Het Amsterdam Fantastic Film Festival was het allereerste filmfestival dat ik ooit bezocht. In een vol Kriterion hingen misvormde papier-maché babies en gedeformeerde spermatozoïden aan het plafond en zag ik The Attic Expeditions van Jeremy Kasten, die ook een Q&A verzorgde na de screening. Die eerste ervaring zorgde ervoor dat ik fan werd van het AFFF, wat inmiddels al een tijdje door het leven gaat als het Imagine Film Festival, en dat ik overtuigd werd dat een filmfestival het vetste was dat je kon organiseren, wat bijgedragen heeft tot de oprichting en het bestaan van het KLIK! Amsterdam Animation Festival. Inmiddels is Imagine aan haar 33e editie toe en zag ik vier films die op een intrigerende manier verhalen vertellen over raciale representatie, de verhouding tussen kwalitatief hoogstaand filmmaken versus de guilty pleasures van slechte film en het spanningsveld tussen ambachtelijk amateurisme en kwaliteitscinema.

De openingsfilm van het Imagine Film Festival was dit jaar de spraakmakende Amerikaanse film Get Out, die al omringd was door veel buzz, maar waarvan deze buzz tevens zei dat het een film was waar je het best zo min mogelijk over moest weten. Bij deze sluit ik mij daarbij aan: het enige dat ik zal beamen is dat de film dusdanig goed geschreven is, met een script waarin alles meticuleus klopt, elk zinnetje beladen is met meerdere betekenissen en waarbij je als kijker dusdanig wordt behandeld als een weldenkende volwassene, dat ik hoop dat meer filmmakers gaan beseffen dat dit de beste manier is om met het publiek om te gaan. Ik zat na de vertoning met enkele vragen, maar door gesprekken achteraf en door online discussies te lezen kwam ik er al snel achter dat het een film is die zo geraffineerd in elkaar is geweven, dat een tweede bezichtiging nodig is om alles te ontrafelen.

 

 

Zaterdag was het tijd voor een trip naar Wakaliwood in Oeganda met Bad Black. Ingeleid door de Amerikaanse acteur Alan Hofmanis die ooit op de bonnefooi naar Oeganda af reisde uit nieuwsgierigheid naar de DIY-cinema in de sloppenwijken van Wakaliga. Daar ontpopte hij zich tot filmster/producent in de films van Ramon Film Productions. We werden als publiek meegezogen in een bizar filmuniversum waarin de actiefilms uit de 70’s, 80’s en 90’s als een soort mythologische achtergrond bestaan. Het Afrikaanse dorpje maakt met een bijzonder beperkt budget aan de lopende band films,  waarbij het gebrek aan (filmtheoretische) kennis, technische middelen en expertise ruimschoots wordt gecompenseerd door ongebreideld enthousiasme. Als enige blanke crewlid/acteur bleek Hofmanis een onverwachte toegevoegde waarde te hebben, vertelde hij voorafgaand aan de film: “Hoe meer scènes ze konden schieten waarin ik in elkaar gerost werd, des te beter was de film te verkopen. Iedereen wou een film zien waarin een blanke er van langs krijgt!”. De bizarre, hectische actiefilm werd nog amusanter door het feit dat de film begeleid werd door een Ugandese commentatorstem. Een soort commentaartrack zoals je ook gewend bent van DVD’s, maar deze expliciete explicateur doet een soort stand-up comedy act waarin hij tijdens de film vertelt wie ook alweer welk personage is, wat er aan de hand is en als een soort opgewonden voetbalcommentator personages toejuicht. Als één personage in een drugsroes flink huishoudt, wordt hij vergeleken met grote actiesterren: “Kenny is Sylvester Stallone! Kenny is Arnold Schwarzenegger! Kenny is Jean-Claude van Damme! Kenny is Bill Murray! Kenny is Zoë Bell!” Deze, bij vlagen hilarische uitspraken illustreren de intrigerende dynamiek die er bestaat tussen de Wakaliwood-makers en Westerse actie-cinema.

 

 

Headshot, een Indonesische actiefilm, gemaakt door het team achter de Indonesische actieknallers The Raid en The Raid 2 weet ook met een tandje minder nog steeds een behoorlijke indruk achter te laten. Iko Uwais speelt Ishmael, een man die in coma aanspoelt op een strandje met een fikse hoofdwond, zonder benul wie hij is of wat er is gebeurd. Hij wordt door een aanlokkelijke dokter genaamd Ailin (Chelsea Islan) verzorgd, maar als duistere figuren uit zijn verleden opduiken, moet hij het opnemen tegen de meedogenloze bendeleider Lee (Sunny Pang). De vechtchoreografie is wederom fenomenaal, maar dankzij de iets kleinere schaal en het meer persoonlijke plot voelt alles wat rauwer en venijniger. Uwais is dit jaar ook nog te bewonderen in onder andere Triple Threat, een film waarin hij, de Amerikaanse spierbundel Michael Jai White en de Thaise titaan Tony Jaa elkander alle hoeken van het witte doek zullen laten zien. Hopelijk dat Hollywood oplet en het team wat meer te doen geeft dan achtervolgd en opgeslokt worden door een rondstampende alien zoals in The Force Awakens.

 

 

K-Shop was een sprong in het diepe: een film waar ik niks over had gelezen en waar ik dus blind instapte. Een Turks-Engelse student genaamd Salah (Ziad Abaza) neemt de snackbar van zijn zieke vader tijdelijk waar, maar door onfortuinlijke omstandigheden overlijdt zijn vader en moet hij zijn studie opgeven om de zaak te bestieren. De kebabzaak ligt in het uitgaansgebied van Bournemouth, een kustplaats in Zuid-Engeland waar binge-drinking het voornaamste tijdverdrijf is: de film toont op gepaste en ongepaste tijd straalbezopen, al dan niet ontklede Britten die out zijn gegaan, elkaar aflebberen, copuleren, ruzie zoeken, vechten en zichzelf gedragen met de gratie en charme van een kudde epileptische gnoes, het liefst al projectiel-vomerend. Als Salah op een avond na een incident met een comazuiper die in het frituurvet belandt met een lijk opgezadeld zit, besluit hij om de situatie naar zijn hand te zetten door het lichaam tot kebab te verwerken. K-Shop begint veelbelovend, maar neemt te veel vlees op zijn vork: de film is te lang en laveert zich tussen horrorfilm, satire, kitchen-sink drama en revenge flick, met daartussen ook nog een love interest en een sidekick. Als de film ook nog aan het eind een poging doet om een multiculti-integratie-kaart te spelen, voelt het al helemaal aan als een niet goed geslaagde kapsalon van de snackbar: allemaal interessante elementen leveren samen een zwaar op de maag liggende film op. Hoofdrolspeler Abaza is in ieder geval goed op dreef en ik heb me prima vermaakt, maar veel mensen die ik naderhand sprak hadden vooral zure oprispingen overgehouden aan de film.

Bad Black draait op 21 april om 15:25 nog op Imagine.

Headshot draait dezelfde dag om 21:50.

Get Out draait vanaf de 20e in de betere bioscoop

0 reacties

Geef een reactie

Annuleren