In het kader van de Animonday bespreekt redacteur Theodoor Steen de Frans/Roemeens/Belgische animatiefilm Marona.

Marona is de nieuwste film van de Roemeense regisseur Anca Damian, maar vooral in het oog springend is haar samenwerking met Belgische striptekenaar Brecht Evens. 

Anca Damian heeft een eclectisch oeuvre, bestaande uit speelfilms, documentaires en docudrama’s. In 2011 maakte ze de film Crulic: The Path to Beyond, waarin ze gebruik maakte van rudimentaire animaties om het barre leven van een gevangene in hongerstaking te tonen. Damian toonde met die film dat ze bij vlagen eenvoudige en treffende vormen wist te vinden om het kille gevangenisleven te tonen, maar de wat knullige animatiestijl werkte vaker de film tegen dan dat het een voordeel was.

 De kinderlijke eenvoud van de beeldtaal is wederom aanwezig in Marona, een fictiefilm verteld vanuit het oogpunt van een stervende hond. Maar Damian weet hier van de abstraheringen en de ietwat naïeve symboliek een kracht te maken: de film kruipt overtuigend in het hoofd van een dier met een aanvankelijk ietwat argeloze kijk op de wereld. De frictie die voortkomt uit het leed dat Marona, het hondje uit de titel, overkomt en de aanvankelijk optimistische kijk op de wereld, zorgt voor spanning. In mooi Nederlands en Vlaams vertelt Marona, in een sterk geschreven voice-over, met immer groeiende melancholie over haar gebrek aan een plek in de wereld. Anca Damian, die het script schreef samen met haar zoon Anghel Damian, weet de juiste toon te treffen. Topzwaar wordt het nergens, maar de film is altijd op zijn minst bitterzoet. 

Daarbij wordt ze wel enorm geholpen door de sterke, frivole vormgeving van Brecht Evens. Evens gooide als striptekenaar, of zo u wil ‘graphic novelist’, internationaal hoge ogen met boeken als Nachtdieren en Ergens waar je niet wilt zijn. Zijn eclectische, kleurrijke stijl spring in het oog, en kenmerkt zich door de mix van technieken, waarbij collage, wasco, schilderingen, potloodtekeningen en, in dit geval ook, computeranimatie, elkaar afwisselen. De bonte parade aan figuren en indrukken gaat prachtig hand-in-hand met Damian’s trefzekere metaforen: zo druipen de strepen op een acrobatenkostuum langzaam van de acrobaat af wanneer deze zich een delirium heeft gezopen, en is de stervende Marona slechts een krijtlijn op het asfalt. 

Het succes van Marona volledig op conto schrijven van Evens zou Damian te kort doen, maar ze maakt hier wel de belofte waar die ze met Crulic: The Path to Beyond niet wist in te lossen. Waar in die film uiteindelijk de elementen niet bevredigend in elkaar klikten, blijkt hier de ratjetoe aan stijlen in het voordeel van de film te werken. De samenwerking met Evens haalt het beste in beide makers naar boven: zijn werk blijkt uitermate geschikt voor bewegend beeld én dit verhaal, en Damian blijkt zijn stijl te kunnen gebruiken om de zwaktes van Crulic hier om te zetten in sterktes. Marona is een pareltje van een film, niet te missen.