Nu aan het lezen:

The Ballad of Buster Scruggs

The Ballad of Buster Scruggs


The Ballad of Buster Scruggs
, de nieuwste film van de gebroeders Coen, haalde in Nederland niet de bioscoop en ging meteen in première op Netflix. Toepasselijk, want het kijken van de film past binnen een vertrouwd binge-model.

In persberichten noemden de gebroeders Coen The Ballad of Buster Scruggs een ode aan portmanteaufilms, waarmee ze vermoedelijk films als Ro.Go.Pa.G en Spirits of the Dead bedoelden waar regisseurs zoals Roberto Rossellini, Louise Malle, Federico Fellini en Jean-Luc Godard destijds aan meewerkten. Dat de film nu op Netflix uitgebracht wordt doet toch eerder series als Black Mirror en The Romanoffs van Netflix-concurrent Amazon voor het geestesoog verschijnen. Net als bij dit soort anthology-series krijg je een variëteit aan verschillende verhalen, maar wel altijd met een duidelijke auteursvisie (Charlie Brooker of Matthew Weiner). Dat zorgt ervoor dat je een beetje weet wat je kunt verwachten, in tegenstelling tot de meer gevarieerde visies van een Spirits of the Dead of Ro.Go.Pa.G. Want niet alleen zijn de zes korte films allemaal onmiskenbaar films van de gebroeders Coen, het zijn tevens allemaal westerns.

Allemaal bij elkaar genomen beslaan de korte films de volle breedte van de visuele en verhalende trukendoos van de broers. Een segment als Meal Ticket, over een impresario en zijn lichamelijk gehandicapte acteur, voelt als een variatie op de contemplatieve en door en door cynische wereldvisie van A Serious Man. The Gal Who Got Rattled en All Gold Canyon voelen als versies van True Grit. The Mortal Remains is Barton Fink-esque. The Ballad of Buster Scruggs zelf combineert de cartooneske slapstick van Raising Arizona en The Ladykillers met de bloederige en realistische gore van No Country For Old Men. Het heeft het effect van de houtversnippermachine in Fargo: een combinatie tussen grotesk en grimmig die op de lachspieren werkt.

Daarnaast beslaat The Ballad of Buster Scruggs ook zo’n beetje alle kanten die je met de western op kan. De short waar de film zijn titel aan ontleent is een ode aan het roemruchte subgenre van de Zingende Cowboy (zie bijvoorbeeld de films van Gene Autry), terwijl in de rest van de film clichés en conventies als bankovervallen, lynchpartijen, aanvallende Comanches, goudzoekers, de Oregon trail, hoerenhuizen, postkoetsen en pelsjagers ook allemaal een rol spelen. De film gaat van trage, realistische verhalen (The Gal Who Got Rattled, Meal Ticket, All Gold Canyon) tot meer hysterische, speelse en over-the-top genre-uitingen (Buster Scruggs, Near Algadones, The Mortal Remains), maar er is één grote overeenkomst: de wereldvisie van de Coens.

De broers zijn namelijk niet bijster optimistisch over de menselijke natuur. In alle verhalen doet gierigheid en koppigheid de mens de das om. Momenten van compassie en zachtheid zijn van korte duur, gevolgd door bruut, vaak komisch geweld. In veel van de verhalen wordt dit onverwachte geweld gecontrasteerd met personages die tegen beter weten in blijven hopen. Of het nu Buster Scruggs zijn zang is; de lichamelijk gehandicapte acteur die Ozymandias oreert; de goudzoeker (Tom Waits) die volhardend blijft zoeken naar die goudader; de bankovervaller die beroep doet op de goedheid van een koeiendrijver; de mensen in de postkoets die elkaar proberen te overtuigen van hun visie op de mens; of de jonge vrouw die een reis naar Oregon onderneemt in de hoop op een betere toekomst… Geen van allen krijgen ze zonder slag of stoot wat ze willen. Dit is misschien wel de meest hopeloze en cynische film van de gebroeders Coen. De verhalen doen soms zelfs denken aan Roald Dahls Tales of the Unexpected of de EC Comics Tales from the Crypt.

Omdat ze toch vaak blijven hameren op ditzelfde thema, en ook omdat we ze eerder en beter westerns hebben zien maken, is het onvermijdelijk dat sommige segmenten het onderspit delven. Ondergetekende was zelf minder te spreken over Meal Ticket, dat te traag voortbeweegt richting een onvermijdelijke conclusie, en The Mortal Remains, dat een simpel idee dergelijk ingewikkeld uitwerkt dat de twist aan het einde een beetje doodvalt.

De zes korte films worden aan elkaar verbonden door een raamwerk waarin we door een boek bladeren. Elk verhaal wordt geïntroduceerd met een pagina korte tekst, geschreven in het breedsprakige, archaïsche vocabulaire van een boek uit eind negentiende eeuw. Het blijkt uiteindelijk ook hetgeen dat in alle films het meest overtuigend is. De dialogen behoren tot de sterkste die de Coens ooit schreven. Ze gaan helemaal los met het erudiete snobisme en het zuidelijke idioom van cowboys. Buster Scruggs (Tim Blake Nelson) draait zijn hand niet om voor een goedgeplaatst gezegde; de mensen in de postkoets in The Mortal Remains hebben pittige filosofische discussies met een heerlijk ouderwetsche woordenschat; Alice Longabaugh (Zoe Kazan) en Billy Knap (Bill Heck) in The Gal Who Got Rattled praten om elkaar heen in beleefdheden, en zelfs de mompelende goudzoeker (Tom Waits) in All Gold Canyon heeft een aantal uitspraken die blijven hangen (‘Mr. Pocket…’). Of segmenten nu goed werken of niet, of het nu een komisch of tragisch verhaal is, het blijkt de overeenkomst tussen alle stijlen die de Coens machtig zijn: hun gevoel voor theatrale dialogen. Maar al die woorden zijn aan dovemansoren gericht, op het moment dat de kogels en pijlen je opeens om de oren vliegen.

In de wereld van The Ballad of Buster Scruggs kun je een ballade zingen of een theaterstuk oreren, kunst en kwetsbaarheid vindt geen voedingsbodem in een harde, verdeelde, gewelddadige wereld. Blijkt The Ballad of Buster Scruggs toch nog politiek te zijn. Hopelijk vindt de film, tussen al het geweld en geschreeuw van het Netflix-algoritme, wel een publiek dat vatbaar is voor het overdenken van dit statement.

Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken