Met de muziekfilm Blaze gaat Ethan Hawke voor het eerst op de regisseursstoel zitten. En hoewel de film soms wat onverschillig voelt, doet hij dat zeker niet onverdienstelijk. Hawke vertelt het verhaal van de als Michael David Fuller geboren country muzikant Blaze Foley. Een begenadigd zanger en gitarist, die het had verdiend bekender te worden dan hij ooit werd. Zelf wilde hij nooit een ster worden, maar een legende. ‘Sterren branden alleen voor zichzelf. Een legende staat ergens voor’, aldus Foley in de film.

Een ster werd hij dus nooit, een legende evenmin. Hoewel collega muzikanten en echte country-liefhebbers hem misschien wel als dusdanig zouden omschrijven. Wat Blaze dan ook vooral laat zien als het om de carrière van Foley gaat, is hoe die carrière eigenlijk nooit helemaal wilde lukken. Deels omdat hij nooit echt een kans kreeg, zo raakten opnames van zijn muziek meermaals zoek. Deels omdat hij zelf misschien wel iets te onverschillig was waar het zijn carrière betrof en de verleidingen van drugs en alcohol zijn talent vaak overschaduwden.

Die onverschilligheid is op sommige momenten ook in de film zelf meer dan voelbaar. Hier en daar trekt de film en is het wat traag. En het sepia-achtige kleurenpalet dat veel scenes domineert doet wat obligaat aan. Toch is deze, voor mij eerste, kennismaking met Blaze Foley, zeker de moeite waard.

Hawke verdeelt de film kundig in verschillende tijdzones, waar hij moeiteloos tussen heen en weer springt. Zo zien we Blaze in de dag die zal eindigen met zijn onfortuinlijke overlijden na een schietpartij. We zien hoe zijn ‘vrienden’ waaronder Townes van Zandt terugblikken op Blaze zijn leven. En we maken kennis met de trieste liefdesgeschiedenis die zijn werk en latere leven zal blijven domineren. Het is verdrietig om te zien hoe die drie tijdlagen tegen elkaar afsteken.

Zijn leven met grote liefde en muze Sybill Rosen is boven alles onbezorgd. Het is prachtig hoe twee mensen bijna letterlijk kunnen leven van de liefde. Teruggetrokken in een boomhut, samen zingen en tegen elkaar aan kruipen bij het haardvuur is alles dat Sybill en Blaze nodig lijken te hebben. Maar toch trekt dat andere leven aan Blaze. De droom om niet alleen van liefde, maar ook van zijn muziek te leven – de droom een legende te worden – is er eentje die niet makkelijk uitdooft en dus laten de twee hun idyllische sprookjesbos achter zich en verhuizen naar de bewoonde wereld waar Blaze zijn eerste serieuze stappen zet in de muziekindustrie.


Maar zo vol als dat leven in het bos is, zo veel leger lijkt dat leven te worden in de stad. Met elke stap die hij dichter bij een muzikale carrière komt, raakt hij verder verwijdert van zijn grote liefde. En de luxe hotelkamers, volle bars en nieuwe ‘vrienden’ brengen verleidingen met zich mee die de getroebleerde Blaze niet kan weerstaan.

Wanneer Townes van Zandt terugblikt op het leven van zijn vriend, zien we vooral een man die van grote verhalen houdt. Tegen wil en dank wordt Blaze door Van Zandt tot legende verheven. Maar in die versie van het verhaal lijkt het belangrijker dat Van Zandt erbij was toen de legende zich ontpopte dan hoe het verhaal van Blaze uiteindelijk echt verliep.

Al met al vertelt Blaze het verhaal van een man die gehoord wilde worden. Als mens misschien nog wel meer dan als muzikant. En het is meer dan terecht dat we in deze film, die doorspekt is met zijn muziek, nu gedwongen worden om Blaze te horen en te zien.  Want ondanks dat we ook in deze film nooit echt te weten komen waar Blaze Foley precies voor stond, weten we wel van het bestaan en de muziek van een man die het had verdiend om een legende te worden.