Ook dit jaar zijn we met Cine.nl aanwezig op het Imagine Film Festival om verslag uit te brengen. Met vandaag: buitenbeentjes met groeipijnen. 

Het is niet makkelijk om jong te zijn. De druk om ergens bij te horen, de groeipijnen van volwassenwording en alle verwarring die daarbij hoort. Kijk naar de vijftienjarige Neil uit Clay Lifords Slash. Hij schrijft erotische fanfictie en weet dat hij daarmee buitenspel staat. Tot hij de verwante ziel Julia ontmoet. Zij spoort hem aan zijn werk te publiceren op een fanfictie-site. Dankzij haar ontdekt hij dat ook buitenbeentjes hun eigen gemeenschappen vormen en hun eigen veilige havens creëren waar ze niet de anomalie zijn, maar de  norm. “Outside this community we’re just outsiders”, merkt Julia op als ze Neil meeneemt naar een comic con.

Volwassenen doen graag alsof vijftienjarigen nog “onbedorven” zieltjes zijn, terwijl ze allemaal zelf ook die vijftienjarige zijn geweest die wel degelijk aan seks denkt of al doet. De kracht van Lifords film is dat hij niet terugdeinst voor de seksuele fantasieën van zijn hoofdpersonage. Die barsten van nieuwgierigheid en puberaal verlangen en zijn allesbehalve eenduidig. Neil is immers zelf nog aan het uitvinden wie hij is en in zijn fanfictie bestaan voor hem geen grenzen tussen homo- en hetero-erotiek,  tussen wat geaccepteerd is en wat als pervers beschouwd wordt. De film is een pleidooi voor precies die vrijheid.

Slash (Clay Liford)

Nog een (bijna) vijftienjarige treffen we in Girl Asleep, het debuut van de Australische Rosemary Myers, dat zich afspeelt in de aanloop naar en op de vijftiende verjaardag van Greta Driscoll. “Fifteen is going to turn a corner”, vertrouwt haar oudere zus haar toe. Voor Greta is het vooral verwarrend en  Myers verbeeldt al haar angsten en onzekerheden over de veranderingen in haar lichaam en identiteit via een soort sprookjesbos waar ze haar weg moet vinden terwijl ze wordt opgejaagd door allerlei wezens waarin we onder meer haar ouders herkennen.

Girl Asleep bestaat helaas net te veel uit losse ideeën en voelt in meerdere opzichten nog wat onvolwassen. In tegenstelling tot Lifords Slash is de film wel erg braaf in de benadering van de thematiek. Seksuele bewustwording, genderidentiteit; het zijn geen kleine thema’s, maar echt diepgaand uitgewerkt wordt het niet, daarvoor is Myers ook net teveel bezig met haar jarenzeventig-pastiche waarin de geesten van haar invloeden – vooral Wes Anderson – wel erg nadrukkelijk rondwaren. Het hele sprookjesconcept is een interessant uitgangspunt, maar had voor mij beter gewerkt als het verder was doorgevoerd en wat minder onschuldig was gebleven.

Girl Asleep (Rosemary Myers)

Maar dat school een sociaal mijnenveld is, met kliekjes en rituelen, wordt op een bij vlagen geestige wijze duidelijk gemaakt. Zoals dat ook gebeurt in de animatiefilm My Entire High School Sinking Into the Sea van Dash Shaw. In deze highschool is zelfs sprake van een letterlijke hiërarchie; hoe hoger het jaar waar je in zit, hoe hoger je in het gebouw komt. De brugpiepers zijn dan ook het eerste slachtoffer wanneer de school na een aardbeving in zee terechtkomt en langzaam begint te zinken. Dash, Assaf en Verti runnen de schoolkrant en zijn daardoor als by default vrienden. Maar zoals Dash elders in de film opmerkt, bij een club horen is niet hetzelfde als vriendschap en de film is een test tot welke groep zij eigenlijk behoren.

Shaw timmert al jaren aan de weg als auteur van graphic novels en wist voor zijn speelfilmdebuut onder meer Jason Schwartzman en Susan Sarandon te strikken. De prettig ongepolijste animatie neemt ons mee van een herkenbare wereld vol afgetekende personages naar steeds psychedelischer dimensies, ondersteund door fantastische muziek van Rani Sharone. Het tempo ligt constant hoog en de humor in zowel de visuele grappen als de dialogen deed me meermaals hardop lachen. My Entire High School Sinking Into the Sea is een heerlijk inventieve film.

I Am Not a Serial Killer (Billy O’Brien)

Het zijn allemaal buitenbeentjes waar we in deze films mee te maken hebben, zoals dat vaak is in coming-of-age films. Want hun verhalen zijn toch vaak het meest interessant. Maar in I Am Not a Serial Killer, gebaseerd op het gelijknamige boek van Dan Wells, gaat Billy O’Brien nog een stapje verder. Zijn hoofdpersonage is een sociopaat die John Wayne Cleaver heet. Dat is vragen om problemen. John heeft dan ook nogal wat morbide neigingen, maar weet die in bedwang te houden door met zijn moeder in een mortuarium te werken. Maar wanneer het ingeslapen Amerikaanse industriestadje wordt opgeschrikt door een reeks gruwelijke moorden, wekt dat bij John een fascinatie die potentieel destructief is.

Het knappe is dat Johns perverse neigingen niet worden ontkend, maar hij toch, mede dankzij de sterke vertolking van Max Records (die we nog kennen uit Where the Wild Things Are) onze sympathie wint. Maar vooral is het wonderlijk hoe goed de film weet te balanceren tussen het alledaagse en het bovennatuurlijke en mij meekreeg in het bizarre einde. O’Brien kan daarbij ook rekenen op een heerlijke rol van Christopher Lloyd en prachtig camerawerk van Robbie Ryan (vaste cinematograaf van Andrea Arnold). Wie zijn coming-of-age films graag een tikje off kilter heeft, is bij I Am Not a Serial Killer aan het juiste adres.

Slash is nog te zien tijdens Imagine op 19 april

0 reacties

Geef een reactie

Annuleren