Nu aan het lezen:

IFFR postcard #2: Mensen op drift

IFFR postcard #2: Mensen op drift


Ook afgelopen jaar weer meldde de UNHCR dat er een recordaantal mensen op de vlucht is. Iedere drie seconden, zo staat in het bericht, wordt iemand gedwongen zijn of haar thuis achter te laten. Op het IFFR zien we die beweging terug, want vluchtelingen en mensen die anderszins op drift raken komen in veel films terug.

In openingsfilm Jimmie (Jesper Ganslandt) komt letterlijk de vluchtelingenproblematiek aan bod. Toevallig lanceerde Amnesty vandaag ook een korte film over dit thema. Hierin worden mensen onder hypnose gebracht om de ervaringen van vluchtelingen te beleven. Roger Ebert noemde film de krachtigste empathy machine, maar aan deze ervaring kan film niet tippen vermoed ik.

Ganslandt kiest in Jimmie voor een ander concept om de ervaringen van vluchtelingen dichterbij het westerse publiek te brengen. Hij draait de route van de vluchtelingen uit de Europese vluchtelingencrisis om. In plaats van mensen uit het Midden-Oosten die Noordwest-Europa proberen te bereiken zijn het blonde Zweden die naar het zuiden proberen te komen. Verder recreëert hij de omstandigheden en details van de vluchtelingencrisis vrij exact. Heel eerlijk snap ik niet waarom dit concept niet een concept is gebleven. Ik zou niet weten waarom de kijker zich beter zou kunnen inleven in die blonde mensen, of waarom je als filmmaker daaraan toe zou willen geven als het zo was.

Wat heeft het verder nog voor zin om op te merken dat de film stilistisch interessant en goed uitgevoerd is? Dat Ganslandt overtuigend de belevingswereld van zijn vierjarige zoon (die de titelrol speelt) neerzet? Dat de film momentum verliest, omdat een vierjarige de context van de vlucht niet snapt en dat de film daardoor wat doelloos wordt? Maar dat dat misschien juist wel goed de ervaring van een vluchteling in een vreemd continent weergeeft?

Don Diego de Zama begint al op de verkeerde plek. Hij zit als magistraat van de keizerlijke Spaanse kroon vast in een klein stadje in Argentinië, voordat het Argentinië was. Ondanks zijn verwoede pogingen om overgeplaatst te worden naar een prettigere plek, waar hij bovendien zijn vrouw en kinderen naartoe kan laten komen, zakt hij steeds verder weg in de periferie. Niet in het minst door zijn eigen gebrek aan zelfbeheersing, zeker waar het vrouwen aangaat. Dat neemt niet weg dat kolonialisme net als in Queimada, dat ook te zien is op IFFR dit jaar, een val voor de kolonisator zelf blijkt.

Zama vertegenwoordigt een flinke koerswijziging voor de Argentijnse meesterregisseur Lucrecia Martel. Ze is bekend geworden met films als La Ciénaga en La mujer sin cabeza die de wederwaardigheden van de Argentijnse bourgeoisie vertellen, dan wel persifleren. Zama is haar eerste speelfilm in negen jaar, en blijkbaar was ze toe aan iets nieuws. Dit is haar eerste boekverfilming, en nou ja, gericht op de bourgeoisie in een heel ander tijdperk.

Ik weet niet of de stijl van Martel erg goed werkt in dit geval. Ze is niet erg toegeeflijk in het verstrekken van informatie aan de kijker, wat ik op zich altijd een pluspunt vindt. Maar de wereld van Zama sluit niet goed aan op het referentiekader van de kijker, dus een helpende hand hier en daar is niet overbodig. Dat Martel dit niet doet maakt de film af en toe lastig te volgen, zeker als tijdssprongen niet eens altijd met visuele hints worden duidelijk gemaakt. Toch kun je als liefhebber prima genieten van de droge humor en de schitterende beelden die Martels werk altijd kenmerken.

Voor weduwe Marlina komt het geweld naar haar huis in de vorm van de gangster Marcus. Hij klopt op de deur, nodig zichzelf uit naar binnen en vertelt haar doodleuk dat hij als haar geld en vee zal meenemen. En dat hij haar met zijn vrienden die avond zal verkrachten. Je raadt al hoe dat gaat aflopen aan de titel van Mouly Surya’s derde film: Marlina the Murderer in Four Acts. Wat volgt is een zwerftocht over het Indonesische eiland Sumba die Marlina gebruikt om de gebeurtenissen een plek te geven.

De film staat bol van de wrange humor en leek dan ook goed te vallen bij het publiek. Bovendien heeft Sourya oog voor bijzondere camerastandpunten die de prettig vreemde toon van de film uitstekend ondersteunen. Enige minpunt is dat de film behoorlijk slordig geschreven is. Objecten en personages verschijnen plotseling zonder redelijke verklaring, en personages houden totaal geen rekening met voorspelbaar handelen van anderen. Marlina’s strijd tegen de achteloze bruutheid van haar mannelijke eilandgenoten werkt uiteindelijk cathartisch.

Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken