Nu aan het lezen:

Grâce à dieu

Grâce à dieu

Grâce à dieu verbindt klein leed met systemische misstanden. De innig verweven vertellingen tonen de weg van trauma naar heling, waar onrechtvaardigheid en verzwijging obstakels vormen.

Kindermisbruik lijkt wijder verspreid in machtige kringen dan op het eerste gezicht, getuige zaken als Jeffrey Epstein en zijn connecties. Bij de Katholieke Kerk is het een terugkerend schandaal. Grâce à dieu verhaalt over een van deze schandalen, het decennialange kindermisbruik van de priester Bernard Preynat waarvan de rechtszaak op dit moment nog lopende is. Zijn advocaten probeerden ondanks Preynats bekentenis het uitbrengen van deze film tegen te houden.

Drie van Preynats slachtoffers kampen met moeilijkheden door de nare ervaringen uit hun jeugd. De vrome Alexandre brengt de bal aan het rollen nadat hij mede dankzij een bagatelliserende kerk besluit aangifte te doen tegen Preynat. Al snel volgen onder andere de strijdlustige François en de gecompliceerde Emmanuel. Voor de door François geïnitieerde vereniging van slachtoffers is het vechten tegen kerkelijk zwijgen en stigma’s omtrent het delen van ervaringen.

De caleidoscopische vertelling maakt de institutionele onwil zichtbaar met een discrete behandeling van de personages. Hun doen en laten, voorzien van voice-overs vol correspondentie met de kerk die hen van de kast naar de muur stuurt, brengt elegant thuis hoe uitzichtloos de strijd om rechtvaardigheid als individu kan lijken. Grâce à dieu vloeit hierbij moeiteloos van het ene hoofdpersonage naar de volgende, waardoor wel een aantal van hun motivaties in het luchtledige blijft hangen. De verhaallijnen komen zo abrupt afgesloten over, wat met name tegen het einde aan de film wat inconsequent voelt. Schrijver-regisseur François Ozon plaatst wel de verschillende omgangswijzen met het trauma tegen elkaar, van Alexandre die interne hervorming wil tot François die het geloof demonstratief afzweert.

Hun beproevingen nadat de zwijgcultuur is doorbroken brengt hij ingetogen in beeld. De systemische problematiek van de kerk is niet alleen te wijten aan interne corruptie waarvan de dichtgetikte kardinaal Barbarin het schoolvoorbeeld is, met zijn uitroep bij de pers dat godzijdank de meeste zaken verjaard zijn. Niemand leek het falen van de kerk te durven delen, noch naar buiten te treden over Preynats misbruik. Ozon weet daarbij net als in Frantz een grote kwestie gestalte te geven middels klein leed. De tactvolle flashbacks versterken het trauma van de personages door de bescheiden insinuaties. En de immer vloeibare samenstellingen waarin zij zich kwetsbaar naar elkaar opstellen werpen een nieuw licht op de zaak. Door de integere behandeling komt daarmee een leven na de gruwelijke ervaringen.

De verbeten roep van de vereniging om rechtvaardigheid en het voorkomen van meer slachtoffers bevat een tendens van hoop door moed. Het vervreemdende handen schudden met de dader, diens ongedwongen toegeven van zijn gedrag en de daarmee gepaard gaande christelijke vraag om vergiffenis is heftig in zijn onderkoeling. Daar staan de hartverwarmende toenaderingen met berouwvolle ouders en andere slachtoffers tegenover. Uiteindelijk lijkt Grâce à dieu daarmee niet zozeer te gaan over de strijd tegen institutioneel falen, maar een strijd om saamhorigheid en de daarmee gepaard gaande openhartigheid.

Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken