Nu aan het lezen:

Baby Driver

Baby Driver

 

Het gezicht van Ansel Elgort is zo’n blanco babyface dat het niet alleen de nogal misleidende titel van Edgar Wrights nieuwe film rechtvaardigt; het is ook nog eens het perfecte gezicht voor het jonge enigma dat achter de getaway driver met het alter ego Baby schuilgaat. Wright besteedt het eerste deel van Baby Driver aan het tonen van Baby’s vaardigheden, en het langzaam uit de doeken doen van diens verleden.

Baby bestuurt de vluchtauto’s voor groepjes overvallers die zorgvuldig worden samengesteld door Doc (Kevin Spacey) en die nooit twee keer in dezelfde samenstelling opereren. Doc regelt ook de doelwitten en alle andere randvoorwaarden, zoals dus ook Baby. Hij heeft de jongeling betrapt toen die zijn auto stal en laat hem sindsdien de schade daarvan vereffenen door voor hem te werken. Baby doet dit met tegenzin en kijkt uit naar het moment dat hij bevrijd is van Doc.

Dit klinkt waarschijnlijk allemaal een stuk saaier op papier dan het in de film is, want Wright trekt alle registers open. Dat geldt vooral voor de achtervolgingsscènes, die tot in de puntjes uitgewerkt zijn. Iedere stuurbeweging, remactie en bijna-botsing heeft betekenis en impact. Het zijn overweldigende ervaringen die schreeuwen om re-winds, zodat je ze kunt ontleden. Hetzelfde geldt voor de scènes eromheen, zoals de voorbereidingen van de overvallen. Ook hier gebeurt zo veel in het acteren, reageren, het camerawerk en de montage dat het bijna overweldigend wordt. Vooral Jon Hamm en Jamie Foxx in twee uitzonderlijke rollen zijn een genot om naar te kijken. Het is Tarantino met het gaspedaal tot op de bodem ingedrukt.

De smeerolie in de motor is de soundtrack. De muziek is niet alleen ter begeleiding en timing van de overval en de getaway. Het is ook het ritme voor de montage, de camerabewegingen. Het is het ritme waarop Baby spreekt en beweegt. Baby Driver wedijvert met La La Land voor de titel van meest muzikale film die recent is uitgebracht.

Pas wanneer Wright zijn focus verlegt van de overvallen naar het dagelijkse leven van Baby schakelt hij terug. En wat mij betreft ook mis. Op het toneel verschijnt Shelly Johnson in Twin Peaks-dubbelganger Debora (Lily James), inclusief het standaarduniform van een serveerster in een diner, voor een meet-cute met Baby. In het daaropvolgende liefdesplot mist het soort energie en originaliteit dat de rest van de film kenmerkt.

Het lijkt erop dat Edgar Wright ons veel te tonen maar weinig te zeggen heeft. Dat is niet erg: de opleving van door pure actie gedreven films als John Wick, Mad Max: Fury Road en Drive bevalt heel goed. Het zijn allemaal bijna formalistische films – kunstwerken waarin vorm boven inhoud verheven wordt. Ik durf zelfs te zeggen dat als Baby Driver formalistischer was geweest de film er alleen maar beter van zou worden. Soms is muziek en een auto die je niet kan betalen alles dat je nodig hebt.

Leuk? Deel het even!
Typ en klik enter om te zoeken