Nu aan het lezen:

Brexit Countdown: Darkest Hour

Brexit Countdown: Darkest Hour

Het Verenigd Koninkrijk gaat ons verlaten. Wij vinden dat natuurlijk jammer en eren daarom in onze Brexit Countdown de cinema en televisie van Groot-Brittannië. Ditmaal de Winston Churchill-biopic Darkest Hour, waarin Thierry Verhoeven het pro- en anti-Europasentiment ontwaart.

In een debat dat voorafging aan het brexitreferendum illustreerde toenmalig premier David Cameron zijn pro-Europese standpunt met het gegeven dat hij dezelfde werkplek had als Winston Churchill. Vijf jaar lang had Churchill uit alle macht geprobeerd om het nazisme te stoppen en van Europa weer een democratisch continent te maken. Churchill als Europeaan: aparte keuze. Niet dat Cameron er volledig naast zat met zijn kenschets, maar Churchills gedachtegoed vindt in meerdere opzichten prima aansluiting bij voorstanders van een brexit. Churchill mag dan misschien de geschiedenisboeken in zijn gegaan als degene die Groot-Brittannië door de Tweede Wereldoorlog loodste en daarmee Europa hoop bood voor een bevrijding van tirannie, maar het was evengoed een koppige conservatieveling die het Britse Rijk weer terug naar zijn voormalige glorie wilde brengen. Churchill is als Britse Vader des Vaderlands voor beide kampen in het brexitdebat een bron van inspiratie en Darkest Hour laat aardig zien waarom.

Darkest Hour is niet bepaald de enige film over Winston Churchill, maar vanwege de regie van Joe Wright en Oscarwinnende hoofdrol van Gary Oldman waarschijnlijk wel de meest prestigieuze. De film voelt door de beelden en muziek groot en gewichtig, maar houdt het verhaal opvallend kleinschalig door het bijna geheel in Londen te laten afspelen over een periode van enkele weken in mei 1940. Die korte tijdspanne draagt mooi bij aan het gevoel van urgentie waar het hoofdpersonage mee wordt geconfronteerd. Geen tijd dus voor een obligate proloog waarin even Churchills jeugd wordt samengevat. Er is werk aan de winkel, dus gauw aan de slag. Eventueel relevante details over Churchills verleden kunnen later wel worden ingevuld.

Hoewel hij in de eerste twee scènes benoemd wordt, schittert Churchill daarin door afwezigheid. In een rumoerig Lagerhuis klinkt consensus voor de formering van een oorlogskabinet om op gepaste wijze de militaire strijd tegen nazi-Duitsland te voeren, maar niet onder leiding van huidig premier Neville Chamberlain, aangezien die zich in de voorgaande jaren ongeschikt zou hebben bewezen ongeschikt voor dergelijk leiderschap. Dus zodra zijn ontslag definitief is en rechterhand Viscount Halifax beleefd heeft geweigerd hem op te volgen, kan de conservatieve partij niet anders dan de baan richting Winston Churchill schuiven. Die is volgens het establishment van zijn partij weliswaar een absurde keuze voor het premierschap, maar de enige met wie de oppositie akkoord gaat als nieuwe leider.

Churchill wordt vervolgens geïntroduceerd als een verwarde man in bed, die rokend en drinkend op chaotische wijze een brief dicteert die bij voltooiing alweer overbodig blijkt, waarna hij direct zijn nieuwe typiste overstuur de kamer uit jaagt. Dit komt hem op een geagiteerde reactie te staan van zijn vrouw, die hem mooi de les leest door hem te attenderen op zijn achteruitgaande manieren. Churchill is bot, sarcastisch, bazig en grof geworden en hoewel zij nog door zijn dikke pantser heen kan kijken, vreest ze voor de publieke opinie. Ze dringt er aldus op aan dat hij zich geliefd zal moeten maken als hij naar behoren wil functioneren in het premierschap dat onvermijdelijk zijn kant op komt. Churchill blijkt ontvankelijk voor de kritiek, maar we hebben nog een aardig eind te gaan tot de inspirerende leider uit de geschiedenisboeken zich voor het eerst laat zien.

Churchill ziet het aanbod van het premierschap overigens niet bepaald als een eer (in zijn woorden krijgt hij de baan enkel omdat het schip zinkende is), maar hij hoeft er ook niet over te tobben en accepteert zonder enige terughoudendheid. Wanneer iemand zegt dat Churchill een immense taak wacht, is zijn reactie dat hij hoopt dat het nog niet te laat is om het tij te keren, maar daar wel voor vreest. Die vrees lijkt bewaarheid te worden wanneer de kersverse premier het ene na het andere slechte nieuws ontvangt als Nederland, België en Frankrijk kort na elkaar vallen voor de oprukkende nazi’s en het Britse leger op het Europese vasteland wordt teruggedrongen naar Duinkerke. Een ogenschijnlijk onvermijdelijke nederlaag zou het Britse eiland onverdedigbaar maken wanneer de net zo onvermijdelijke Duitse invasie komt. Churchill is nog maar nauwelijks begonnen of het einde van een vrij Groot-Brittannië lijkt al in zicht te komen.

Darkest Hour is ietwat ongebruikelijk gestructureerd wat betreft de persoonlijke ontwikkeling van de hoofdpersoon. Deze heeft namelijk al ruim voor aanvang van de film het juiste inzicht over welk kwaad zijn land (en de rest van Europa) bedreigt en dat is aan het einde niet anders. Het is echter het middenstuk waarin hij aan het wankelen wordt gebracht door Chamberlain en Halifax; twee rivalen die hij posities heeft gegeven in zijn kabinet in de hoop ze onder controle te kunnen houden, maar die zich niet makkelijk laten beteugelen. Laatstgenoemde dringt consequent aan op vredesonderhandelingen en weet Churchill dusdanig in het nauw te drijven dat hij daar schoorvoetend mee instemt. Dat maakt dit opvallend genoeg een van de weinige films waarin de politicus die pleit voor oorlog zowaar de held is en niet de pragmaticus die voor vredesonderhandelingen pleit. En dan ook nog een die nagenoeg vrij is van traditioneel machismo.

Churchill is echter niet feilloos in hoe hij te werk gaat. Hij mag dan de afgelopen tien jaar de waarheid over Adolf Hitler hebben verteld aan iedereen die hem maar wilde horen, maar daar maakt hij tot zijn grote spijt direct een einde aan in zijn eerste radiotoespraak aan het Britse volk, waarin hij de waarheid flink verdraait om de luisteraars maar niet van streek te maken. De titel begint daarmee gaandeweg meer en meer op Churchill zelf van toepassing te raken: in het donkerste uur drijft de man behoorlijk af van zijn overtuigingen en methodes, aan het twijfelen gebracht door de barrage van slecht nieuws en de druk van zijn op vredesbesprekingen aansturende politieke tegenstanders.

Echter, ‘vrede’ is in dezen een eufemisme. Een akkoord tekenen met nazi-Duitsland zou in de ogen van Churchill niets anders zijn dan wegkijken van hoe de rest van Europa lijdt onder tirannie. Wanneer Hallifax stelt dat er niets romantisch is aan je doodvechten, spreekt Churchill hem daar niet in tegen, maar lijkt hij simpelweg uit te dragen dat het alternatief (je onderwerpen aan een schurkenstaat) zo mogelijk nog erger is. Churchills strijdbaarheid wordt mooi samengevat in zijn observatie dat landen die vechtend ten onder gaan zich weer oprichten, terwijl landen die zich gedwee overgeven zo goed als verloren zijn. Het is het type Britse strijdbaarheid waar zowel voor- als tegenstanders van brexit zich maar te graag op beroepen.

Uiteindelijk ontwaart Churchill het licht aan het einde van de tunnel letterlijk in een tunnel. De man die in de oorlogsjaren het Britse volk blijvend zou inspireren, vindt zijn eigen inspiratie bij datzelfde volk door er in een metro mee in gesprek te gaan. Dit tafereel resulteert weliswaar in een ietwat potsierlijke scène, maar wel een die netjes in het verhaal past. Churchill laat immers al vroeg in de film tussen neus en lippen door ontvallen dat hij nooit met een bus of een metro heeft gereisd. Niet bepaald een man van het volk dus, maar dat hoeft ook niet zolang hij maar een man vóór het volk kan zijn. In de metro vraagt Churchill aan een gezelschap forenzende Londenaars expliciet naar hun mening over de prangende kwestie. Een soort verkapte volkspeiling dus. En zoals we weten van de brexit: de wil van het volk is wet.

Ironisch genoeg is degene die Churchill aanraadt het volk te raadplegen niemand minder dan de koning, met wie de premier tot dat moment een niet bijster goede band had. De twee mannen ontpoppen zich daarmee tot de vaders van de natie. Opponent Halifax baseert zijn drang naar vredesonderhandelingen eveneens op een paternalistische inslag. Hij hoopt dat het aantal slachtoffers tot het absolute minimum te beperken is, maar lijkt eigenlijk niets te geven om de mensen waarvoor hij opkomt en vreest vooral de cijfers. Churchill blijkt de betere leider omdat hij ondanks die vrees toch bereid is zware keuzes te maken. Wanneer de Britse troepen in Frankrijk ingesloten raken, geeft Churchill vierduizend soldaten opdracht zich te laten doodvechten zodat driehonderdduizend anderen kunnen worden gered. Een stevig offer, dat in veel films het teken van een calculerende maniak zou zijn, maar hier simpelweg een wanhoopsdaad van een leider die domweg geen andere opties heeft.

Darkest Hour eindigt met de befaamde ‘We shall never surrender’-toespraak, waarna Halifax de bekende observatie maakt dat Churchill zojuist de Engelse taal heeft gemobiliseerd. De taal waar Churchill zich van bedient, staat dan ook bol van symboliek. Zo wordt de oorlog een storm, het Kanaal een slotgracht en Groot-Brittannië simpelweg ‘ons eiland’. Het zijn termen die ook in deze roerige tijden nog volop worden ingezet in het politieke discours, maar de vraag is hoe relevant dergelijke oorlogsretoriek is in tijden van vrede. Dat is in grote lijnen waar Darkest Hour over gaat: erkenning van de situatie en daar gepast op reageren. Vredestijd vraagt om diplomatie terwijl oorlogstijd juist meer gebaat is bij doortastendheid, zelfs al neemt die vormen aan van koppige vijandigheid.

Uiteindelijk zou Groot-Brittannië als enige West-Europese land met opgeheven hoofd uit de strijd komen. Waar veel landen waren opgeslokt door het fascisme of daar actief aan mee hadden gewerkt, was het Britse eiland als enige niet veroverd of aan banden gelegd. Als een trots Gallisch dorpje dat moedig weerstand bood aan de Romeinse overheersers. Deze periode van Britse onverzettelijkheid is echter een voedingsbron gebleken voor het anti-Europasentiment waar de brexit uit voortkwam.

Want waar de andere de West-Europese landen zich na de oorlog onderworpen aan een diepgaande introspectieve nabeschouwing, resulterend in het idee dat een grondige onderlinge samenwerking nodig was om toekomstige oorlogen op het Europese continent te voorkomen, groeide in Groot-Brittannië een naoorlogse generatie op met verhalen die de Britse onverzettelijkheid prijzen als een manier om oorlogen mee te winnen. En het was met name die generatie die massaal stemde voor een Brits uittreden uit de Europese Unie. Het is dan ook tekenend dat de Britse onverzettelijkheid zowel de kiem was van een vrij en verenigd Europa als de kiem voor een Groot-Brittannië dat zich daar vanaf wendde.

Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken