Nu aan het lezen:

IDFA verslag 3: de muziekdocumentaire

IDFA verslag 3: de muziekdocumentaire


IDFA viert dit jaar haar 30e editie en uiteraard is Cine daarbij. De komende anderhalve week doen we verslag van het documentairefestival. Met vandaag aandacht voor een genre dat eigenlijk niet echt één genre is: de muziekdocumentaire.

Elk jaar zijn er wel een aantal muziekdocumentaires te zien op het IDFA. De muziekdocumentaire is als een genre op zich, al zijn er behalve de muziek weinig vaste ingrediënten. Sommige muziekdocumentaires zijn voornamelijk een tour- of concertregistratie (zoals Martin Scorsese’s registratie van het afscheidsconcert van The Band in The Last Waltz), andere biografisch, weer andere al dan niet per ongeluk het verslag van de ineenstorting van een band (denk aan de Metallica-documentaire Some Kind of Monster of Meeting People is Easy over Radiohead). En zo zijn er nog wel wat variaties of combinaties daarvan.

Depeche Mode 101 van D.A. Pennebaker is een klassieker in het genre en valt in de eerste categorie. De film verscheen in 1989 en toonde de aanloop naar het 101e en laatste concert in hun tournee van 1988 in het Rose Bowl stadion in Pasadena. De documentaire werd (achteraf bezien) op een interessant moment gemaakt. De band zat vlak voor hun grootste succes (het album Violator met daarop monsterhit Enjoy the Silence), maar had al een flinke livereputatie opgebouwd en een trouwe fanbase aan zich weten te binden. De film leunt op die twee pijlers, met veel concertbeelden die worden afgewisseld met scènes van een groep fans die werd geselecteerd om in een bus met de band mee te reizen.

Pennebaker was een aanhanger van de direct cinema-benadering, waarbij de realiteit zo ongefilterd mogelijk wordt geregistreerd, en dat is in 101 duidelijk merkbaar. De bus kids zijn ontwapenend zichzelf en ook de bandleden lijken zich achter de schermen nauwelijks te laten storen of beïnvloeden door de camera’s. Door die benadering weet Pennebaker dicht bij de magie te komen die je voelt wanneer je je favoriete band live ziet.

Waar Depeche Mode 101 het structuurloze omarmt, daar zoeken de meeste muziekdocumentaires toch naar iets van een narratief om hun film aan op te hangen. In het geval van American Valhalla wordt dat gevormd door de opnames van het album Post Pop Depression dat Josh Homme maakte met Iggy Pop en waarvoor ze samen met nog twee muzikanten naar een wat sjofele opnamestudio in de Mojavewoestijn trokken.

Het is een samenwerking die duidelijk voor beide partijen veel betekent. Voor Homme is Iggy Pop een idool, maar hij verafgoodt hem niet. Hij zoekt de grenzen op van wat Iggy Pop kan zijn als zanger en trekt hem daar overheen. Soms tot diens frustratie. “I hope my body can remember it”, verzucht hij in de studio. Ondanks Pops aanvankelijke tegenzin ging de gelegenheidsband op tour, waarvan de film ook verslag doet. Josh Homme, die de documentaire samen met Andreas Neumann regisseerde, weet de rauwe energie van het album goed over te brengen op beeld. Het is gruizig, cool en dynamisch. Iggy Pop zelf heeft aangegeven dat het zijn laatste album zou kunnen zijn. Mocht dat kloppen, dan is American Valhalla een samen met die cd een mooi afscheidsdocument.

De documentaire Silvana tracht misschien wel het meest van deze documentaires een narratief te maken. De film van Mika Gustafson, Olivia Kastebring en Christina Tsiobanelis volgt de opkomst van de Zweedse hiphopper Silvana Imam, inclusief een breakdown en comeback, alles in amper een paar jaar tijd. Silvana Imam is brutaal, getalenteerd en arrogant. Alles dus wat we als normaal beschouwen in mannelijke rappers, maar in een vrouw blijken die eigenschappen plots een stuk minder geaccepteerd. Constant wordt ze bevraagd op haar vrouwelijkheid, waarmee ze eigenlijk als vanzelf een politiek statement wordt.

Wanneer ze de vernieuwende popzangeres Beatrice Eli ontmoet, zien we haar voor onze ogen veranderen in een meisje. De rest van de documentaire richt zich steeds nadrukkelijker op haar relatie met Eli en hoe zij steeds bewuster omgaat met haar activistische rol als immigrant, vrouw en lesbienne in een Zweden dat steeds verder polariseert. Silvana Imam is een fascinerend fenomeen en een vooral fascinerend mens. Het ene moment brutaal en een tikje irritant, het ander kwetsbaar en innemend. Zelfs al is de documentaire zelf niet memorabel, zij is dat wel.

Het leven van de artiest zelf kan uiteraard ook het narratief vormen. Dat gebeurt in Eric Clapton: A Life in 12 Bars. Het is een vrij klassiek opgezette biopic, die chronologisch door het leven en werk van de gitarist gaat, op een paar momenten na waarin even wordt teruggegrepen op een kantelpunt in zijn jeugd. Van zijn eerste kennismaking met de blues via een kinderprogramma op de radio, via zijn eerste gitaar en de vele bands waar hij deel van uitmaakte tot zijn solosuccessen.

De documentaire van Lili Fini Zanuck heeft ook veel aandacht voor het turbulente persoonlijke leven van Clapton. Op zijn negende ontdekte hij dat zijn moeder eigenlijk zijn grootmoeder was, hij werd obsessief verliefd op de vrouw van zijn beste vriend George Harrison en uiteraard is er de afschuwelijke dood van zijn zoontje Conor. En dan was er ook nog zijn heroïneverslaving die hij later inruilde voor een alcoholverslaving. Zelfs met een speelduur van ruim twee uur voelt de documentaire nog overvol aan. Maar door alles heen klinkt wat een briljante gitarist Clapton is. Iemand die (letterlijk, zo vertelt een ex) spreekt via zijn gitaar. Iemand die met recht kan zeggen dat muziek zijn leven heeft gered. Opnieuw en opnieuw.

Ook Ryuichi Sakamoto: CODA heeft een biografische inslag, maar regisseur Stephen Nomura Schible laat zich daarin leiden door de anekdotes en herinneringen van Sakamoto. Die praat over de ijkpunten in zijn carrière; onder meer zijn soundtrack voor Merry Christmas, Mr. Lawrence en de Yellow Magic Orchestra waarmee hij de elektronische muziek vernieuwde. Maar vooral ook zien we zijn niet aflatende nieuwsgierigheid naar muziek en geluid. De documentaire werd gedraaid over een periode van een aantal jaar waarin bij Sakamoto keelkanker werd ontdekt en hij daarvoor werd behandeld. Hij stopte enige tijd met musiceren, maar zijn honger naar muziek en geluid blijkt niet te onderdrukken. En dus zien we hem met een emmer op zijn hoofd in de tuin staan om het geluid van regen op te vangen. Zien we hem met opnameapparatuur de bossen intrekken en naar de Noordpool afreizen.

De titel van de documentaire lijkt te suggereren dat 65-jarige Sakamoto in het eindspel van zijn leven is. En misschien is dat qua tijd ook zo. Maar zie zijn jongensachtige enthousiasme wanneer hij een interessante noot hoort, een geluid dat hem betovert, en je weet dat hij er zelf  nog lang niet klaar mee is. Ergens in de documentaire merkt hij op dat hij op zoek is naar een eeuwigdurend geluid. Een noot die nooit uitsterft. Een deur naar de eeuwigheid.

American Valhalla is nog te zien op 24 november
Silvana is nog te zien op 24 en 25 november
Eric Clapton: Life  in 12 Bars is nog te zien op 24 november
Kijk voor meer informatie en tickets op de site van het IDFA

Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken