals een magisch-realistisch moment waarop Sumney begint te zweven, of een plotselinge inzet van split-screen, die Blackalachia pit geven. Sumney’s prachtige zangstem en sterke liedjes maken het geheel af. 

20. Sloppy Jane – Party anthem (Mika Lungulov-Klotz)

Sloppy Jane’s Madison is een bijzonder project: het album werd volledig ondergronds opgenomen in de Lost World Caverns in West Virginia. Ook de videoclip voor Party Anthem werd daar gefilmd. De setting is prachtig en vervreemdend, maar de aandacht in de clip wordt volledig opgeëist door Sloppy Jane-zanger Haley Dahl wier performance en stem doet denken aan een jonge Kate Bush. 

19. Bomba Estéreo – AGUA (Jhoy Suarez/ Liliana “Li” Saumet)

Locatie. Locatie. Locatie. De settings in Blackalachia en Party Anthem waren al de hoofdmoot van de videoclip, hier, in Boma Estéreo’s Agua, doet het Colombiaanse regenwoud veel van het zware werk. Maar ook de kostumering, haast hallucinante kleurenexplosies van bloemen en textiel, maken indruk. Zonder meer de kleurrijkste clip op de lijst. 

18. S10 – Adem je In  (Sharif Abd El Malwa)

Wat er precies gebeurt in de clip is moeilijk te duiden: S10 draagt een levende persoon met zich mee in een gigantische tas en twee mensen met lang wit haar kijken toe. Maar wat vooral beklijft is het uit de Hollandse klei getrokken surrealisme: typisch Nederlandse locaties zoals een fietspad en een bus krijgen iets onheilspellends en unheimisch in deze clip. 

17. Stromae – Santé (Jaroslav Moravec/ Luc Van Haver)

Een ode aan de arbeider. Het ongemakkelijke ritme van het nummer uit zich ook in de wat houterige en ongewone dansbewegingen, wat versterkt wordt door het gemêleerde gezelschap dat danst: van vissers op leeftijd, tot de keukenhulp in een restaurant. Het zijn niet de sterren die je in een dansclip zou verwachten, maar hun passie werkt aanstekelijk. Op hun gezondheid!

16. Adele – Easy on Me (Xavier Dolan)

Knuffelrock-kitsch, jazeker. Maar er zit ook een licht humoristische knipoog en een zelfverzekerde touch in deze clip van Canadese arthouse-darling Xavier Dolan. De overgang van zwart-wit naar kleur doet denken aan de aspect-ratio-shift in zijn film Mommy, zonder de pretenties van die film. De laatste scène waarin Adele en Dolan lachen om een onderonsje op de set past perfect binnen de lichtvoetige tred van deze videoclip. 

15. black midi – John L (Nina McNeely)

Deze clip had prima in mijn Cine Clip over odes aan The Holy Mountain gepast, want de geest van Alejandro Jodorowsky (ja, ik weet het, hij leeft nog) waart rond in deze videoclip. Maar het is ook een typische Nina McNeely-clip: de choreografe, bij het publiek van Cine waarschijnlijk het meest bekend van haar werk in Gaspar Noé’s Climax, heeft een heel unieke stijl, die de rauwe muzikale energie van black midi’s John L evenaart. 

14. Dorian Electa – Ram it down (Dorian Electra/ Weston Allen)

De dubbele betekenis van de red pill uit The Matrix, als metafoor voor de transgenderthema’s in die film én als verwijzing naar de term red-pilling onder neofascisten, ligt ten grondslag aan de clip voor Ram It Down. Ook memes over homoseksuele kikkers (naar aanleiding van het geraaskal van rechtse complotdenker Alex Jones) komen langs. Dorian Electra is niet vies van memes, en in Ram It Down, en eigenlijk alle clips van het album My Agenda, neemt hen de beeldtaal van incels, edgelords en MRA’s op de korrel en maakt ze queer. En dat met bakken vol ironie en visuele bravado. 

13. Jarvis Cocker – Aline (Wes Anderson)

Het mooie van deze clip is dat hij eigenlijk prima had kunnen fungeren als credits-scène voor Wes Andersons The French Dispatch, of als samenvatting eigenlijk. Maar als op zichzelf staande clip, waarin Jarvis Cockers alter-ego Tip Top door de straten van Ennui-Sur-Blasé danst, werkt hij ook wonderwel. Perfect als voorafje óf toetje bij de film. 

12. Merol – Vol (Joost van Hezik)

Wat begint als een ode aan Basic Instinct, inclusief verleidingsscène op het toilet, tussen Merol en haar kwaadaardige alter ego (ook Merol), eindigt met een gory banket. De clip neemt het concept van ‘vol van jezelf zitten’ erg letterlijk en de uitvoering is perfect. De gore heeft impact, de dansroutine is heerlijk eenvoudig, en de vormgeving is tot in de puntjes uitgewerkt. Voltreffer. 

11. Mitski – Working for the Knife (Zia Anger)

Een clip die subtiel breekt met de structuur van veel videoclips. Zo is er de ellenlange introductie waarin Mitski een choreografie uitvoert in een leeg auditorium. Maar het venijn zit bij deze clip in de staart: zodra het nummer is afgelopen kijken we ongemakkelijk lang naar Mitski die álles geeft, waarbij we alleen het gesteun en gekreun horen van de zangeres. Je voelt het gewicht. 

10. Megan Thee Stallion – Thot Shit (Aube Perrie)

De meest uitzinnige clip van het jaar: een seksistische senator wordt geteisterd door twerkende werklui. De uitvoering werkt op de lachspieren, maar de boodschap is duidelijk en mag gehoord worden. Dat dit alles toewerkt naar een eindshot dat op maximale wijze inspeelt op ‘shockeffect’ is de kers op de taart. Subtiliteit is ver te zoeken, maar dat is soms wel fijn. 

9. BADBADNOTGOOD – Timid, Intimidating (Winston Hacking)

Prachtig en origineel: de manier waarop fotografie en landschap samensmelten, en samen licht surrealistische taferelen vormen is soms haast ontroerend in de eenvoud van de beelden. Een clip met een ijzersterk en origineel concept, dat strak is uitgevoerd. 

8. Dua Lipa – Love Again (Lope Serrano a.k.a Canada)

Er zijn twee versies van deze clip: de relatief rustige ‘gewone’ versie, waarin de nadruk meer ligt op de dansers, en een director’s cut, die een veelvoud aan symbolen toevoegt en onrustiger is gemonteerd. De director’s cut is onconventioneler, en heeft een grotere ideeënrijkdom, maar mijn voorkeur gaat stiekem toch uit naar de commerciëlere versie. Ook daar is er al sprake van ongewone beeldtaal (onzichtbare paarden, gigantische eieren, linedansende rodeoclowns), maar voelt het geheel gestroomlijnder, en derhalve subtieler. Het bewijs dat het weglaten van je wildste ideeën soms in het voordeel van het eindproduct kan werken. 

7. Froukje – Een Teken (Simon Becks/ Cas Mulder)

Over subtiel gesproken: wat gebeurt er eigenlijk in de videoclip van Een Teken? Niet veel is het antwoord, maar met sterke shotkeuzes en een nog sterkere belichting kun je een clip maken met een haast Lynchiaanse grandeur. Prachtig begin- en eindshot ook. De beste clip die Froukje dit jaar uitbracht, al doet Niets Tussen er niet veel voor onder. 

6. Philippe Cohen Solal/ Mike Lindsay- Scattering the Fierce Foeman (Gabriel Jacquel)

Ik schreef al eerder een Cine Clip over de videoclips bij het project Outsider van Philippe Cohen Solal en Mike Lindsay, waarin de werken van kluizenaar/kunstenaar Henry Darger tot leven worden gebracht. De beste en uitzinnigste van die clips is bovenstaande, voor Scattering the Fierce Foeman, een heerlijk bombastische explosie van vormen en kleuren, waarin details uit de schilderijen van Darger geanimeerd worden. Maar kijk en luister vooral ook de rest van het project. 

5. Low – Disappearing (Dorian Wood)

Er gebeurt eigenlijk heel weinig in de videoclip van Disappearing, maar er gebeurt tevens zoveel. Een man poseert voor een zoom-video-call met portrettekenaars, en maakt met licht en textiel een show waar deze tekenaars hun tanden in vast kunnen bijten. Maar de clip gaat tevens over isolatie versus verbinding tijdens de pandemie. En over de schoonheid van dikke lichamen, die vaak genegeerd wordt in de samenleving vanwege sociale conventies en negatieve stereotypering in de media. En het gaat over het breken met genderconstructies, en andere normatieve vormen van hoe mensen ‘geacht worden te zijn’. Maar bovenal is het een ode aan kwetsbaarheid als kracht. Een clip waarbij ik elke keer als ik hem kijk moet huilen, niet vanwege verdriet, maar vanwege de ontroerende schoonheid en breekbaarheid van het geheel. 

4. Yves Tumor – Jackie (Rick Farin/ Claire Cochran)

Mandy van Panos Cosmatos is een duidelijk inspiratiebron voor Yves Tumors Jackie, wat we zien in het uitzinnige kleurenpalet, maar ook in de fantasy-strijd tussen Tumor en Jackie, waarbij zwaarden en gitaren in de strijd worden gegooid. Hallucinante psychedelica van de hoogste orde, waarbij de black-light-posters met sciencefictiontaferelen van Frank Frazetta en consorten, die menig tienerkamer in de jaren tachtig sierden, op overtuigende wijze tot leven worden gebracht. 

3. Wies – Barman (Isabelle Griffioen)

Pre-pandemie-nostalgie. Dat is het gevoel van Wies’ Barman, waarin avonden in Amsterdamse kroegen en de bitterzoete melancholie van terugdenken aan dit soort doorhaalnachten, op het moment dat de drinkmaten uit je leven zijn verdwenen, centraal staan. Subtiele shots van drijvende blikjes in een gracht, of van de polaroidfoto’s aan de muur van een bruine kroeg waar de rook nog in de muren hangt, vangen het gevoel perfect. Dat de clip tijdens de pandemie gefilmd is, wordt weggegeven door het feit dat we slechts een handvol mensen zien in de clip, waaronder de drie bandleden. Maar de spookachtige leegte die op de achtergrond sluimert maakt de clip extra impactvol, want dit soort avonden draaiden om je vrienden en je vrienden alleen. Met de hoop dat dit soort tijden weer terug mogen keren, nu uit volle borst: “Barman, doe er nog eens een!” 

2. FKA Twigs ft. Headie One & Fred again… – Don’t Judge Me (FKA Twigs/ Emmanuel Adjei)

Deze clip is gefilmd bij de Fons Americanus-fontein van kunstenaar Kara Walker, een fontein die een statement maakt over de geschiedenis van slavernij en kolonisatie in Amerika. De rest van de clip gaat ook over de doorwerking van deze geschiedenis in de moderne tijd, waarbij de onzichtbare onderdrukker zeker nog voelbaar is voor zwarte mensen. Deze grotendeels onzichtbare machten en krachten, alledaags en institutioneel racisme en achterstelling, worden gesymboliseerd in een choreografie waarbij de dansers, waaronder FKA Twigs zelf, achteruit worden getrokken door een onzichtbare hand. Het maakt het gewicht van de worsteling pijnlijk duidelijk.

1. Lil Nas X- Montero  (Call Me By Your Name) (Tanu Muino/ Lil Nas X)

De clip waar ik dit jaar niet om heen kon: Lil Nas X’ spraakmakende videoclip voor Montero. De clip was niet zonder controverse: zo waren Amerikaanse christenen in rep en roer over het vermeende satanisme; en was er de beschuldiging van plagiaat van een eerdere Cine Clip nummer 1, FKA Twigs’ Cellophane (FKA Twigs gaf later haar zegen). Wat de clip echter ook goed maakt is de gelaagdheid. Tuurlijk, hij ziet er gelikt en duur uit, met een kleurrijke stijl en dito kostuums. Maar de flirt met satanische symboliek vanuit queer perspectief bestaat al lang als een manier om de christelijke verwerping van homoseksualiteit te ondermijnen. En als power fantasy is flirten met het demonische krachtig voor veel queer mensen (waaronder ondergetekende), mede omdat het inspeelt op het gevoel anders te zijn en als monster gezien te worden door de samenleving. Als de samenleving je niet wil, waar kun je dan anders je heil zoeken? Horror en het occulte zijn dan voor rebelse tieners heel aantrekkelijk. Lil Nas X maakt deze metafoor, die we al heel lang zien in het horrorgenre en undergroundsubculturen, mainstream op grote schaal, en doet dit met stijl en panache. Twerken op Satans schoot: rebellie tegen de kleinburgerlijke cultuur met een dikke knipoog. Montero is grappig, gewaagd en gelaagd. Niet alleen de meest besproken clip van het jaar, maar ook de beste.