Nu aan het lezen:

The Rider

The Rider


Stel: je bent geboren om één doel na te streven en de mogelijkheid om dat te doen wordt je plotsklaps ontnomen. Als je roeping die van anonieme kantoorslaaf is, is dat misschien niet zo erg. Maar voor de getalenteerde rodeo-ster Brady Blackburn, middelpunt van The Rider, is het funest.

Blackburn is gebaseerd op hoofdrolspeler Brady Jandreau, een jonge rodeo-cowboy uit South Dakota wiens geschiedenis de basis vormt voor The Rider. Jandreau speelt in feite zichzelf, en ook zijn echte vader en zusje hebben rollen in de film die overeenkomen met de werkelijkheid. Net als Jandreau is deze quasi-fictieve Blackburn een fenomeen in de rodeo-scene, die een grote maatschappelijke rol speelt in deze gemeenschap. Het publiek kan geen genoeg van hem krijgen. Niemand handhaaft zich zo lang op de bokkende en steigerende rodeo-paarden als Brady. Totdat het mis gaat en hij een val maakt die hem bijna z’n leven kost.

We zien Brady voor het eerst als hij in een uitermate slonzige trailer het verband van zijn hoofd wikkelt en zijn verwonding blootgeeft. Een dikke rij hechtingen loopt over z’n deels kaalgeschoren schedel. Brady zet koffie en rookt een sigaret. Hij sloft door z’n trailer, schouders naar beneden. Het ongeluk ligt al een tijd achter hem, de consequenties ervan vormen de dagelijkse realiteit.

The Rider toont Brady’s status als lokale rodeo-god aan de hand van reacties uit zijn omgeving. De gevallen held sleept zijn getergde lijf langs familie en vrienden en langs de arena waar hij zijn grootse successen vierde. Overal dezelfde reactie: “goed je te zien, Brady. Wordt het niet eens tijd om weer te gaan rijden?” Brady recht zijn rug en bezweert iedereen dat hij binnen no time weer in het zadel zit. Iedere keer dat hij het zegt, klinkt het minder overtuigend. De fysieke nasleep van zijn verwondingen is veel ingrijpender dan gedacht en de droom om snel weer op het paard te zitten, drijft steeds verder weg. Zijn beste vriend Lane –deels verlamd, niet in staat om te praten– kwijnt weg in een ziekenhuis, als slachtoffer van een nog ernstiger rodeo-ongeval. Is dat wat Brady te wachten staat als hij doorrijdt? En is dat misschien te verkiezen boven zijn huidige, nietszeggende leven? De twijfel over je roeping wordt steeds constanter, maar hoe geef je dat toe aan al die mensen die vol verwachting naar je kijken? En aan jezelf?

Het zuidelijke Amerika van The Rider wordt bevolkt door stugge, hardwerkende, hard-drinkende types met cowboyhoeden op hun hoofd en stof in hun poriën. Je kent ze wel. Gelukkig draait de film de clichés op hun kop door deze rouwdouwers allemaal flink uit te diepen en ze, stuk voor stuk, een bijzonder gevoelige ziel mee te geven. Zo is pa Blackburn een norse, boertige vent die te veel in de kroeg zit en zijn zoon constant wijst op zijn falen. Hij is ook een getergd man die het de emotionele middelen ontbeert om uit te drukken hoe zeer het hem steekt dat hij z’n kinderen niet meer te bieden heeft.

Brady’s vrienden zijn druistige bierdrinkers met een grote mond maar ze hebben wel het zelfinzicht om hun plaats in deze wereld te kennen – hun Amerika is niet dat van hun leeftijdgenoten in de grote steden. Ze leven in een unieke bubbel waar de kansen niet voor het oprapen liggen en waar het belang van gemeenschapszin des te groter is. De rodeo is het bindmiddel voor die gemeenschap, het centrale punt waar iedereen zich om heen schaart.

Daarom kost het de kijker ook weinig moeite om zich in te leven in de passie voor deze toch wat eigenaardige vorm van entertainment. Op het oog gaat het tenslotte wel om volwassen mannen in felgekleurde overhemden die proberen zo lang mogelijk op onwillige paarden te blijven zitten. Maar in The Rider wordt een ander beeld geschetst: rodeo-rijden draait niet om het bedwingen van het beest, maar om de verstandhouding tussen de rijder en het paard. Terwijl Brady zich met zijn lot probeert te verzoenen, ontfermt hij zich over een paard dat niemand meer wil. Het dier heeft de reputatie onhandelbaar te zijn en is door zijn eigenaar links laten liggen, maar het lukt Brady om tot het dier door te dringen. Dit proces wordt met veel affectie voor zowel mens als dier in beeld gebracht en is fascinerend om te zien.

Het is dit diepgewortelde begrip voor de personages en hun omgeving dat The Rider sterk maakt. De film is in opbouw en verteltrant niet bijster origineel en ook de karakterontwikkeling van de hoofdpersoon hebben we al eerder gezien. De symboliek is af en toe wat bot — zo heeft Brady een fysiek mankement overgehouden aan zijn val dat hem er letterlijk van weerhoudt de teugels los te laten. Wat wel uniek is, is het vermogen van de film om zonder grootse gebaren of sentiment een lans te breken voor kwetsbaarheid. Cowboy up, opstaan en weer doorgaan — we hebben het allemaal wel eens gehoord. The Rider laat zien waarom het tegenovergestelde doen soms nog veel meer bewondering verdient.

Ramon Boers

The Rider draait nu in de Nederlandse bioscopen.

Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken