Nu aan het lezen:

Festivalverslag Camera Japan 2018

Festivalverslag Camera Japan 2018

 

Gisteren was de laatste dag van het Camera Japan Festival in Kriterion in Amsterdam dat van 4 tot en met 7 oktober plaatsvond in Filmtheater Kriterion en het EYE Filmmuseum. Van 26 tot en met 30 september spookte de 13e editie van het festival al rond in WORM en LantarenVenster in Rotterdam. Redacteur Luuk van Huët zag dit weekend drie films en deelt zijn indruk van het festival.

Een filmfestival in Kriterion is altijd fijn om te bezoeken dankzij de vele goede herinneringen die ik heb aan de locatie, zoals de edities van het KLIK Amsterdam Animation Festival die er plaatsvonden en daarnaast aan festivals als Rated X, Balkan Snapshots en Imagine. In Kriterion worden deze editie van Camera Japan recente Japanse films vertoond. Het festival draait in het EYE Filmmuseum als contrast juist stemmige klassieke zwart-witfilms van de regisseur Nobuo Nakagawa uit de jaren 40, 50 en 60.

De eerste film die ik in Kriterion zie is Foreboding van Kiyoshi Kurosawa. In Foreboding ontdekt de jonge fabrieksarbeider Etsuko dat haar man Tatsuo in de ban is van een nieuwe chirurg in het ziekenhuis waar hij werkt, Dr. Makabe Jiro. Deze chirurg blijkt echter overgenomen te zijn door een buitenaards wezen dat ter voorbereiding van een invasie onderzoek doet naar de mensheid door hun concepten te stelen. Terwijl op de achtergrond van de film de komende invasie alles overschaduwt, zet Etsuko alles op alles om haar man van de invloed van Makabe te bevrijden.

Foreboding is onderdeel van een tweeluik (samen met de voorgaande film Before we vanish) en oorspronkelijk een vijfdelige tv-serie, wat zou kunnen verklaren waarom de vaart er niet echt in wil komen. Van de twee uur en twintig minuten die de film duurt hadden er gemakkelijk dertig uit geknipt kunnen worden zonder dat het verhaal daar onder zou lijden. Desondanks weet Kurosawa met weinig middelen een bijzondere sfeer te scheppen en zit de film vol met intrigerende concepten, die helaas niet allemaal goed uitgewerkt worden.

De Midnight Movie op zaterdag is One cut of the dead van Shinichirou Ueda, waarin een filmcrew die bezig is met een low-budget zombiefilm opeens wordt aangevallen door daadwerkelijke zombies. In een enkele take van veertig minuten vlieg je als toeschouwer door een achtbaan, maar dan wel eentje die af en toe stil lijkt te vallen door onzinnige dialogen of te lang aangehouden shots. Na de aftiteling ontdek je de film achter de film: One cut of the dead is het doorbraakproject van de sullige regisseur Higurashi (Takayuki Hamatsu) die voor een tv-zender een zombiefilm mag maken. Maar dan wel op de voorwaarde dat deze live uitgezonden wordt in een enkele take van, je raadt het, veertig minuten.

De rest van de film toont het gestuntel in de pre-productie, met verwaande acteurs, logistieke ergernissen en de gezinsperikelen van Higurashi, zijn vrouw (zelf een voormalige actrice die wel erg method te werk gaat) en zijn inventieve, koppige dochter die zelf ook een filmfreak is. Tijdens de shoot gaat er van alles mis, maar door de vindingrijkheid van de cast en crew wordt er geïmproviseerd dat het een lieve lust is waardoor de eerste helft in een nieuw, hilarisch licht komt te staan. Zeker als je zelf ooit de set van een low-budget (horror)film hebt bezocht, deze ode aan filmmaken een feest der herkenning. Hoogstwaarschijnlijk wordt hij ook de publiekswinnaar van het festival.

Op zondag is The blood of wolves van Kazuya Shiraishi mijn laatste film van het festival. Wanneer de jonge, idealistische academicus Hioka Shuichi (Tôri Matsuzaka) bij de politie in Hiroshima gaat werken, wordt hij gekoppeld aan de ongemanierde, openlijk corrupte smeris Ogami Shogo (Yakusho Koji) die er bijzonder nauwe banden met de plaatselijke Yakuza op na blijkt te houden. Hioka wordt door Ogami flink door de mangel gehaald en walgt van zijn complete lak aan de regels en de wet. Gaandeweg draait hij wel iets bij als hij ziet dat Ogami op zijn eigen manier probeert een sluimerende Yakuza-oorlog te voorkomen tussen twee rivaliserende clans.

Gedurende de film blijken zowel Hioka als Ogami diepere motivaties te hebben waardoor The blood of wolves zich ontpopt als een soort kruising tussen Training day en de Yakuza-films van Takeshi Kitano. Wie de compleet bizarre perversiteiten van de Yakuza-films van Takashi Miike verwacht of de gruizige Battles without honour and humanity-films van Kinji Fukasaku, zal wellicht ietwat teleurgesteld worden aangezien de film wat minder geilt op buitensporig geweld, maar The blood of wolves beklijft als een buddy-cop-film met sterke rol voor Koji, die doet denken aan Al Pacino in zijn hoogtijdagen.

Helaas was er geen gelegenheid om meer films mee te pikken, maar gelukkig droeg een ontmoeting met oude bekenden van Kriterion na de film op zaterdag bij aan de ware festivalervaring en werd het ouderwets laat en gezellig. Camera Japan is gelukkig nog steeds een zeer gastvrij filmfestival met sterke programmering en een ontspannen sfeer. Wellicht volgend jaar toch de editie in Rotterdam ook even pakken.

Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken